Vanuit christelijke achtergrond denkt Alain Verheij in ‘Geld en goed’ na over de rol van geld in onze hedendaagse wereld

De Nederlandse theoloog Alain Verheij trekt samen met Mozes en Jezus ten strijde tegen armoede en ongelijkheid.

Sinds de jaren vijftig draagt ieder Amerikaans dollarbiljet het opschrift ‘In God We Trust’, op het Nederlandse stuk van 2 euro staat naast een portret van de koning ‘God zij met ons’ en toen bitcoinblock 666 666 aan de beurt was, voegde de miner er de Bijbeltekst ‘Do not be overcome by evil, but overcome evil with good – Romans 12:21’ aan toe. God en geld lijken iets gemeen te hebben, al was het maar dat je in de waarde van dat stukje papier in je portefeuille net zo goed moet geloven als in de schepper van de wereld. Waar beide elkaar ontmoeten, ontstaat echter wantrouwen. Rond een tv-dominee met een privéjet hangt meteen een vies luchtje. Zei Timotheus in de Brieven immers niet dat geldzucht de wortel van alle kwaad is?

God en geld lijken iets gemeen te hebben, maar waar beide elkaar ontmoeten, ontstaat wantrouwen.

Voor de jonge Nederlandse theoloog Alain Verheij, een kleine zelfstandige die leeft van zijn boeken en lezingen, is dat geen bezwaar om vanuit zijn christelijke achtergrond na te denken over de rol die geld in onze hedendaagse wereld speelt. Dat is wat hij in Geld en goed doet, vertrekkend vanuit Mozes en Jezus. Zo is er het verhaal over de vijfduizend gelovigen die Jezus en zijn apostelen gevolgd waren en die gevoed moesten worden. Een beetje onverwachts werd Jezus daardoor een evenementenorganisator, schrijft Verheij tongue in cheek, want alhoewel het natuurlijk Woodstock nog niet was, zorgde in die tijd zo’n massa volk voeden toch voor een heuse uitdaging. Maar Jezus bleef er kalm bij, begon de vijf broden en twee vissen onder de aanwezigen te verdelen en op het einde waren er twaalf manden restjes over. De economie die Jezus aanhing, aldus Verheij, was niet die van de schaarste, zoals wij ze kennen, maar die van het genoeg. Er is genoeg voor iedereen, alleen moet het wat vaker gedeeld worden. En daarom keert hij zich tegen ongelijkheid, filantropie en het vergaren van rijkdom, want dat is een veel te willekeurige manier van delen. Geld en vrijheid gaan volgens hem hand in hand, maar alleen als dat geld rechtvaardig verdeeld is. Om de welstand van de gemiddelde westerling op peil te houden zijn er momenteel twee niet-westerlingen aan de slag. Zij maken zijn kleren en smartphone en telen zijn voedsel. Die mensen doen dat ver onder de prijs en vaak in gevaarlijke omstandigheden en zijn niet vrij, net zomin als de rijke westerling trouwens, want die vreest onophoudelijk zijn kapitaal te zien slinken.

Allemaal goed en wel, denk u nu wellicht, maar moeten we dan met z’n allen christen worden en Jezus navolgen? Is dat niet wat naïef? Dat beseft Verheij ook. Om het kapitalisme omver te gooien moet je echter niet bij hem zijn. Hij gelooft meer in de kracht van groepen, van vrienden over denkers en doeners tot geloofsgemeenschappen, die door hun leven en consumptiegedrag aan te passen de wereld geleidelijk aan kunnen veranderen, want soms ben jij de druppel die uiteindelijk de emmer doet overlopen, zoals hij schrijft. En voor wie niet meteen overtuigd is, voegt hij er nog aan toe dat die kleine sekte uit Palestina allicht ook nooit had gedacht dat ze de grootste religie van de wereld zou worden.

Geld en goed

Alain Verheij, Atlas Contact, 190 blz., € 21,99.

Partner Content