Michelle Pfeiffer ziet er fantastisch uit.Haar ogen staan wat wateriger en roder dan gezond is, maar dat wijt ik uit beleefdheid maar aan de jetlag. De actrice is tenslotte pas gisteren op het filmfestival van Berlijn aangekomen en moest er meteen in de bittere kou de rode loper op om Chéri in de schijnwerpers te zetten. Voor het overige lijkt haar schoonheid na een halve eeuw nog steeds onaards.
...

Michelle Pfeiffer ziet er fantastisch uit.Haar ogen staan wat wateriger en roder dan gezond is, maar dat wijt ik uit beleefdheid maar aan de jetlag. De actrice is tenslotte pas gisteren op het filmfestival van Berlijn aangekomen en moest er meteen in de bittere kou de rode loper op om Chéri in de schijnwerpers te zetten. Voor het overige lijkt haar schoonheid na een halve eeuw nog steeds onaards. Nu is het niet onze gewoonte om op de fysieke verschijning van acteurs te focussen, en zeker niet als ze op films met onder meer Al Pacino ( Scarface), Jeff Bridges ( The Fabulous Baker Boys), Daniel Day-Lewis ( The Age of Innocence) en Jack Nicholson ( The Witches of Eastwick en Wolf) kunnen bogen en ze als Catwoman in Batman Returns het leven van heel wat mannen een pak aangenamer maakten. Het is echter moeilijk - om niet te zeggen onmogelijk - om het níét over haar uiterlijk te hebben. Sinds haar carrièrepauze van vijf jaar om voor kind en gezin te zorgen speelt ze immers telkens opnieuw vrouwen voor wie leeftijd en schoonheid cruciaal zijn. Zowel in I Could Never Be Your Woman als in Stardust kroop ze in de huid van een dame die geobsedeerd is door het idee dat ze ouder wordt en aftakelt, in Hairspray in die van een voormalige schoonheidskoningin. Ook Chéri, een prikkelende verfilming van de roman uit 1920 van de Franse schandaalschrijfster Colette, zit in dat vaarwater. Pfeiffer stapt met veel overtuiging in de rol van Lea de Lonval, een Parijse courtisane op leeftijd die weet dat de aantrekkingskracht waarmee ze haar brood verdient op zijn einde loopt. En dan begint ze een stomende affaire met een veel jongere man. Chéri betekende voor Pfeiffer ook een blij weerzien metregisseur Stephen Frears en scenarist Christopher Hampton, met wie ze dik twintig jaar geleden Dangerous Liaisonsmaakte. Gespreksstof genoeg dus, maar het interviewbegint toch bij het geheim achter Pfeiffers slanke taille. Michelle Pfeiffer: Dank je voor het compliment, maar de waarheid is banaal. Ook ik moet rekening houden met het spijtige feit dat je naarmate je ouder wordt steeds minder mag eten. Vreselijk is dat. Tegen dat ik zeventig ben, zal ik enkel nog lucht mogen eten. Ik weet nog dat mijn grootmoeder elke dag hetzelfde at: een half sneetje toast met wat beleg. En toch bleef ze zo'n sterke vrouw. Toen vroeg ik me af hoe ze kon overleven, nu weet ik wel beter. Pfeiffer: Dat is zo, en ik probeer er sowieso van te genieten. Maar ik kan het me niet permitteren om niet op te letten. Ik zou binnen de kortste keren in een vet varken veranderen. Maar ik ga nog steeds graag aan tafel zitten. Pfeiffer: Ik moet wel, in deze business. Op zich zal ik niet ijdeler of zelfbewuster zijn dan iemand anders, maar ik moet rekening houden met professionele overwegingen. De mensen hebben een vertekend beeld van mij. Ze zien me enkel als ik aan een film werk of er publiciteit voor maak en dan ben ik fitter dan gewoonlijk. Dan let ik op mijn eten, probeer ik genoeg te slapen en breng ik veel tijd in de gym door. Als ik tussen twee projecten thuis bij mijn gezin ben, doe ik dat niet. Pfeiffer: Neen, want het is een uitzonderlijke rol. Kansen als deze krijg je niet vaak. Maar dat geldt in mijn ogen voor alle personages in deze film. Rupert Friend, die de titelrol speelt, zal ook niet elke week scripts van dit niveau te lezen krijgen. Het klopt dat er tegenwoordig meer interessante vrouwenrollen zijn. De keerzijde van de medaille is echter dat er minder films gemaakt worden, waardoor die toename geneutraliseerd wordt. Pfeiffer: Nooit. Daarvoor doe ik het te graag. (Lacht)Pfeiffer: Is dat zo? Ik denk altijd dat het publiek me kotsbeu is. (Lacht) Ik was zo verrast om gisterenavond bij de première van Chéri al die mensen te zien roepen. In de tweede helft van de jaren 90 had ik het gevoel dat ik heel veel werkte, en waarschijnlijk komt mijn indruk daar nog vandaan. Pfeiffer: Laten we zeggen dat ik het aangenaam zou vinden om eens iets anders te spelen. Aan de andere kant ben ik nooit naar bepaalde thema's op zoek en eerlijk gezegd kan het me ook niet schelen of ik in herhaling val, als het script maar de moeite loont. Ik denk ook niet dat je I Could Never Be Your Woman, Stardust en Chéri over dezelfde kam kunt scheren. Ze hebben elk hun eigen visie op het onderwerp. Als thema's terugkeren, is het vaak omdat ze sterk zijn en tot de verbeelding van het publiek spreken. Er zijn in het leven überhaupt, maar weinig echt originele onderwerpen. Pfeiffer: Mijn God, wat Stephen Frears allemaal heeft moeten doen om Darius zo ver te krijgen dat hij de scènes aan het einde van de film wilde draaien, waarin ik voor de spiegel zit en je mijn rimpels ziet! Hij kon het niet over zijn hart krijgen. Hij werd bijna hysterisch. Je zag hem steeds bleker wegtrekken. 'Zo ver wil ik gaan en geen stap verder', siste hij uiteindelijk. ' That's it!' (Lacht)Pfeiffer: Absoluut. En heel lief. Pfeiffer: Ik zou niet zeggen dat ik er nerveus van word, maar ik ben toch opgelucht als ze voorbij zijn. (Lachje) Je voelt je nooit echt goed bij die scènes. Pfeiffer: Dat is zo, en je doet er zeker alles aan om ze zo goed mogelijk in beeld te brengen. Maar je wil niet langer halfnaakt in dat bed liggen dan nodig. Stephen was gelukkig ook zo vriendelijk om die scènes pas helemaal aan het eind van de draaiperiode te filmen, waardoor Rupert Friend en ik elkaar al beter kenden en we ons meer op ons gemak voelden. Pfeiffer: Ik herinner me vooral hoe ik al mijn moed bij elkaar heb moeten rapen om op die piano te klimmen. Als je een script leest, sta je niet bij elk moment stil. Het was pas toen Steve Kloves, de regisseur, me eraan herinnerde dat we de volgende dag die scène zouden draaien dat ik me realiseerde dat ik op een piano zou moeten staan en zingen. Plots leek dat zo ongelooflijk onnozel. Ik heb Steve gesmeekt om iets anders te verzinnen. Ik was doodsbang dat ik mezelf belachelijk zoumaken. Maar hij beloofde dat hij het niet zo ver zou laten komen. Michael Ballhaus was toen cameraman en hij heeft die scène naar een heel ander niveau getild. Ik ben er hem eeuwig dankbaar voor. Pfeiffer: De waarheid is dat ik intussen nog zo'n rol heb gespeeld. In Personal Effects heb ik net als in Chéri een relatie met de zoon van Kathy Bates. Dus ja, ik val in herhaling. (Lacht) Ik heb wel vernomen dat de film door financiële verwikkelingen waarschijnlijk recht op dvd zal vliegen. Pfeiffer: Het is triest. Een film maken vergt zoveel energie en toewijding van zoveel mensen dat het altijd zonde is. Stel je voor dat je maanden of een jaar aan een boek schrijft en dan moet vaststellen dat het recht naar de afdankertjes verwezen wordt. Pfeiffer: Misschien wijst het erop dat het taboe bijna gebroken is. Je ziet het ook in het dagelijkse leven. Ik heb eigenlijk nooit begrepen waarom het een probleem hoeft te zijn. Het zou me niet verbazen als koppels met zo'n leeftijdsverschil evenveel kans maken als traditionele relaties. Waarom zou het dan een taboe moeten zijn? Pfeiffer: Niet veel, moet ik toegeven. Toen ik het script las, was ik echt verrast. Iedereen heeft die cliché-ideeën over dat wereldje van de dure gezelschapsdames. Wat ik zo geweldig vind aan Lea de Lonval, het personage dat Colette verzonnen heeft, is dat ze niets heeft om zich over te schamen. Het enige punt is de vraag wat je vindt van het idee dat een vrouw dus de keuze maakt om seks als koopwaar te gebruiken. Daar zal iedereen zijn eigen mening over hebben. Maar los daarvan is Lea een integer persoon, intelligent, ontwikkeld, gevoelig en medelevend. Zo'n personage had ik nog nooit gezien. Pfeiffer: Zeker als je er rekening mee houdt dat vrouwen op dat moment hoegenaamd geen macht hadden. Ze hadden geen inspraak in hun finan-ciële situatie, ze bezaten geen onroerend goed: noem maar op. Dat deden de courtisanes wel. Ze waren zeer geslepen zakenvrouwen. Maar iemand die voor anderen de weg effent, moet daar per definitie een prijs voor betalen. Dat heeft Colette trouwens zelf ervaren. Omdat ze haar tijd ver vooruit was, stootte ze vaak op onbegrip enafgunst. Er zit veel Colette in de figuur van Lea. Pfeiffer: Ik heb vooral haar biografie gelezen en natuurlijk ook het boek Chéri. Colette heeft zelf ook een affaire gehad met een veel jongere man - haar stiefzoon, om precies te zijn. Ze was echt een schandaalfiguur, iemand die ervan hield om taboes met de voeten te treden. Ze heeft Chéri bijvoorbeeld tot een toneelstuk bewerkt waarin ze zelf naakt op de planken stond. Een slechte vrouw kon je haar niet noemen, al was de stiefzoon met wie ze een relatie had amper zestien. (Lacht)Pfeiffer: O ja, en vooral de manier waarop ze met zo weinig woorden zoveel vertelt. Als je Chéri voor het eerst leest, lijkt het mooi geschreven, maar lichtvoetig en niet bijzonder complex. Als je het boek echter beter bekijkt en herleest, merk je dat je net als bij een ui telkens nieuwe lagen kan blootleggen. Alles is enorm specifiek en dat is de schoonheid en kracht van haar werk. Ze kan in één zin overbrengen waar anderen een hele paragraaf of pagina voor nodig hebben. Chéri Vanaf 8/4 in de bioscoop. Door Ruben Nollet