In 'Nicht Schlafen' mixt Alain Platel Mahler met Afrikaans gezang: méér van dat

28/10/16 om 15:40 - Bijgewerkt op 29/10/16 om 08:29

Bron: Knack Focus

Alain Platel had maar weinig voeling met Gustav Mahlers muziek. Dat vond hij een prima reden om zich in het oeuvre van de romantische componist te verdiepen. Hij omringde zich met uitmuntende dansers én een geweldige scenograaf, niemand minder dan een van zijn grote inspiratiebronnen: Berlinde De Bruyckere.

In 'Nicht Schlafen' mixt Alain Platel Mahler met Afrikaans gezang: méér van dat

© Chris Van der Burght

The Play = Nicht Schlafen

Gezelschap = Les Ballets C de la B

In een zin = Een bruut bruisende voorstelling over het belichamen van en het hoofd bieden aan de meest ingrijpende emoties en levensmomenten.

Hoogtepunt = De scène waarin Mahlers muziek gemixt wordt met Afrikaans polyfoon gezang. Die scène zuigt je naar het puntje van je stoel. Zo veel power, passie en branie spat er dan van de scène.

Meer info: www.lesballetscdela.be

Een wild om zich heen stampend paard, in volle val. Verstijfd. Dat beeld plaatst Berlinde De Bruyckere in Nicht Schlafen centraal op de scène. Toch snoept het dier geen aandacht af van de dansers. Simpelweg omdat Alain Platel De Bruyckeres beeld slim introduceert: tijdens het binnenkomen van het publiek laat hij zijn dansers naar het beeld kijken. En dat doe je ook zelf nadat je hebt plaatsgenomen in je zitje.

Resultaat: je bent al helemaal gewend aan het imposante beeld wanneer de lichten doven. Vervolgens begint er een afscheidsritueel maar het kan evengoed een verering zijn. Platel laat de voorstelling heel zacht, met kleine bewegingen en klingelende geluiden 'openbloeien'. De bewegingen worden almaar onstuimiger en algauw rollen de negen dansers vervaarlijk vechtend over de grond. Ze trekken elkaar de kleren van het lijf, stampen en trekken aan elkaar, ... tot een streepje dramatische Mahlermuziek wat rust en harmonie, of beter: verstilling, brengt. Tijdens en na die woeste openingsscène ontstaan er ogenschijnlijk toevallige ontmoetingen tussen twee dansers die, bijvoorbeeld, in elkaars armen vallen of steun zoeken op elkaars rug. Platel componeert zo bloedmooie portretten van hetgeen nauwelijks schoon te portretteren is: lijden, aanbidding, vechten,... Betekenis en emotie schuilt niet alleen in de virtuoos rondzwiepende ledematen en rompen maar evengoed in een openstaande mond, een doorborende of ijle blik. 'Allemaal goed en wel maar waar gáát dit stuk over?', vraagt u zich intussen af. Daarover. Over het belichamen van en het hoofd bieden aan de zwaarste emoties en levensmomenten.

Delen

Alain Platel componeert bloedmooie portretten van hetgeen nauwelijks schoon te portretteren is: lijden, aanbidding, vechten,...

Platel flirt daarbij virtuozer dan ooit met (schijnbaar) toeval en vrijheid. Zijn danstaal lijkt steeds meer de taal van het toeval te worden, weliswaar gretig gebruikmakend van zijn intussen typische bewegingen: het ter plaatse rennen, tranceachtig trillen of het opgaan van de dansers in een kronkelende hoop hulpeloos, rillend vlees. Want de dansers lijken in deze creatie meer dan ooit op tot leven gekomen wassenbeelden van De Bruyckere: even tenger, even gespierd, evenzeer vol van weemoed, pijn, verdriet. Platel 'beeldhouwt' als het ware met de lijven van zijn dansers. Die lijven incorporeren het leed, angst, verdriet. Ze tollen, tuimelen, glijden en stuiteren over de scène maar belanden uiteindelijk altijd in een troostend paar armen of in een helende groepsdans.

Net wanneer je betwijfelt of Platel meer dan anderhalf uur kan boeien met dit dansante portret van de emoties die een mens doen dubbelklappen, ontploft de boel en wordt er een feestje met Afrikaanse ritmes en gezang gebouwd. Boule Mpanya en Russell Tshiebua, twee dansers uit Platels vorige creatie Coup Fatal (waarin Congolese dansers / muzikanten het barokrepertoire herinterpreteerden), palmen tijdens die scène de ganse zaal in. Wat. Een. Overweldigende. Scène. Ze vormt het vlammende, levenslustige hart van deze voorstelling. Ze biedt het antwoord op alle getormenteerdheid. 'Vier het leven', is haar mantra.

Er had zo veel meer Afrikaans vuurwerk in deze voorstelling mogen zitten. Al zegt dit wellicht meer over de liefde van ondergetekende voor dit continent dan over deze bruut bruisende voorstelling waarin portretten van de heftigste emoties in galop aan je voorbijtrekken en beroeren.

Smaakmaker:

Els Van Steenberghe

Onze partners