Guido Lauwaert
Guido Lauwaert
Opiniemaker
Opinie

28/06/10 om 13:56 - Bijgewerkt om 13:56

Theater: Groeten uit Polen - deel 3

Needcompany's 'Sad Face / Happy Face' laat het Poolse publiek én onze recensent niet onberoerd. Hij ervoer moordlust en geluk...

Theater: Groeten uit Polen - deel 3

© Eveline Vanassche

Poznan, 28 juni. Maltafestival. Ik ben een vroege vogel en een nachtvisser. Zoals een politieagent zich onwennig voelt aan het eind van een dienst zonder bekeuring, ben ik knorrig na een dag zonder tikwerk. Er valt weer heel wat te vertellen. Gisteren, zondag, was een drukke dag. Na het maken van mijn huiswerk verdiepte ik mij in het boek dat ik gekregen had. Twintig jaar Maltafestival Poznan. Een prachtboek. Grafisch verzorgd, tweetalig, Pools en Engels. Hier moet je niet met Frans uitpakken. Niemand verstaat het. Elke enigszins ontwikkelde Pool spreekt een mondje of twee Engels en Duits. Ook Russisch. Maar ze gebaren van niet. Dat zal wel zo zijn voor de jonge generatie maar de oude kan deze jongen geen appelen voor citroenen verkopen. Het communisme heeft te zware wonden geslagen.

Buitenlandse pers

De festivaldirecteur, Michal Merczynski, heeft de buitenlandse pers voor een lunch uitgenodigd. Twee Duitse journalisten, eerlijk verdeeld over Oost- en West-Berlijn, en een halve Belg. Het is niet gemakkelijk om de buitenlandse pers naar dit festival te krijgen. De Engelsen halen hun neus op en de Franse zweren bij Avignon. We zitten met zes aan tafel. Naast de directeur en de pers, twee persdames. Een jongere voor de binnenlandse en een oudere, Jagoda, voor de buitenlandse. Wanneer halverwege de maaltijd Jagoda via haar mobieltje verneemt dat er een Finse journalist in het hotel is gearriveerd kan haar geluk niet op. 'Van de grootste krant van Finland!' zegt ze, rood aanlopend. 't Is te hopen dat het niet Het Laatste Nieuws van Finland is, wil ik zeggen, maar slik mijn woorden in. Ze is zo begaan met het wel en wee van festival en journalisten dat een flauwe grap grof en schandelijk zou zijn.

De directeur is een praatvaar. Eenmaal gestart is hij niet meer te stoppen. Zelfs niet bij de klassieke inbraakpogingen als 'Do you think' of 'I mean'. Ook een dreigend vingertje brengt hem niet van zijn stuk.

Naamsverandering

Het festival, begonnen als straattheater, is met de jaren uitgegroeid tot een allround gebeuren. Een dure affaire. Maar er is geld, geeft de directeur ruiterlijk toe, na een half uur geschiedenisles. De restauraties van de historisch panden gebeurt met geld van de Europese Gemeenschap. Het eigen geld wordt aangewend om het toerisme te bevorderen. Door middel van de kunst. Een bijkomend aspect van de ruim gevulde kassa is de naamsverandering. Heette het aanvankelijk Malta Festival, dan werd drie jaar geleden gekozen voor 'maltafestival poznan', gevolgd door het jaartal. Waarmee het bestuur de plaatselijke overheid kon overtuigen dat het festival niet naar een andere stad zou verhuizen en de naam van de stad nationaal en internationaal voortdurend in the picture kwam. Te vergelijken met Festival d'Avignon, Filmfestival Berlin, Cannes, Gent. De stadsvermelding was ook cultureel belangrijk, want Poznan mag dan 800.000 inwoners tellen, een echte cultuurstad is het niet. Het echte culturele leven speelt zich af in Krakau en Warchau. Of hoe ambitie plaatselijke politici alles doet gebruiken ten eigen baat. Want op de voorstellingen zie je ze niet. Net als in Vlaanderen. Daar verschijnen ze ook alleen maar als het in hun kraam past.

De dodenklas

De perslunch gaar door op een overdekt terras op de Oude Markt. De directeur wijst me op een passerende dame met vriendin. 'The left one is the daughter of Tadeusz Kantor,' zegt hij. Ik sta recht en spreek haar aan. Zeg dat ik de voorstelling 'De dodenklas' van haar vader in Gent heb gezien. In de Zwarte Zaal. Een rudimentair ingerichte theaterzaal in de beeldenkunstacademie, maar indertijd enig in zijn soort in Vlaanderen. Haar moeder speelde erin mee, niet? Zij bevestigt het. Zelf is ze geen actrice. Teveel met theater geconfronteerd geweest in haar jeugd. Tot in de huiselijke sfeer toe. Al volgt ze wel het theatergebeuren. Gaat sporadisch naar een voorstelling kijken. Ze werkt op het Goethe-instituut in Warchau. Ik zeg haar dat een vriend van mij, Freddy de Vree, net als ik zo geraakt was, dat de voorstelling hem heeft geïnspireerd voor een gedichtencyclus, en dat de bundel uiteindelijk de naam van de voorstelling kreeg. Vaag blijkt ze zich iets te herinneren. 'Was it a black book?' Ik knik. Ze geeft mij een kus op de wang en draait de knop om. Met haar vriendin wandelt ze de anekdote uit.

Wilde vaart

De perslunch, geschat op een uur, duurt uiteindelijk drie uur. We moeten ons dus haasten naar de minibus die aan een rotvaart door de stad scheurt naar het congrescentrum voor de voorstelling Sad Face / Happy Face van Jan Lauwers & Needcompany. Een trilogie gespreid over zes uur en half. Twee pauzes. Full house. Naar schatting driehonderd mensen, overwegend jonge twintigers.

Het eerste en langste deel, Isabella's room, maakt de meeste indruk. De voorstelling wordt gedragen door Viviane De Muynck. Als blinde dame sleurt ze alle andere acterende dansers / dansende acteurs mee in een wilde vaart door haar herinneringen, verbonden aan de verzameling Afrikaanse kunst, als in een galerie ter plekke uitgestald, die haar overleden man in zijn leven vergaarde. Het geheel ruikt naar de decadentie van de Belgische koloniaal in wit kostuum die de malaria bestrijdt met whisky met ijsblokjes. Jan Lauwers speelt de man in het wit. Hij slentert over het toneel, danst een enkele keer een pasje mee en kijkt oprecht gelukkig naar de actie. Hij heeft, net zoals de andere stukken, de voorstelling geschreven, gebaseerd op familieverhalen en de geërfde Afrikaanse kunstbeelden. Je ziet dat hij de voorstelling zag terwijl hij het schreef. Aan het eind een staande ovatie. Het publiek begrijpt dat België nooit los zal komen van Congo. De verdienste van Jan Lauwers.

Titel

Het tweede deel, The Lobster Shop, is de neerslag van aan nachtmerrie, gebaseerd op de verdrinkingsdood van de zoon van een bevriend koppel. Een hoog Denis Potter gehalte. Na de voorstelling zeg ik hem dat. Hij antwoordt dat ooit iemand dat ook gezegd heeft, maar dat hij het werk van de Engelse auteur niet kent. Jan Lauwers gaat nog een trapje hoger op de erotische ladder dan Potter. Alles is altijd in beweging. Logisch. In een droom zowel als in een nachtmerrie komen altijd spookbeelden opduiken die nu eens aan het basisgegeven gelinkt zijn en dan weer er [ogenschijnlijk] totaal los van staan. Het oordeel van het publiek is verdeeld. Enkele haken af. Verdwijnen. Het is ook een zware dobber. Toch denk ik dat dit deel van de trilogie Lauwers na aan het hart ligt.

Het derde deel, The Deer House, is geïnspireerd op de dood van een broer van een danser, een oorlogscorrespondent. De oorlog is dan ook nadrukkelijk aanwezig. Maar zijn de doden ook werkelijk dood? Het is niet omdat iemand dood is dat hij niet meer leeft. De dood is wat de mensen ervan maken. De ene stelt de dood dramatischer voor dan de andere. Dat is wat ik heb menen te begrijpen. Maar niet iedereen ziedt het zo. Opnieuw haken enkele koppels af. Toch houdt de meerderheid het vol bij dit bloedblad. Aan het eind een staande ovatie.

Envoi

Mijn buurvrouw rechts naast mij in de tribune zegt in een pauze dat ze eerstejaars dansstudent is, maar dat ze vanavond meer geleerd heeft dan in een heel jaar dansles. Ze had veel zin om mee te dansen. Het maakt mij blij. Laat mij het gedrag van mijn buurman links van mij vergeven. Maar niet vergeten. In het eerste deel heb ik hem een paar maal moeten dwingen op te houden met zijn benen te wippen. In het tweede deel zat hij voortdurend zijn vingers te kraken. En in het derde deel had hij last van een aanhoudende hik, als gevolg van een slappe lach. Ik zou hem hebben vermoord, als hij niet in het naar buitenstromend publiek was opgelost. Ik heb mij dan maar in een gesprek met Jan gegooid en Viviane aan de borst gedrukt. Ze bedankte mij voor de komst. 'Zo lang geleden dat we elkaar nog gezien hebben. En net hier, in Polen gebeurt het'. 'Waar ook ter wereld,' zeg ik, 'als het maar in het theater is. Zij lacht. Ik lach. We are all happy. And the night is sweet.

Guido Lauwaert

Onze partners