Op stap in de Biskolom, de fictieve club van Lander & Adriaan

Jonas Boel
Jonas Boel Jonas Boel is medewerker van Knack Focus

De één is een drumbeest, de ander een toetsenwonder. Ze delen niet alleen een jazzachtergrond maar óók een voorliefde voor elektronische dansmuziek. Het moest er ooit van komen dat Lander ‘Stuff’ Gyselinck en Adriaan ‘Pomrad’ Van de Velde een muzikale tandem zouden vormen. Alhoewel: ‘Ik heb eigenlijk al te veel groepen’, zei Gyselinck nog geen drie jaar geleden in dit blad. En daar komt nu Lander & Adriaan bij.

Lander Gyselinck: Tja, dat is het wederkerend motief dat mij tekent, hè. Ik denk dat zoiets eigen is aan elke jazzmuzikant: er zijn altijd meer ideeën dan je bands kunt managen. Maar die ideeën krijgen altijd de bovenhand, en dan móét je wel weer iets nieuws opstarten. Het moeilijkste is dat ik nooit met een groep kan stoppen. (lacht) Elke groep is zoals een vriendschap: ze kan door luwere periodes gaan, maar er echt mee kappen, dat doe je toch niet? En Adriaan had ik elf jaar geleden al eens voorzichtig aan zijn mouw getrokken. We hebben eens twee, drie dagen samen gerepeteerd, en dat was toen al erg leuk. Ik was meteen fan van hem, maar hij misschien niet zo van mij.

Adriaan Van de Velde: Hola, zal het gaan?!

Over Lander zei jij inderdaad in 2016 al: ‘Ik geloof dat we op hetzelfde soort trip zitten.’

Van de Velde: De eerste keer dat we elkaar ontmoet hebben, was rond 2009 in de AB, tijdens een set van Hudson Mohawke. Maar veel meer dan wat schuchter aftasten is daar lang niet uit gekomen. Pas begin 2020 zijn we concreet in actie geschoten, toen Lander een residentie in Brussels muziekcentrum Volta had.

Gyselinck: En toen werd het maart, kwam de lockdown en…

Van de Velde:wisten we meteen wie te kiezen als knuffelcontact. (lacht) Nee, maar van zodra het mocht, konden we er – omdat al het andere werk wegviel – samen wel stevig in vliegen. Dat mocht, omdat we maar met twee zijn. Maar braaf, met afstand en mondmasker, dat wel.

‘Post-nudismerave’ noemen jullie de muziek.

Van de Velde: Dat nudisme komt van de gladde, digitale, glazige synthesizerklanken van eind jaren tachtig, begin jaren negentig die we gebruiken. Foute klanken, derderangs volgens veel muzikanten, die alleen maar analoge of modulaire synths cool vinden. Wij gebruiken ze toch, en daarmee staan we dus in ons blootje. ‘Fout’ bestaat gewoonweg niet in muziek. Er zit net een mooie charme en veel emotie in die onderkoelde sound.

We zijn sociaal onaangepaste nachtraven. Wij gaan uit voor de muziek, niet om tot zeven uur ’s ochtends aan de toog te hangen.

Lander Gyselinck

Gyselinck: De rave-elementen in onze muziek komen voort uit een zekere melancholie naar tijden toen clubben nog vrij en zorgeloos was. Een zoektocht naar euforie, ontstaan in tijden dat het hele nachtleven op slot zat. Niet dat wij echte nachtraven zijn, maar we houden allebei van de muziek en vooral de collectieve ervaring die bij het uitgaansleven horen. Daar gaat de plaat over.

Van de Velde: In een club zijn we altijd de eerste afvallers. Want de inspiratie slaat toe, en dan wil je zo snel mogelijk naar huis om aan muziek te werken.

Gyselinck: We zijn sociaal onaangepaste nachtraven. Wij gaan uit voor de muziek, niet om tot zeven uur ’s ochtends aan de toog te hangen. Ik ben ooit eens – een jaar of zes geleden – twee maanden in Berlijn gaan wonen, enkel om er dj’s te checken, maar dan zoals andere mensen naar een optreden gaan. Stond ik daar al wanneer de deuren van de club open gingen, om negen uur ’s avonds of zo. Wist ik veel dat de dj die ik wilde horen pas om drie uur ’s nachts aan zijn set begon. (lacht)

Jullie plaat is een soort livealbum, compleet met geroezemoes, gejoel en applaus. Alsof je midden in een feestje zit.

Gyselinck: Dat was exact de bedoeling, dat de luisteraar een van ons wordt, terwijl we op stap gaan. De plaat bevat alleen livetakes. Het gejoel en het applaus dat je hoort, hebben we wel apart in een echte zaal opgenomen en er achteraf doorheen gemixt. Het is hyperlive en tegelijk hyperstudio.

Van de Velde: En alles speelt zich af in één fictieve club, de Biskolom. In werkelijkheid dus de ruimtes in Volta, waar we die hele fantasiewereld en alle aparte scenes gecreëerd hebben. Eigenlijk is het een soort koortsige droomherinnering aan een avondje uit.

Is het resultaat, met flitsen trap- en breakbeats, dromerige synths en hectische jungleritmes, voor jullie de ideale partymuziek?

Gyselinck: Dat schizofrene, daar houden we allebei van, ja. Dat muziek abrupt van vorm of richting kan veranderen. Helemaal fout dus volgens de regels van elektronische dansmuziek als techno of house, waar repetiviteit heilig is. We zoeken die extase en trance wel, maar bezwijken voor onze jazzachtergrond. En net door alles live te spelen kunnen we natuurlijk heel erg flexibel zijn, zoals turners. Turners op de dansvloer!

Van de Velde: Het is doorgedreven zapcultuur, hè. Dat overprikkeld zijn, dat vertaalt zich in het spel. De grooves moeten wel hetzelfde zijn, klinisch gespeeld, maar daarbinnen kunnen we het niet laten om te improviseren.

De laatste track op het album, Yurdokan, begint met enkele bekend in het oor klinkende akkoorden uit een verguisd eightieshitje.

Van de Velde: The Way It Is van Bruce Hornsby, inderdaad. Maar dan fout gespeeld. (lacht) Een soort teasertje op het einde. Zo van: ‘En hier gaan we! Of nee, toch niet.’

Gyselinck: Die plaat van Bruce Hornsby & The Range is lang stiekem mijn favoriet geweest – mijn pa legde die vroeger zo veel op. Dat fragment is dus een soort mopje, een knipoog. Zo hebben we er wel meer opgenomen tijdens onze rare jamsessies. Geloof me, er is heel wat bezwarend materiaal te vinden op onze harde schijf.

Lander & Adriaan

Uit op Marcel Records. Lander & Adriaan presenteren het album onder meer op 21/4 in de Vooruit, Gent, op 28/4 in Het Bos, Antwerpen en op 29/4 in de Beursschouwburg, Brussel.

Hier staat ingevoegde content uit een social media netwerk dat cookies wil schrijven of uitlezen. U heeft hiervoor geen toestemming gegeven.
Klik hier om dit alsnog toe te laten

Lander & Adriaan

Wie Lander Gyselinck (°1987, woont in Brussel) en Adriaan Van de Velde (°1988, woont in Kapellen).

Bekend van Stuff, Beraadgeslagen en LABtrio (Gyselinck), als Pomrad en muzikant bij J. Bernardt, Mauro en Tourist LeMC (Van de Velde).

Slaan begin 2020, tijdens de eerste lockdown, de handen in elkaar in muziekcentrum Volta.

Voor fans van Hudson Mohawke, Flying Lotus, Echt! en Lone.

Partner Content