Dwergen: je hebt ze in sprookjes en je hebt ze in de echte wereld, waar er dan weer veel sprookjes over hen de ronde doen. Over hun geslachtsdeel en of dat in verhouding is met de rest van hun lichaam. Over hun grootte en gewicht. Over hun nakomelingen. Het zijn zo van die zaken die je wel zou willen weten, maar enkel iets over leert als een persoon met dwerggroei er zelf over begint. Wat in het geval van het geslachtsdeel om begrijpelijke redenen zelden gebeurt. En dus blijft het voer voor speculatie en wilde verhalen.
...

Dwergen: je hebt ze in sprookjes en je hebt ze in de echte wereld, waar er dan weer veel sprookjes over hen de ronde doen. Over hun geslachtsdeel en of dat in verhouding is met de rest van hun lichaam. Over hun grootte en gewicht. Over hun nakomelingen. Het zijn zo van die zaken die je wel zou willen weten, maar enkel iets over leert als een persoon met dwerggroei er zelf over begint. Wat in het geval van het geslachtsdeel om begrijpelijke redenen zelden gebeurt. En dus blijft het voer voor speculatie en wilde verhalen. Wie een persoon met dwerggroei ontmoet, worstelt al genoeg met die ene existentiële kwestie of je best door de knieën buigt, op een stoel gaat zitten, een beetje bukt? Ook die ongemakkelijke verwarring spreken we meestal niet uit, waardoor we wat onhandig een schouderklop geven waarna we ons nog uren lopen af te vragen of dat niet al te kleinerend was. Om maar te zeggen: de normale mens kronkelt als een slang in pekelwater in zijn onverwachte confrontatie met al wie afwijkt van zijn norm. Dat kan natuurlijk beter. Gelukkig zijn er de mensen van productiehuis Roses Are Blue, die met Down the Road al hebben aangetoond dat ze het ongemak omtrent anders zijn op heerlijk ontspannende en zelfrelativerende wijze kunnen verlichten. Durf te vragen, hun nieuwste programma, doet geheel anders iets gelijkaardigs: aan dwergen, priesters, moslima's, mensen met een verslaving of mensen die van extreme seks houden gewoon vragen wat velen misschien willen weten. Een soort naïeve, onbekommerde vraag maar die in de beste der werelden ook de voorgebakken meningen verzacht, verzoet of vervormd. In Siska Schoeters hebben ze de perfect in vrolijkheid gemarineerde flapuit gevonden die ongekunsteld de anders dan 'normale' mens bevraagt en in korte filmpjes een ongeneneerd nieuwsgierige blik in hun wereld werpt. In de eerste aflevering waren dat dus mensen met dwerggroei. Zoals Kristien, een lerares wetenschappen. 'Wat kun jij dat wij niet kunnen?' wil Schoeters van haar weten. 'Aan mijn elleboog likken.' Waarop de klas het natuurlijk uitgiert, zeker wanneer ze met z'n allen aan hun elleboog proberen te likken en blijkt dat hun lerares dat effectief als enige kan. Maar het blijft niet bij ginnegappen en samen lachen. Hoe het met de liefde is, zo wordt Kristien gevraagd als ze even later thuis aan haar verlaagde aanrecht staat. Dat is een moeilijke, zegt ze met glazige ogen. Op de barkruk in de studio, met haar gezicht recht voor de camera beschrijft ze dat moeilijke. 'Het is hopen op iemand die verder kijkt dan de veel te kleine verpakking, die doorheeft dat mijn hart even groot, of groter is.' Willem heeft dan weer met zelfspot een scherm om zijn gevoelige plekken opgetrokken. Geboren met een energiestofwisselingsziekte, waardoor hij klein is, een hoge stem heeft en slecht ziet, omschrijft hij zichzelf als de man met een medisch dossier groter dan hijzelf. Schoeters lacht hartelijk terwijl ze samen met hem de kalveren op de boerderij van boer Bart voedt. 'Ik ben groot geworden op de boerderij', grijnst Willem. Zeker, de VRT heeft de voorbije jaren best wat programma's op ons afgevuurd die taboes willen doorbreken. In die zin is Durf te vragen weinig bijzonders. Maar in een wereld waarin het debat een oorlogszone is geworden en waarin vooroordelen muren zijn waarachter we ons graag verschansen, is het dat net weer wel. Dat heeft veel met Schoeters te maken. In al haar ongedwongenheid en verwondering laat ze met een groot gevoel voor humor elk van deze mensen groeien in zijn of haar waardigheid. O ja, en voor wie het absoluut wil weten, in de woorden van Willem: 'Alles is in verhouding, maar het werkt wel.'