Van In einem Jahr mit 13 Monden (Rainer Werner Fassbinder, 1978), over The Crying Game (Neil Jordan, 1992) tot Boys Don't Cry (Kimberly Peirce, 1999): in het verleden werden duidelijk al uitstekende films over en met transgenders gemaakt. Aan dat hybride rijtje mag nu ook Sebastián Lelio's in Berlijn bekroonde Una mujer fantástica worden toegevoegd.
...

Van In einem Jahr mit 13 Monden (Rainer Werner Fassbinder, 1978), over The Crying Game (Neil Jordan, 1992) tot Boys Don't Cry (Kimberly Peirce, 1999): in het verleden werden duidelijk al uitstekende films over en met transgenders gemaakt. Aan dat hybride rijtje mag nu ook Sebastián Lelio's in Berlijn bekroonde Una mujer fantástica worden toegevoegd. De Chileense regisseur die vier jaar geleden een wereldwijde festivalhit scoorde met Gloria zoomt in op Marina, een transgendervrouw van dertig die gaat samenwonen met haar oudere amant Orlando. Na jaren van heimelijke afspraakjes tegen wil en dank lijkt het geluk haar eindelijk toe te lachen, maar die lach verandert algauw in een grimas wanneer Orlando plots sterft en de politie haar vrijwel meteen van moord verdenkt. Bovendien hoeft ze ook bij Orlando's familie, die niet van hun relatie op de hoogte was, niet op steun en begrip te rekenen, waardoor voor Marina de zoveelste strijd voor erkenning en tegen vooroordelen en discriminatie begint. Lelio etaleerde in zijn vorige films al een scherp oog voor sfeer en milieu, en dit keer lengt hij die sociaalrealistische stijl aan met een portie gestileerde suspense. Wat begint als een grootstedelijk liefdesdrama krijgt gaandeweg steeds meer de allure van een emotioneel doorbloede thriller, waarin Marina niet alleen door de flikken, maar ook door het spook van haar overleden minnaar wordt achtervolgd. Desnoods letterlijk. Net als het kranige hoofdpersonage - beheerst en lumineus vertolkt door transgenderactrice Daniela Vega - weigert Una mujer fantástica zich in een vakje te laten stoppen. Lelio serveert tegelijk een realistische milieuschets, een bij vlagen naar Alfred Hitchcock en Louis Malle knipogend wraakverhaal en een romantische tragedie. En dat met een leading lady die op geen enkel moment wordt gereduceerd tot een embleem van de lgbt-gemeenschap, maar die door Lelio met nuance, respect en de nodige triomfantelijke dollyshots wordt opgevoerd als een vrouw die onder alle omstandigheden stevig op haar naaldhakken staat. Een mooie, veelgelaagde en universele film over identiteit, compassie, zelfrespect en de naweeën van de liefde, met flair in beeld gezet door Chili's next big thing Sebastián Lelio en gecogeproduceerd door zijn landgenoot Pablo Larraín (No, Jackie) en Toni Erdmann-regisseuse Maren Ade.