Sebastián Lelio, regisseur van ‘Una mujer fantástica’: ‘Natuurlijk is mijn actrice zelf ook een transgender’

Daniela Vega had voordien nog nooit voor een camera gestaan. 'Ik heb eerst met haar aan het script gewerkt, zonder haar te vertellen dat ik haar ook voor de hoofdrol wilde.' © .
Dave Mestdach
Dave Mestdach Chef film van Knack Focus

Liefde kan een bitch zijn, zeker als je een transseksuele vrouw in het conservatieve Chili bent. Regisseur Sebastián Lelio over Una mujer fantástica, zijn film die zich al evenmin in een hokje laat stoppen. ‘Mijn hoofdpersonage is transgender. Mijn film is transgenre.’

Terwijl u dit leest, staat Sebastian Lelio allicht ergens op een filmset in Los Angeles om er samen met Julianne Moore een remake – of beter: een herinterpretatie – van zijn doorbraakfilm Gloria (2013) te draaien. Maar gelukkig vond de Chileense filmmaker de tijd om eerst in zijn thuisland Una mujer fantástica in te blikken. Daarin gaat het, net als in Gloria, om een vrijgevochten vrouw op zoek naar liefde, zij het dan geen al te goedgelovige dame van middelbare leeftijd, maar een zelfbewuste, transseksuele vrouw van rond de dertig wier leven op zijn kop komt te staan wanneer haar oudere amant een beroerte krijgt en sterft.

Aan familiale, seksuele en relationele issues dus geen gebrek in Una mujer fantástica. Maar Lelio, die ondertussen ook de laatste hand legde aan zijn Engelstalige debuut Disobedience (met Rachel Weisz en Rachel McAdams), mijdt de clichés en slogans waar nogal wat transgenderdrama’s in wentelen. Bovendien meet hij zijn genuanceerde vrouwenportret een gestileerd thrillerjasje aan en injecteert hij het met een dosis grootstedelijk realisme én een stevige scheut girlpower.

Natuurlijk is Daniela Vega zelf een transgender. Je laat een zwart personage toch ook niet vertolken door een geschminkte blanke acteur

Het resultaat, dat in Berlijn twee keer in de prijzen viel (beste scenario plus de Teddy Award voor beste lgbt-film) heeft iets van een kruisbestuiving tussen John Cassavetes en Pedro Almodóvar, maar dan met de Chileense hoofdstad Santiago als kosmopolitisch decor, én met transgenderactrice Daniela Vega in een lumineuze hoofdrol. ‘Ik heb het script nochtans niet geschreven met Daniela in gedachten’, bekent Lelio. ‘Het lag al vast dat de film over een vrouw zou gaan wier minnaar sterft, waardoor ze in de problemen komt. Alleen vond ik niet meteen een personage dat sterk genoeg was om dat verhaal te dragen. Uiteindelijk kwam ik heel organisch uit bij een transgender, en bij Daniela. Het was geen doordachte keuze. Ik ontmoette haar en de klik was er meteen. Eerst hebben we samen aan het scenario gesleuteld, maar zonder dat ik haar vertelde dat ik haar graag als hoofdrolspeelster wilde. Ik wilde dat zij het mij zou vragen, dat het voor haar als een natuurlijke evolutie zou aanvoelen. En zo is het ook gelopen.’

Nochtans had Vega nooit eerder voor een camera gestaan.

Sebastián Lelio: Klopt. Maar als ik een professionele acteur had gevraagd die zelf geen transgender is, zou dat iets onrespectvols hebben gehad. Ten tijde van de stille cinema werden zwarte personages vertolkt door blanke acteurs die hun gezicht zwart poederden. Dat was onnozel, racistisch en onnatuurlijk. Zo moet je anno 2017 ook niet afkomen met een man op naaldhakken om een transgender te spelen.

Opvallend: de film is een stuk gestileerder dan je vorige, die meer in de sociaal-realistische traditie zaten.

Lelio: (knikt) Ik vond het tijd om een breder palet te hanteren. Het verhaal liet dat ook toe. Het is een karakterstudie, een wraakthriller, een spookverhaal en een romantisch drama tegelijk. Gloria was bitterzoet impressionisme, Una mujer is meer totale cinema. Er zit wat Hitchcock in, Fassbinder, neorealisme, surrealisme… maar ook dat was niet zo gepland. Ik zocht naar de shots die het best de emoties uitdrukten en dat resulteerde in een gevarieerder aanpak. Net als het hoofdpersonage weigert de film gereduceerd te worden tot één identiteit, één genre. In het Spaans betekent ‘genero’ zowel ‘genre’ als ‘geslacht’. Mijn hoofdpersonage is transgender. Mijn film is transgenre. Cinema is de liefdesgeschiedenis tussen de camera en de personages, en echte liefde komt van twee kanten. Dat is iets waar ik als romantische ziel heel erg in geloof.

Heb je ter voorbereiding andere films over transgenders bestudeerd?

Lelio: Uiteraard kende ik Boys Don’t Cry (1999), waar ik indertijd danig van onder de indruk was, maar het waren vooral thrillers die me inspireerden, zoals Louis Malles Ascenseur pour l’échafaud. De scène waarin Daniela door de regen loopt, is zelfs een letterlijk citaat. Hopelijk valt dat niet te hard op. (lacht)

Sebastián Lelio, regisseur van 'Una mujer fantástica': 'Natuurlijk is mijn actrice zelf ook een transgender'

Wat opvalt: je film mijdt expliciete statements over holebi- en transgenderrechten.

Lelio: Dat is bewust. Veel lgbt-films willen advocaat zijn voor de lgbt-gemeenschap. Dat begrijp ik, en ik ben ook pro gelijke rechten, maar mijn film is per definitie al politiek, gewoon doordat hij bestaat, door een transgendervrouw te tonen met problemen die we allemaal kunnen hebben. Als je het normaal vindt dat transgenders dezelfde rechten hebben, moet je er ook normaal over doen. Dat vind ik een veel sterker statement. Cinema moet vragen stellen, maar het is aan de politiek om die te beantwoorden.

Hoe zit het in Chili met lgbt-rechten?

Lelio: Tijdens Pinochets dictatuur moesten holebi’s en transgenders een verborgen leven leiden. Ondertussen is Chili toleranter geworden, maar is er nog werk aan de winkel. Op alle niveaus. Daniela is working class, haar minnaar upperclass: in Chili, en in veel andere landen, is dat soms een even groot taboe als een heteroman die een relatie heeft met een transgendervrouw. Er zijn zo veel labels die een wig drijven tussen mensen. Gelovige versus atheïst. Hetero versus homo. Maar een van de meest universele is sociale klasse. En dat zal nog wel een tijd zo blijven.

Je hebt inmiddels de stap gezet naar Hollywood, net als je landgenoten Pablo Larraín en Sebastián Silva. Ook Andrés Wood, Patricio Guzmán en José Luis Torres Leiva gooien internationaal hoge ogen. Hoe komt het dat de Chileense cinema het tegenwoordig zo goed doet?

Lelio: Omdat we een gemeenschap vormen. In al onze diversiteit. We helpen en steunen elkaar, er is weinig jaloezie. We zijn ook allemaal opgegroeid onder Pinochet. Toen diens regime begin jaren negentig viel, bestond de Chileense cinema haast niet meer. Alles moest opnieuw worden opgebouwd. Onze generatie is daar het product van. We zijn doe-het-zelvers uit noodzaak. Toen we begonnen waren er geen filmscholen, geen festivals. Maar we wilden dolgraag films maken. Als de Chileense cinema momenteel mooie tijden beleeft, dan hebben we dat in die zin dus te danken aan Pinochet. (lacht)

Una mujer fantástica

Vanaf 30/8 in de bioscoop.

Hier staat ingevoegde content uit een social media netwerk dat cookies wil schrijven of uitlezen. U heeft hiervoor geen toestemming gegeven.
Klik hier om dit alsnog toe te laten

Partner Content