Nieuw album van Kendrick Lamar: Het opus van een grote artiest

24/03/15 om 15:05 - Bijgewerkt om 15:38

Bron: Knack Focus

'Float like a butterfly, sting like a bee', bazuinde bokslegende Mohammed Ali ooit. Kendrick Lamar neemt die woorden ter harte en deelt met To Pimp a Butterfly een uppercut uit. Het rappende zwaargewicht gaat in de clinch met zijn geweten en sleurt de hele hiphopmeute mee in het gevecht.

Nieuw album van Kendrick Lamar: Het opus van een grote artiest

Kendrick Lamar © gf

Kendrick Lamar

To Pimp a Butterfly

hiphop

Interscope / Top Dawg

Vreemde interventie van gerenommeerd producer, drummer, leider van The Roots en muzikaal allesweter Questlove in de hetze over Blurred Lines van Robin Thicke versus Marvin Gayes Got to Give It Up. Op Twitter: 'For hip-hop's sake I am siding with Robin Thicke. Just because a song is derivative that doesn't mean it's plagiarized.'

Wie het belang van hiphop ter harte neemt, kan beter elders terecht dan bij Robin Thicke, een halftalent dat opbiechtte dat hij tijdens het creatieproces van Blurred Lines er voor spek en bonen bij zat, high op pijnstillers. Evenmin deed Questlove iemand een plezier door te verkondigen dat Pharrell Williams, coauteur en producer van de betwiste monsterhit, zich nu eenmaal altijd baseert op andere songs: 'That's how Pharrell works.'

De vrees bestaat namelijk dat het verdict van een rechter in California dat Blurred Lines effectief een flauw doorslagje is van Got to Give It Up een precedent schept dat het kunstenaars onmogelijk maakt om zich te baseren op andermans creativiteit. En dat is nonsens. Elkeen mag zich de pleuris baseren op en hulde brengen aan. Niet wat je doet, maar hoe je het doet, dáár ligt het onderscheid tussen zij die genoegen nemen met op de schouders van reuzen te staan en zij die zelf reus worden door wat voor hen kwam naar een hoger niveau te tillen. Kendrick Lamar illustreert dat meesterlijk met To Pimp a Butterfly.

Het begint bij de intrigerende titel - afgeleid van To Kill a Mockingbird, de klassieke coming-of-ageroman van Harper Lee over gekleurde discriminatie en gerechtigheid. Een sample van de Jamaicaanse zanger Boris Gardiner opent cynisch de debatten: 'Every nigger is a star.' George Clinton, opperpriester van de p-funk, vraagt 'take a deep look inside / are you really who they idolize?', en Lamar worstelt, over flitsende funk van Flying Lotus, met het antwoord.

Roem en dollars, allemaal goed en wel, maar Uncle Sam, zijn kredietverstrekkers en belastinginspecteurs hebben daarbij het laatste woord. Laat je niet pimpen door de overheid, oppervlakkig materialisme voedt het beest dat je verwenst, luidt de boodschap, terwijl een koortje treiterend 'we should'a never gave niggas money' zingt. Wesley's Theory heet de binnenkomer - naar Wesley Snipes en de fiscusperikelen die hem drie jaar cachot kostten - en die is op zich al een essay waard, maar er volgen nog 15 tracks.

Met zijn één uur en negentien minuten benut To Pimp a Butterfly elke seconde van de maximumcapaciteit van een cd, en Lamar dwingt behalve zichzelf ook de luisteraar tot het uiterste. De technisch superieure flow van de tweevoudige Grammywinnaar, editie 2015, toont zich nog maar eens zo flexibel als een Chinese turnkampioene: freewheelende spoken word in het jazzintermezzo For Free?, macho en rauw in het strijdvaardige King Kunta, verleidelijk gedempt in If These Walls Could Talk, zwoele r&b over macht, misbruik, geweld en seks en de onderlinge verhoudingen in dat verraderlijke kwartet - meteen ook de meest gelaagde song op een complex album vol tegenstrijdige emoties, confrontatie en opgekropte woede, een tweestrijd tussen eer en geweten, gevoerd in dialogues intérieurs in verschillende tongen.

'I fuckin' tell you, you fuckin' failure, you ain't no fuckin' leader/ I never liked you, forever despise you, I don't need you / The world don't need you, don't let them deceive you', spuwt Lamar zijn spiegelbeeld toe in u, 'thought money would change you, made you more complacent / I fucking hate you, I hope you embrace it.' Hij die zowat het hele rappersgild verbaal over de kling joeg met zijn couplet in Big Seans Control lost de sloophamer nu op zijn eigen muren, en zoals dat bij elke mens is, blijkt Kendrick Lamar zijn eigen grootste vijand.

Op voorganger Good Kid, M.A.A.D City (2013) gaf Lamar een duizelingwekkend gedetailleerde, meesterlijk gerijmde inkijk in zijn jonge leven in Compton, het zwartste getto van LA, en in het boefje met goede rapportcijfers dat hij was. Op To Pimp a Butterfly probeert hij niet alleen in het reine te komen met het verscheurende contrast tussen zijn vroegere ik en zijn succesvolle zelf, maar ook met Amerika, de natie die hem groot maakte maar anno 2015 ook de nodeloze en onbestrafte dood van zwarte tieners als Trayvon Martin en Michael Brown op haar geweten heeft. Zelfs met een zwarte president in het Witte Huis.

'Why did I weep when Trayvon Martin was in the street? / When gang-banging make me kill a nigga that's blacker than me?' klinkt het in het op onbegrip en woede terende The Blacker the Berry. 'Hypocrite!', slaat hij zichzelf op de kaak. Het is slechts een van de vele onbeantwoorde vragen die Lamar zich luidop stelt, en een die hem niet populair zal maken - o ja, dat is hij al!

Voor elke Kendrick Lamar staan er tien Macklemores en Kid Inks in de rij, maar Lamar legt zijn volle gewicht in de schaal om die balans in evenwicht te brengen. To Pimp a Butterfly is het opus van een grote artiest en mag gerust naast What's Going On van Marvin Gaye, Public Enemy's It Takes a Nation of Millions to Hold Us Back en There's a Riot Goin' On van Sly & The Family Stone staan.

Lamar refereert en citeert vrijuit, maar is nergens te beroerd om credit te geven where credit is due. Michael Jackson wordt netjes vermeld omdat hij tijdens King Kunta 'Annie, are you okay?' nazingt. En er wordt niet alleen gesampeld uit de muziek van Lalah Hathaway, dochter van soullegende Donny, de dame zingt gewoon mee, net als Ronald Isley, van de in i gesampelde Isley Brothers. Questlove mag, for the sake of hip-hop, gerust zijn.

Lees meer over:

Onze partners