Knack Focus reisde mee op de partybus van Willy Organ: ‘Net als Christoff’

© Anneke D’Hollander
Jonas Boel
Jonas Boel Jonas Boel is medewerker van Knack Focus

Zijn eerste fandag, de Willy Organ Totaalervaring, deed letterlijk wat zijn nieuwe album Laat ze maar branden ook doet: nieuw terrein verkennen, met een partybus. Onze fotograaf reisde mee.

Met het album Laat ze maar branden is Willy Organ, het enfant terrible van het Vlaamse levenslied, naar eigen zeggen toe aan zijn ‘moeilijke tweede’. ‘Nieuw terrein verkennen is voor élke artiest niet gemakkelijk’, licht Willy Organ (né Simon Platteau) toe. Nieuw terrein verkennen is ook exact wat Willy Organ deed toen hij in de aanloop naar de release in samenwerking met cc De Steiger in Menen een fandag op poten zette (‘net als Christoff’), met exclusieve partybus, karaoke, performance én expo. Het Williversum als totaalervaring, en dat alles in het thema van de nieuwe plaat: ‘In grote lijnen is dat: leven en dood, uiteindelijk toch de actueelste thema’s van de voorbije twee jaar. Ik schreef altijd songs over mezelf, maar door corona was het plots not done om nog met jezelf en je eigen problemen bezig te zijn.

© Anneke D’Hollander

Alles stond in het teken van het collectief, van solidariteit en rekening houden met de ander. In ben nogal een individualist, met een sterke vrijheidsdrang, dus daar had ik het initieel best lastig mee. Uiteindelijk ben ik dan maar liedjes beginnen te schrijven over de wereld rondom mij, in plaats van de wereld ín mij.’ Dat vertaalde zich op die bewuste fandag in pistolets met rauw gehakt, macabere Tinderfoto’s en een doopritueel in een bloederige jacuzzi. Een fotodocument, met commentaar van Willy himself.

© Anneke D’Hollander

‘Allemaal heel brak’

‘Er was plaats voor veertig fans op de bus, en die heb ik allemaal getrakteerd op gepersonaliseerde Vedett en broodjes boerenboter met rauw gehakt. Waarom? Ik weet het niet, iedereen lust dat toch geire? (lacht) We hadden ook vegetarisch gehakt in de aanbieding, maar niemand moest het hebben. De partybus in kwestie hebben we gehuurd bij een bedrijf in Aalst, het enige dat ons geen al te strenge regels oplegde. De chauffeur wist wel niet hoe de klank-en-lichtinstallatie precies werkte. En het toilet was defect. Allemaal heel brak, eigenlijk. Maar bon, iedereen heeft onderweg van Gent naar Menen in avant-première naar mijn nieuwe album kunnen luisteren, en dat werd zeer enthousiast onthaald, al zeg ik het zelf.’

© Anneke D’Hollander

Neemt en eet hiervan

‘Bij aankomst in Menen heb ik het brood, mét gehakt, gebroken voor mijn ‘apostelen’ – alle passagiers op de bus en een paar toevallige passanten dus. (lacht) Het was het cultureel centrum De Steiger dat me gevraagd had om voor de plaat iets speciaals in elkaar te steken. “Doe eens uw goesting”, zeiden ze, omdat ze houden van mijn beeldtaal en esthetiek. Ze hadden waarschijnlijk iets met mijn platenhoezen en videoclips in gedachten, maar ik wilde er meer een totaalconcept van maken. Dus heb ik mijn fans in de Kerk van Willy – zo heet mijn fanclub – gedoopt in een jacuzzi gevuld met mijn bloed. Nee, geen echt bloed, natuurlijk! Maar voor wie in Jezus gelooft, maakt het toch ook niet uit of hij écht water in wijn heeft veranderd? En hoeveel mensen heeft hij niet vooruitgeholpen in het leven? (lacht) Soms schrik ik zelf van de emotionele impact die mijn teksten op mensen kunnen hebben. Neem nu de man die je op de foto in bloot bovenlijf ziet: hij vertelde me hoe mijn muziek hem door moeilijke tijden – na een tragisch familiedrama – heeft geholpen. En ik hoor via Facebook of na concerten wel meer zulke verhalen. Ik wil maar zeggen: voor die fans op de bus is Willy Organ zeker geen grap, hè! Maar evengoed is er de man die me kwam vertellen hoe hij de Mont Ventoux op was gefietst met mijn eerste plaat in de koptelefoon.’

© Anneke D’Hollander

De verrijzenis

‘Na het doopsel hebben mijn fans me via de ingang voor mindervaliden in een doodskist naar binnen gedragen. Daar verrees ik om een optreden te geven, en nadien was het tijd voor een finale laatste groet en werd ik naar een graftombe gedragen. Ik wilde iets vertellen over idolatrie en devotie en over artiesten die na hun dood keer op keer verrijzen, en hoe ze dan eigenlijk niks meer mis kunnen doen. Ik wilde ook iets zeggen over de dood an sich, een onderwerp dat nogal expliciet aan bod komt in het nummer Geef de aarde terug aan de natuur. Daarin stel ik de vraag waarom we per se met zo veel mogelijk zo lang mogelijk op deze planeet willen blijven leven. ‘Waarom mogen wij niet sterven?’ zing ik letterlijk. Het is mijn meest provocatieve tekst tot nu toe. Sowieso is deze plaat veel subversiever dan de vorige, meer sociaal bewogen ook. Maar dan zonder mijn oorspronkelijke esthetiek te verloochenen. Best een moeilijke spreidstand, vandaar ‘de moeilijke tweede’.

© Anneke D’Hollander

Broodthaers met echte stoverij

‘Op de expo hingen onder meer posters met licht macabere Tinderfoto’s van mezelf en stonden er verschillende installaties, met als klapstuk mijn variatie op Marcel Broodthaers’ beroemde mosselpot, maar dan met échte stoverij. Er staat ook een nummer op de plaat dat Vlaamse stoverij heet, industriële new wave over de onsmakelijke kantjes van het Vlaams-nationalisme. Ik zou de pot wel eens willen presenteren aan het S.M.A.K. in Gent, waar het origineel van Broodthaers staat. Misschien zijn ze wel te vinden voor mijn adaptatie. Uiteindelijk ben ik nu op een punt gekomen waar ik zowel in een museum als op een Vlaamse kermis kan optreden, op een hip festival en op een authentiek volksfeest. Een teken dat ik goed bezig ben, denk ik dan. De elite én het volk bekoren, dat kan alleen in de kunst.’

© Anneke D’Hollander

Laat ze maar branden – Uit op 6/5 bij N.E.W.S. Willy Organ speelt onder meer op 14/5 in Villa Bota, Brugge, op 24/5 in de AB, Brussel, op 27/5 in café Charlatan, Gent, op 3/6 in Trix, Antwerpen en op 11/6 op Retie Rockt.

Partner Content