St. Vincent bij Jools Holland: ‘Gelieve te noteren dat ik nu een rukbeweging maak en met de ogen rol’

© /
Kristof Dalle Journalist

Véél zelfdestructie, angststoornissen, liefdessores, drugsmisbruik en introspectie op Masseduction, plaat van artpopprinses St. Vincent. Miserie, kortom, maar wel beklijvende, en zelfs dansbare miserie. En het is veruit haar meest toegankelijke plaat ooit. In het zog van St. Vincent bij Later… with Jools Holland. ‘Look out, motherfuckers. Look the fuck out!’

Het is avond in Maidstone, waar Later… with Jools Holland opgenomen wordt. St. Vincent, née Annie Clark, passeert ons in de corridor tussen de tv-studio en de kraal waar het klapvee momenteel nog gedrenkt wordt.

Ze kijkt schuchter, ze bibbert een beetje, wat allebei kan liggen aan de luipaardleotard die ze draagt. De zilverpaarse Einsteincoupe die ze torste ten tijde van haar vorige plaat St. Vincent (2014), goed voor de Grammy voor beste alternatieve album, heeft plaatsgemaakt voor een kort, zwart bobje dat vanonder de kap van haar tenue komt piepen.

Voorlopig vleit ze zich afwachtend neer aan een tafeltje in de hoek, met veel meer vanzelfsprekende cool en elegantie dan je van iemand in een luipaardpakje mag verwachten. Maar straks zal de artpopprinses, multi-instrumentaliste en voor sommige media ‘de genderfluïde ex van topmodel Cara Delevingne‘ elegant op de vleugelpiano gaan zitten en onder het goedkeurend oog van onder meer Robert Plant en Beck New York en Los Ageless brengen, de twee singles van haar zesde album Masseduction. Een opvallende plaat die wel eens haar definitieve doorbraak in zou kunnen luiden: meer hartzeer dan normaal, maar vooral ook toegankelijker, zowel tekstueel als muzikaal.

Ter vergelijking: toen ze elf jaar geleden nog met Sufjan Stevens optrad, vergeleek die haar ‘hele vreemde gitaarsolo’s’ nog met ‘het monster van Loch Ness dat aan het bevallen is in een silo’. Masseduction kon daar niet verder af staan, mochten we al weten hoe Nessie in barensnood klinkt.

***

Wat betekent die titel eigenlijk?

Masseduction is een spelfout. Het moest Ass Education zijn. Maar het is ons een beetje laat opgevallen.’

En wat was de inspiratie voor Masseduction?

‘Het begon toen ik een vrouw in haar wagen zag meezingen met Great Balls of Fire. Ik wilde een album maken dat ervoor zorgde dat zoiets nooit meer hoefde te gebeuren.’

Kun je even schetsen hoe songwriting voor jou werkt?

‘Ik wilde de nummers toestaan om natuurlijk te evolueren naar hun lotsbestemming. At least, that’s what I wanted them to think. Uiteraard heb ik ze stiekem gemanipuleerd. Maar dat hadden ze niet door, denk ik.’

Enig advies voor jonge muzikanten?

‘Begin wat in de filmindustrie.’

‘Mij zal het echt worst wezen waaraan Leonard Cohen dacht toen hij Famous Blue Raincoat schreef, en of dat een waargebeurd verhaal is. Who cares?

Zo had ons gesprek eerder die dag kunnen gaan. Had. het voorgaande zijn uittreksels uit een nepinterview dat St. Vincent druppelsgewijs via Instagram heeft gelost. Als een zelfverklaarde ‘dominatrix in het gekkenhuis’ tackelde ze daarin alle generische vragen die ze op een gemiddelde promodag tot in den treure moet beantwoorden.

Clark heeft het na zes platen in tien jaar – ‘waarvan ik er dus vijf als ondervraagde heb doorgebracht’ – even gehad met standaardinterviews. Dus werd een rondetafelgesprek met de pers eerder deze maand een uitgebreide groepsmassagesessie, een ander een uurtje pilates en gaf ze het gros van haar audiënties in een roze escape room, waar het journaille via een luikje binnengelaten werd. Al kruipend.

Wie getelefoneerde vragen stelde, kreeg een vooraf opgenomen antwoord te horen. Bref, meer performance dan informeel gekeuvel, terwijl zij zich verstopte achter een muur van leer, latex en een containerlading van haar geijkte, gortdroge ironie.

De flagellant in mij blijkt echter groter dan vermoed: ik ben oprecht teleurgesteld wanneer de conferentieruimte in het landelijke Bearsted, Kent waar het interview doorgaat ook gewoon maar dat is: een conferentieruimte in Kent. Het soort plek waar dromen heen gaan om te sterven, of op zijn minst tot vervelens toe SWOT-analyses te aanhoren.

‘O, maar vergis je niet’, repliceert St. Vincent. ‘Dit is mijn beste creatie ooit. Een van mijn meer ambitieuze projecten ook. Ze hebben deze ruimte naar mijn exacte instructies ingericht. Je hebt geen idee hoeveel knopen ik heb moeten doorhakken.’ Tot aan het weltschmerzbeige op de muren toe? ‘Vooral het weltschmerzbeige! Mijn eigen blend, dra op de markt. Nee nee, geen dank.’ Voor de goede orde: de light banter vooraf is ook een van de interviewgeplogenheden waarmee ze de draak steekt op Instagram.

St. Vincent bij Jools Holland: 'Gelieve te noteren dat ik nu een rukbeweging maak en met de ogen rol'
© /

Clark gaat gehuld in een knalrode cape en dito baret, boven een zwarte gymlegging. Waarom ook niet? Ze komt rechtstreeks van haar pilatesles – ‘Kan ik iedereen aanraden. Goed voor de uithouding, én ik kom er veel harder klaar van.’ Haar bruingroene ogen en een opspelende verkoudheid verstopt ze zo goed als mogelijk achter een gigantische zonnebril. Ze kampt met jetlag, wat maakt dat ze maar weinig puf heeft om haar dominatrixpersonage op te houden, wat het gesprek alleen maar ten goede komt.

Al laat Clark nooit echt het achterste van haar tong zien. Vaak wordt dat verward met arrogantie en daar lijkt ze zich stilaan ook bewust van. Misschien was het de Pitchfork-recensent die haar eerder dit jaar op één hoop gooide met figuren als Father John Misty, ‘artiesten zo pretentieus dat je geen idee hebt hoe je ooit met hen moet praten’. Of misschien was het de wederkerende Johnny-figuur, die haar in het nieuwe Happy Birthday, Johnny kapittelt: ‘You yelled through your teeth / accused me of acting like all royalty / always for show, no true charity.’ Een nummer zo concreet en apologetisch dat het wel op waarheid moet berusten. Hoe dan ook, het verwijt lijkt een snaar te hebben geraakt: tegenwoordig laat ze in interviews nogal vaak de woorden ‘connect’ en ‘connection’ vallen, echt heel vaak eigenlijk.

ANNIE CLARK: Ugh. Dat is echt zo’n … (drukt zich even visueel uit) om te zeggen van mij.

Geen tegenspraak daar, maar je snapt dat ik dat niet op band heb?

CLARK/Let the record state dat ik een rukbeweging maak terwijl ik dramatisch met mijn ogen rol.

Het is maar dat een connectie met de luisteraar zoeken zo’n evidentie is…

CLARK:Yep. (blijft de beweging volhouden)

.

‘Gewoon een sterke vrouw zijn is in het Amerika van vandaag al een daad van verzet. Het is oorlog hé jongens. All-out war.’

.. dat het vooral las als een subtiele afkeuring van je vroegere werk. Je andere platen zíjn ook minder toegankelijk en persoonlijk dan Masseduction.

CLARK: Ah, maar ik loochen niks. Ik ben fucking trots op die platen. Maar ik doe ook maar gewoon wat ik op een bepaald moment denk te moeten doen. Dat die muziek daarna ook weerklank heeft gevonden bij een publiek vind ik nog altijd ongelooflijk. En dat zeg ik allemaal heel deemoedig.

(kuch)

CLARK: Oké, niet héél deemoedig. In deze fase van een albumrelease moet ik altijd opletten om niet helemaal in het egomane konijnenhol te verdwijnen. (grijnst) Ik zeg het vooral als iemand die zelf díép geraakt kan worden door muziek, en iemand die het nog steeds een heel vreemd gevoel vindt dat ze anderen diep kan raken met eigen werk. New York is bijvoorbeeld het eerste nummer waarvan ik denk dat het misschien wel eens iemands lievelingslied kan worden. Dat is een zeer nieuwe ervaring voor mij.

Toegegeven, ik heb me ook even gewenteld in New York.

CLARK: Vrouwenproblemen?

Vrouwenproblemen. Al gaat dat nummer – ‘I’ve lost a hero / I’ve lost a friend’ – volgens de tekstexegeten over David Bowie en Prince.

CLARK:(verontwaardigd) Klopt niet. Ik zou liegen als ik zou zeggen dat Bowie niet een van de helden was aan wie ik dacht, maar het is een amalgaam, meer niet. (dramatisch) En daarom analyseer ik mijn eigen nummers dus niet: je ruïneert ze er gewoon mee. Met elk extra woord uitleg beperk je het aantal mogelijke interpretaties. Bovendien, who cares? Mij zal het echt worst wezen waaraan Leonard Cohen dacht toen hij Famous Blue Raincoat schreef, en of dat een waargebeurd verhaal is. Het is een fantastisch nummer en het resoneert bij mij, al dan niet om de juiste reden, maar wat maakt het uit?

St. Vincent bij Jools Holland: 'Gelieve te noteren dat ik nu een rukbeweging maak en met de ogen rol'

Heeft te veel achtergrondinfo al songs voor jou verpest?

CLARK: Die keer dat men mij vertelde dat Martha My Dear van The Beatles over de hond van Paul McCartney ging, bijvoorbeeld. (merkt mijn blik op) En nu heb ik het voor jou verkloot. Look what you made me do! Muziek is een soort genereuze daad, iets échts: zwelg erin als je wilt, of niet – dat mag ook – maar probeer het vooral niet te analyseren. Zo help je alles om zeep.

Ze valt misschien niet één op één te analyseren, maar Masseduction is je meest persoonlijke plaat ooit. Het is moeilijk om daar niet de hand van Jack Antonoff in te zien, de producer die ook de laatste van Lorde en Taylor Swift in goede banen leidde. Hij heeft eerder verteld dat hij voor ’teksten wilde gaan die je op een arm wilt tatoeëren’.

CLARK: Het klikte meteen toen ik met Jack op restaurant ging. We hebben allebei de hele avond al onze persoonlijke sores op tafel gegooid, en aan het eind prompt een soort bloedpact gesmeed: laat ons allebei voorbij onze grenzen gaan. Wat ook de enige juiste manier van werken is, natuurlijk.

Heeft hij je ook zachtjes weggestuurd van politieke songs? Zo’n jaar geleden klonk je nog extreem combattief, schuimbekkend haast, en beloofde je iets gelijkaardigs voor Masseduction. Op Fear the Future na is daar niet zo heel veel van terug te vinden.

CLARK: Moet een artiest zijn stem verheffen op een of andere manier? Natuurlijk. Je kunt ook niet anders in een tijd waar elk facet van ons bestaan politiek gekleurd is. De rechten van vrouwen, de lgbtq-gemeenschap, zwarten, migranten, en ga zo maar door, worden momenteel op absurde wijze geschonden.

Het is oorlog, hè jongens. All-out war. Gewoon een sterke vrouw zijn is in het Amerika van vandaag al een daad van verzet. Tegelijk is er nog nooit goede kunst voortgekomen uit mensen letterlijk proberen in te lepelen wat ze moeten doen en denken. Zo krijg je alleen maar didactische rommel die het publiek gruwelijk onderschat. De protestsongs uit de sixties werkten misschien – misschien – in de sixties, maar zeker niet vandaag.

‘Oempa Loempa’s op lsd? Wat een heerlijk compliment.’

Jij zegt het met een vreemde mengeling van brandende furie en aarzeling. Omdat je niet wilt preken?

CLARK: Leek dat aarzelend? (zet zich kaarsrecht) Er zit een megalomane en misogyne idioot in het Witte Huis. Een kwaadaardige idioot, met een snaterende vlucht van net zo kwaadaardige idioten in zijn zog die de armen tegen de nog armeren opzetten en erin blijven slagen hun leugen met succes te verkopen. Het is niet meer dan één grootschalige zwendel. (zucht) Ik was bij de verkiezingen vorig jaar verbaasd, maar achteraf bekeken had ik dat niet mogen zijn: Amerika voted on his daddy issues. Het is in wezen een soort natuurlijk slotstuk van ons ontspoord kapitalisme, onze celibritycultuur en onze kwaadmoedige patriarchie. But look out, motherfuckers. Look the fuck out!

Kun jij eigenlijk nog aarden in jouw thuisstaat Texas? Tot nader order nog steeds een red state, en een heel vreemde plek om te wonen voor iemand die zich destijds naar eigen zeggen al een kosmopolitische kleuter voelde die het vertikte om zelfs maar y’all of howdy te zeggen.

CLARK: Er zijn genoeg Texanen, ook Republikeinen, die niet voor Trump hebben gestemd, vanwege zijn persoonlijkheid. Ik hou oprecht van Texas, en woon er bijwijlen ook, maar hun waarden… Tja. Ik ben opgegroeid tussen intens racisme en seksisme. En de lieve, gegoede katholieke kindjes op mijn middelbare school vonden het n-woord ook perfect aanvaardbaar. Heel vreemd allemaal.

Ook met je derde thuisstad lijk je geen al te beste relatie te hebben. Los Ageless‘Where the mothers milk their young’ – doet op zijn minst warme haat voor LA en zijn botoxbimbocultuur vermoeden.

CLARK: LA is een veelheid aan dingen, en veel daarvan vind ik nog steeds fantastisch. Maar uiteraard is dat nummer een commentaar op de kant van LA waar niemand ooit ouder wordt, het deel dat zich in never-never land waant, where the waves never change, and the sea never breaks. Maar kom, vertel me eens een willekeurig feitje over jezelf. Quid pro quo.

Ondertussen staan mijn benen ook al vol littekens van vorige tournees, en heb ik een vreemd putje in mijn dij dat maar niet wil verdwijnen.

Eh, ik heb nog nooit echt gevochten, maar het dichtste bij een knokpartij ben ik gekomen met Coolio.

CLARK: Wie heeft er gewonnen? En hoe beland je in een gevecht met Coolio?

Zijn security. En het ging alweer om een vrouw.

CLARK:(schamper) Als daar geen levensles in zit voor alle mannen. Goed, waarover wil je het nog hebben?

Over Pills bijvoorbeeld. Die song, met spookachtige, poshbackings van Delevingne, is een soort manische jingle voor medicijnen geworden, en klinkt alsof er Oempa Loempa’s in de lsd-kast geraakt zijn.

CLARK: Oempa Loempa’s op lsd? Wat een heerlijk compliment. Pills heeft het soort beat waar je op kunt dansen, maar dan al huilend, als je tenminste ook naar de woorden gaat luisteren.

St. Vincent bij Jools Holland: 'Gelieve te noteren dat ik nu een rukbeweging maak en met de ogen rol'
© /

Je voelt je in Pills afglijden in een neerwaartse spiraal, waar je tussen je laatste twee platen in ook echt in terechtkwam. Hoe klauter je daaruit?

CLARK:Pills is het verslag van een strijd tegen depressie en angststoornissen, van gegraai naar alles wat ik kon vinden om pijn en lijden even te ontwijken. En het heeft aardig wat tijd gekost om uit te dokteren hoe ik dat het beste deed. Niet dat het ooit écht een probleem werd: er is nooit rehab of detox aan te pas gekomen. Gewoon doorgedreven zelfmedicatie: trying to find the right lifecombo for me to suffer less. Maar is dat in essentie niet wat we allemaal proberen te vinden?

Na die periode sloot je je op om Masseduction te maken. Je ging in afzondering, zonder drugs, alcohol, seks en op een strikt dieet van je eigen muziek. Dat klinkt…

CLARK: Navelstaarderig? Ik deed dat niet omdat ik mezelf zo geweldig vind, hoor. Sommige collega’s eisen zelfs op fotoshoots dat enkel hun muziek gedraaid wordt, maar ik zwelg echt niet in mijn eigen songs. Ik wilde hooguit leren uit mijn fouten, en tegelijk alle andere invloeden uitschakelen.

Beck gebruikt bijvoorbeeld albums van Bowie als een soort kompas, een poolster om regelmatig af te toetsen hoe ver hij van zijn koers is afgeweken. Maar jij bent eerder je eigen poolster?

CLARK: Een muzikant is zeer slecht geplaatst om zijn eigen vooruitgang te analyseren. Ik doe ook maar gewoon wat ik goed vind, en soms maak ik ook domme keuzes en wil ik mijn jongere zelf tot moes slaan. Het zij zo. (denkt na) Ik heb nog bij jeansrokjes gezworen in het middelbaar. What are you gonna do… Kom, nog een weetje!

In lijn met jouw bekentenis: ik dacht op mijn vijftiende dat een Oscar Wilde-kapsel een topidee was. Die kerel die ik toen was, wil ik ook tot moes slaan.

CLARK:Oh, you precious.

Een pubertrauma, maar nu wel een handig bruggetje naar The Picture of Dorian Gray: jij regisseert binnenkort een nieuwe filmadaptatie daarvan, met een vrouwelijke hoofdrol, zo werd recent bekendgemaakt.

CLARK: Slinks. We staan nog maar aan het begin en moeten de hoofdrol zelfs nog casten, hoor. Momenteel ben ik het boek aan het herlezen.

Dorian Gray is zo’n boek dat we allemaal als puber lazen. Haal je er nu meer uit?

CLARK: Laat ons zeggen dat ik vandaag meer over narcisme weet dan toen ik een kind was. Het staat alvast nog steeds als een huis. Het is geen On the Road van Jack Kerouac, zo’n boek waar je alleen maar als puber in kunt zwelgen. (denkt na) Of Catcher in the Rye, dat ervoor gezorgd heeft dat ik als elfjarige hele dagen goddamnit riep. Salinger heeft mij leren vloeken, that motherfucker.

Tot slot: volgende week treed je op in de AB in Brussel. Tijdens vorige tournees ging je totaal los op het podium: als je je niet verkleedde als roze toilet – spoelbak incluis – stal je wel krukken of hoedjes uit het publiek, gaf je de security zuigzoenen en bungelde je aan de balkonrail.

CLARK: Gelieve te noteren dat ik momenteel zeer breed grijns.

Op de een of andere manier zou dat weleens kunnen vloeken met de nieuwe teksten, nee?

CLARK: Ondertussen staan mijn benen ook al vol littekens van vorige tournees, en heb ik een vreemd putje in mijn dij dat maar niet wil verdwijnen. Toeren was op een bepaald moment een soort blood sport geworden. Ik zocht de pijn een beetje op. De nieuwe teksten zijn echter nu al zo’n groot bloedbad dat ik even de nood niet meer voel om er ook nog eentje aan te richten op het podium. Dus ik ga gewoon zingen. Nu ja, gewoon. (denkt na) Een vreemd idee wel, maar heel mooi. Ik zie Masseduction toch vooral als een heel speciale reis, a blooming from fear to freedom. Shit, die moet ik opschrijven.

***

Terug naar Jools Holland, waar de laatste noten van New York zachtjes uitsterven, de gekuiste versie waarin ‘motherfucker’ ’the only other sucker in the city who can handle me’ wordt en daardoor ook de helft van zijn beet verliest. Terwijl Thomas Bartlett, haar pianist, met zijn rode luchadormasker in de coulissen verdwijnt, sloft Holland St. Vincents richting uit. Voor ze haar cover van Patsy Clines Crazy mag inzetten, waarin ze dankzij haar verkoudheid nóg breekbaarder hijgt, wil Holland nog even met haar keuvelen.

‘St. Vincent! Vertel eens, vanwaar die titel? En wat was jouw inspiratie voor deze plaat?’

We staan helaas te ver om haar vermoedelijke grimas en de verwensingen die ze hem binnensmonds toeslingert te zien.

St. Vincent

Op 23/10 in de AB te Brussel. Alle info: abconcerts.be

Masseduction is uit bij Caroline.

St. Vincent

  • Geboren in 1982 als Annie Erin Clark.
  • Groeit op in Dallas, Texas, maar pendelt nu tussen Dallas, New York en LA.
  • Trekt als zestienjarige al de wereld rond als tourmanager van jazzduo Tuck & Patti, haar oom en tante, en toert daarna met The Polyphonic Spree en Sufjan Stevens.
  • Heeft sinds 2007 vijf soloalbums uitgebracht en samen met Talking Headsfrontman David Byrne Love This Giant (2012).
  • Wint als eerste vrouw sinds 1991 de Grammy voor beste alternatieve album met St. Vincent (2014)

Partner Content