Kan kloppen. Uit vorige wapenfeiten waren weinig gunstige prognoses ontsproten voor de verdere carrière van de New Yorkse band. Angles (2011) klonk belabberd, The Comedown Machine (2013) was deugdelijk maar onsamenhangend, de Future Present Past-ep (2016) overtrokken.
...

Kan kloppen. Uit vorige wapenfeiten waren weinig gunstige prognoses ontsproten voor de verdere carrière van de New Yorkse band. Angles (2011) klonk belabberd, The Comedown Machine (2013) was deugdelijk maar onsamenhangend, de Future Present Past-ep (2016) overtrokken. Anderzijds: hoe ouderwets broederlijk is het niet dat The Strokes nog steeds uit dezelfde vijf leden bestaat. Dat heeft nooit vijf neuzen in dezelfde richting gegarandeerd, maar op The New Abnormal is dat hoorbaar wél zo. Aparte songs tot hoogtepunten uitroepen is dan wel lastig, in het algemeen vallen een herwonnen spirit en afgestroopte façades niet te ontkennen. Want zonder goeie reden tegendraads wezen, verveelde cool uitstralen of koketteren met twijfel, daarvoor zijn The Strokes definitief te oud geworden. Wellicht heeft dat, samen met het besef dat niemand negentien jaar na Is This It nog een nieuwe Someday of Last Nite verwacht, veel druk van de schouders getild. Goed, lijzigheid blijft part of their design. Maar zelfs in de flagrantste manifestatie daarvan - dat moet het sloffende Why Are Sundays So Depressing zijn - verstoort dit de flow van de plaat niet. Evenmin derangeert het dat Bad Decisions mosterd lepelt bij Dancing With Myself van Gen X, of dat The Ghost in You van The Psychedelic Furs weerkaatst in Eternal Summer. Dat die lieden in de kleine lettertjes keurig hun credits krijgen, rijmt met de eerlijkheid waarin The New Abnormal gedrenkt lijkt. Eternal Summer vormt samen met het eveneens flink uitdijende At the Door de kern. Eerstgenoemde is een passende puzzel van gladde maar prikkelende gitaren, tussen rauw en zoet schipperende zang en een fonkelende Tame Impala-groove. De roerende, sobere synthhymne At the Door kon dan wel een solosingle van Casablancas wezen, in de eerste plaats is het een straffe song die de verwachtingen een hak zet. Cirkelen daar bedaard omheen: strakke, glimmend in de new wave gezette nummers zoals The Adults Are Talking en Brooklyn Bridge to Chorus, of het fijn uitgewerkte Selfless - nooit klonk Casablancas' falset beter op zijn plaats. Afsluiter Ode to the Mets duurt te lang, maar wie Casablancas in het statige register van Sinatra's My Way hoort zingen dat 'I'm gonna find out the truth', weet genoeg. Er staat ook snaakse onzin op de plaat ('You'd make a better window than a door'), maar bovenal is dit een proeve van waardige veroudering. Als zelfs The Strokes het al kunnen.