Theater: Van donderhoofd tot trekvogel

21/01/15 om 14:00 - Bijgewerkt om 15:21

Bron: Knack Focus

Knies' hoofd zit zo vol dat het elk moment kan ontploffen. Gelukkig valt er net een trekvogel uit de lucht, met raad en een luisterend oor. Bronks' 'Grote hoofden, kleine hartjes' is jeugdtheater van het zuiverste en schoonste soort, voor iedereen vanaf zeven jaar.

Theater: Van donderhoofd tot trekvogel

© FKPH

The Play = Grote hoofden, kleine hartjes

Gezelschap = Bronks

In een zin = Grote hoofden, kleine harten is grappig en rakend. Met de visuele kracht van beeldende kunst en het aanstekelijke spelplezier van theater legt deze fabel de vinger op de grootste wonde van onze samenleving: haar gebrek aan tijd om naar elkaar te luisteren.

Hoogtepunt = De scène waarin Broos en Knies in Knies' hoofd duiken en er 'zo veel oud verdriet' aantreffen waardoor er geen plaats is voor nieuwe, fijne gedachten en gevoelens.

Quote =

"BROOS: Als u alles daar blijft opstapelen, dan koekt dat allemaal samen / En dan gaat het schimmelen.

KNIES: Kunt u mijn gedachten lezen?

BROOS: Lezen niet, maar ruiken wel.

KNIES: U kan toch niet ruiken wat ik denk.

BROOS: Uw gedachten stinken. Ze ruiken naar schimmel en natte hond."

Meer info: www.bronks.be

Er hangt een wolk boven de kale scène, bestaande uit troebel, wit plastic. Wanneer de zaallichten doven, blijkt het een donderwolk te zijn. Of beter: een donderhoofd. Want van zodra Isabelle Van Hecke (als Knies) onder de wolk gaat staan (met haar beige handtas stevig tegen zich aan geklemd), krijgt de wolk een gezicht dat droevig kijkt, dan weer angstig loert of een zure grimas maakt.

Tegelijk met Van Hecke komt ook Wannes Cappelle (als Broos) de scène op. Of beter: hij gooit zich op de speelvloer en belandt als een uitgetelde trekvogel languit voor de eerste rij toeschouwers. Het gezicht van Knies wordt nog zuurder wanneer ze de 'indringer' ziet. Ze haat zijn levenslust, zijn vrijgevochtenheid en de liefde waarmee hij over over de wolken, de wind en zijn trekvogelmaatjes praat. Haar enorme hoofd wordt enkel maar groter als mensen (of rare, praatgrage vogels) er nog meer woorden en verhalen in proppen.

En jawel, trekvogel Broos zal kniesoor Knies helpen om het hoofd leeg te maken zodat ze weer ten volle kan voelen, lachen, praten en vrij als een vogel door het leven fladderen.

Zo voorspelbaar de verhaallijn is, zo zeldzaam puur en spits is de manier waarop dat verhaal verwoord, gespeeld en visueel vormgegeven wordt. Het brein achter dit alles is Reineke Van Hooreweghe. In 2011 schreef ze het verhaal Knies en Broos. Het werd een prentenboek met ranke, kleurige tekeningen van Monique Van Kessel. Van Hooreweghe maakte er ook een korte voorstelling over bij het Leuvense Artforum. Een typische jeugdvoorstelling was het, met een 'gezellig rommelig' en kleurrijk scènebeeld. Daar is in deze versie niets meer van overgebleven. Geen gezellige rommel, geen bonte bende, zelfs geen live van Wannes Cappelle (ook al werd het stuk aangekondigd als 'een theatervoorstelling met live muziek van Wannes Cappelle (Het Zesde Metaal)').

Van Hooreweghe stripte samen met haar acteurs het verhaal tot de essentie en geeft daardoor alle lucht en vrijheid aan de verbeelding van de toeschouwers. En laat dat nu precies zijn wat Broos ook aan Knies geeft: het vermogen zich vrij en onbezorgd te voelen. Van Hecke is een grappig bezorgde Knies die bang is van de wereld en bang om iets kostbaars te verliezen dus bewaart ze alles. En Cappelle maakte op de première een wat houterige start maar ontpopte zich algauw tot een sympathieke, speelse trekvogel met het filosofisch hart op de juiste plaats. Zijn blik - weifelend tussen nuchterheid, guitigheid en betrokkenheid - en rustige lichaamstaal maken hem tot de ideale Broos die doet wat niemand voor Knies doet: tijd maken om naar haar verhalen te luisteren.

Gezeten op iets wat op een houten viskoffer lijkt, plooit hij zijn lange, pezige lichaam tot een aandachtig hoopje luisterende mens. Langzaam loopt Knies' hoofd leeg en haar hart vol. Het resultaat is pure theaterpoëzie die toont hoe luisteren naar elkaars verhalen de angst wegneemt en vrolijkheid in de plaats brengt. Het maakt deze Grote hoofden, kleine hartjes tot klein, poëtisch theater met een grote impact op hart en hoofd.

Smaakmaker: Wannes Cappelle is vooral bekend als frontman van Het Zesde Metaal -

Els Van Steenberghe

Lees meer over:

Onze partners