Mr.Nobody: Retrofuturistische fabel

12/09/09 om 10:07 - Bijgewerkt om 10:07

Bron: Knack Focus

Mr.Nobody laat zich zowel omschrijven als een futuristisch epos, een melancholisch familiedrama als een filosofisch essay over tijd en ruimte, toeval en fatum, kiezen en verliezen.

Mr.Nobody: Retrofuturistische fabel

Mr.Nobody **

Jaco Van Dormael met Jared Leto, Diane Kruger, Rhys Ifans

Met drie langspelers op twintig jaar tijd kun je Jaco Van Dormael bezwaarlijk een vlijtig baasje noemen, al blijven zijn films gelukkig een tijdje in het geheugen kleven. Denk maar aan zijn sprankelende debuut Toto le Héros . Of aan zijn proto-andersglobalistische sprookje Le huitième jour. En ook zijn derde langspeler Mr.Nobody zal na het rollen van het eindcredits wellicht niet snel verdampen.

Aangezien het dertien jaar wachten bleef op een opvolger van zijn feelgoodhit Le huitieme jour, heeft Van Dormael besloten je maar meteen te trakteren op meerdere films voor de prijs van één. Zo laat Mr.Nobody zich zowel omschrijven als een futuristisch epos, een melancholisch familiedrama als een filosofisch essay over tijd en ruimte, toeval en fatum, kiezen en verliezen. En dat gedrapeerd rond Nemo Nobody (Jared Leto in meerdere gedaantes), een 117-jarige krasse knar die anno 2092 de laatste sterveling op aarde blijkt en van op zijn sterfbed terugblikt op zijn leven.

Bovendien blikt Nemo niet alleen terug op zijn tienerjaren toen zijn ouders (Rhys Ifans en Diane Kruger) besloten van elkaar te scheiden. Via lang uitgesponnen flashbacks toont Van Dormael ook welk parallelleven zijn protagonist had kunnen leiden mocht hij indertijd niet bij zijn vader maar wel bij zijn moeder gebleven zijn. En mocht hij niet voor dat meisje met de gele jurk maar voor dat met de rode of de blauwe gekozen hebben. Wat Nemo écht heeft meegemaakt en wat hij verzint, is dan ook aan de kijker om te bepalen die on screen het alter ego meekrijgt van een journalist aan wie Nemo zijn levensverhaal opbiecht.

Klinkt ingewikkeld? Dat is het ook. En ook Van Dormael zelf raakt af en toe verstrikt in zijn narratieve labyrint en metafysische hersenspinsels. Na 155 minuten - of 125 indien u de ingekorte versie voor de multiplexen te zien krijgt - blijven vele vragen dan ook onbeantwoord, al is dat net de pointe van dit epische project dat zowel qua vorm als budget de meest ambitieuze Belgische film ooit is.

Verwacht je dan ook aan fraaie CGI en sciencefiction decors die je zelfs even naar Mars flitsen, uitgekiende retrotableaus en dito deuntjes die herinneren aan de dansende bloemen en fleurige Suburbania uit Toto le Héros. Plus: allerlei voice-overbespiegelingen over het vlindereffect, de tijdruimte en andere wetenswaardigheden die de voorbije 13 jaar kennelijk door Van Dormaels hoofd zijn blijven spoken.

Niet verwonderlijk dat deze retrofuturistische fabel bij vlagen aanvoelt als het product van een uit de hand gelopen midlifecrisis en precies omwille van zijn talloze thema's en tonaliteiten ergens in het tijdscontinuüm tussen ambitie en waanzin, chaos en coherentie lijkt te zweven.

Un labeur fou, heet zoiets in het Frans, al blijkt Van Dormaels visuele vernuft en tomeloze fantasie ook na zijn retraite gelukkig in tact.

Dave Mestdach

Onze partners