Spot festival 2015 @ Aarhus: tien om te onthouden

04/05/15 om 17:24 - Bijgewerkt om 17:24

Van de 180 groepen die tijdens het Spot festival in het Deense Aarhus de aandacht poogden te trekken, hebben wij er hooguit twintig kunnen zien. Maar kiezen is een kunst: deze tien zinderen ook vandaag nog hard genoeg na om onze oren bezet te houden.

Spot festival 2015 @ Aarhus: tien om te onthouden

© GF

DANIEL NORGREN

Deze 31-jarige Zweed wist ons drie jaar geleden al eens weg te blazen op Spot, met een set die het midden hield tussen rurale blues en rammelende swamprock. Intussen is Daniel Norgren met het fantastische 'Alabursy' al aan zijn vijfde cd toe (bij ons vanaf 1 juni in de winkel) en daarop klinkt hij als een verknipte lofi-folkie die zijn introspectieve verhaaltjes illustreert met elektronica en ijle harmoniumgeluiden.

Norgren, afwisselend actief op piano, accordeon en gitaar, liet zich live begeleiden door een drummer en een keyboardspeler die af en toe een contrabas bepotelde. De zanger huilde naar de maan, zoals Tom Waits, Jeffrey Lee Pierce en Dr John hem dat ooit hadden voorgedaan, maar eigenlijk klonk hij toch vooral als zichzelf. Veel van zijn songs, zoals 'Everything You Know Melts Away Like Snow', deden tegelijk hymnisch en desolaat aan. 'Why May I Not Go Out and Climb the Trees' was intrigerende appalachenfolk, terwijl het uitgesponnen 'Moonshine Got Me' (uit zijn vorige cd 'Buck') voorzien werd van snijdend gitaarwerk.

Daniel Norgren is een natuurtalent dat wel eens een onuitwisbare stempel op dit muziekjaar zou kunnen drukken. Onthoud de naam en mis hem niet, woensdagavond in de Brusselse ABClub.

SVIN

Als we even kort door de bocht mogen gaan: dit Deense kwartet klinkt als Swans die, na een nachtje stappen met John Zorn, los gaan in een elektronische speeltuin. De groep speelt uiterst fysieke powerjazz, waarin een thrashgitaar in de clinch gaat met een sax van het type dat dreint als een kerkorgel, terwijl de drummer te keer gaat alsof er nog een heel regenwoud te rooien valt.

SVIN blijft een overweldigend gezelschap dat noise koppelt aan trefzeker minimalisme en je eerst hypnotiseert en vervolgens knock-out slaat. Maar met enkele windstille nummers bewijzen de heren dat ze best ook tot subtiliteit in staat zijn. Op 22 mei te zien in de Gentse Kinky Star.

NILS GRÖNDAHL

Nu Under Byen, misschien wel de uniekste groep die Denemarken ooit heeft voortgebracht, na vijftien jaar een stille dood is gestorven, geeft haar violist en zaagspeler zich weer helemaal over aan het experiment. Nils Gröndahl, die net de lp 'Endlos Rutinen' uitbracht, bouwde in zijn eentje, met behulp van allerlei pedaaltjes en een loop station, een vreemd universum op waarin hij aansluiting vond bij hedendaags klassiek maar net zo goed aan Black Sabbath verwante 'fiddlemetal' speelde: zijn riffs deden meermaals aan een gitaar denken.

Met zijn meer intimistische nummers sprong hij zelfs in het vaarwater van Blixa Bargeld. Wat een Deen bezielt in de taal van Goethe te zingen? Wel, Gröndahl groeide op in het grensgebied met Duitsland en kan dus verbuigen als de beste.

SHINY DARKLY

Weinig nieuws onder de zon bij Shiny Darkly, een kwartet dat zich gulzig laaft aan The Velvet Underground, The Jesus & Mary Chain en Black Rebel Motorcycle Club en aan zijn sound ook nog eens fikse scheuten sixties garage en psychedelica toevoegt. Maar deze jonge snaken doen hun ding wél met bevlogenheid en volle overgave.

Vooral zanger-gitarist Kristoffer Bech staat op het podium met de verbetenheid van een soldaat die nog wil doorvechten terwijl hij al met de rug tegen de muur staat. Na enkele goed ontvangen, zwartgeblakerde ep's is Shiny Darkly nu klaar voor het grote werk met 'Little Earth', een volwaardig langspeeldebuut dat op 1 juli tot ons komt via Crunchy Frog.

MAGGIE BJÖRKLUND

Filmische Americana, alt-country met psychedelische invloeden en rafelige woestijnrock. Dat is de core business van Maggie Björklund, een behendige pedalsteelgitariste uit Kopenhagen die deel uitmaakt van Jack Whites band The Peacocks en eerder al te horen was bij Giant Sand.

Op haar eigen cd's 'Coming Home' en 'Shaken' kon ze dan weer rekenen op gastbijdragen van Mark Lanegan, Jon Auer (The Posies), Kurt Wagner (Lambchop) en de heren van Calexico. Op Spot gaf ze een sfeervol concert, waarbij ze haar recente songs, geïnspireerd door de dood van haar moeder, verder liet inkleuren door gitaar, drums en een treurende cello.

THE CABIN PROJECT

The Everly Sisters met een fikse scheut country-noir. Zo zou je The Cabin Project, een gelegenheidsallantie van de zangeressen Marie Fisker en Kira Skov, nog het best kunnen omschrijven. Ook live deden hun dialogerende stemmen zeer organisch en intimistisch aan. Fisker en Skov werden geassisteerd door een twangy gitarist en een toetsensman die regelmatig ook wolkjes sax of dwarsfluit de zaal inblies.

Qua sfeer hield The Cabin Project het midden tussen Leonard Cohen en Peggy Lee en ook zijn cover van Ewan McColls 'The First Time Every I Saw Your Face' was prachtig. Toch dreigde na een poosje de eenvormigheid toe te slaan. De toevoeging van een drummer had wellicht wonderen kunnen doen.

JOSEFIN ÖHRN & THE LIBERATION

Een Zweedse chanteuse met Waalse voorouders. Een potige band die zijn sound onderdompelt in reverb en in de weer is met motorik beats, bewerende krautrockgitaren en dubby keyboards. Jawel, Josefin Öhrn & The Liberation wisten ons op Spot aangenaam te verrassen. Dat deden ze middels een wall of sound waarvan de architectuur ontstaan leek op de tekentafel van Spiritualized.

De meeste songs steunden op een meeslepende groove, maar in de wat meer ingetogen momenten had de zangeres ook wel iets van Hope Sandoval. 'Diamond Waves', de jongste EP van de groep, klinkt ons net iets te gepoljst in de oren, maar op het podium trok het septet uit Stockholm alle registers open.

JACOB BELLENS

Bij ons is hij vooral bekend als de stem van het folk-noirduo Murder en de indierockband I Got You On Tape, maar in Denemarken is Jacob Bellens, een singer-songwriter met Vlaamse roots, al een poosje aan een solocarrière bezig. Zichzelf begeleidend op piano en geruggensteund door een vijfkoppige band bracht hij tijdens Spot vooral materiaal uit zijn jongste cd 'My Convictions': barokke, introspectieve maar soms ook speelse popsongs waarin hij zijn warme bariton en laconieke voordracht ten volle wist te benutten.

Stuart Staples van Tindersticks is al een overtuigde fan en met zijn volgde plaat, waarvoor hij samenwerkt met het elektronicagenie Kasper Bjørke, zal hij zijn aanhang wellicht nog vergroten.

BLAUE BLUME

De internationale 'buzz' rond dit kwartet uit de havenstad Kolding klinkt almaar luider, zodat we geredelijk kunnen aannemen dat Blaue Blume dit jaar op brede schaal zullen doorbreken. In Aarhus was de belangstelling voor deze romantici, die na enkele ep's weldra hun eerste cd uitbrengen, alvast overweldigend. De tussen post- en progrock laverende nummers van Blaue Blume zijn vernuftig geconstrueerd en bevatten zowel pregnante stiltes als lange instrumentale uitweidingen.

Talk Talk meets Antony & The Johnsons, zeg maar. De magneet (of de achilleshiel) van de band is het soepele, androgyne stemgeluid van Jonas Smith. Bianca Castafiore? Een mannelijke Tracy Chapman? Smith plukte jubelend alle sterren van de hemel, maar zijn pathos is wellicht niet aan iedereen besteed. Oordeel dus vooral zelf wanneer Blaue Blume in juli aantreden op Boomtown in Gent.

JÚNIUS MEYVANT

Nu de IJslander Ásgeir internationaal is doorgebroken, lijkt het de beurt aan diens landgenoot Június Meyvand, een jonge singer-songwriter die een muzikale weg bewandelt tussen folk en Stax-soul. Qua stem doet hij een beetje denken aan Ray LaMontagne en zijn wiegende single 'Cold Decay' krijgt alvast heel wat airplay op Amerikaanse radiostations.

De man, gezegend met een droog gevoel voor humor én een Booker T & The MG's-achtige band, bleek overigens nog méér goeie songs in de aanbieding te hebben. Eén minpuntje slechts: die synthetische strijkers en blazers waren zijn songs onwaardig.

Onze partners