Pien Lefranc had geen idee wat ze wilde doen. En toen kwam Studio Brussel

© Tina Herbots

Met twee programma’s op StuBru en een rubriek in Vlaanderen vakantieland is Pien Lefranc dit najaar alomtegenwoordig. Toch blijft de twijfel. ‘Ik heb niet de gemakkelijkste jaren achter de rug.’

‘Hey Pien!’

‘Hey Iva! Amai, zo lang geleden.’

We zijn nog maar net begonnen aan onze wandeling door een ochtendlijk Brussel en Pien Lefranc wordt al herkend. Door Ivana nog wel. Op de hoek van de Vlaamsesteenweg en het Sint-Katelijneplein brengt de Slovaakse, een van Lefrancs betere vriendinnen, met piepende remmen haar fiets tot stilstand. ‘Je rugzak ligt nog bij me’, zegt ze in het Engels. ‘Wanneer kom je die eindelijk ophalen?’

Sinds drie jaar woont Lefranc in de hoofdstad. Ze kwam uit Antwerpen en kende hier niemand. Bouwde ze toen in een mum van tijd een nieuwe vriendenkring op, dan is alles het voorbije halfjaar opnieuw veranderd.

‘Ik zie niet veel mensen meer’, zegt ze zodra Ivana opnieuw in het zadel is gesprongen. ‘Mijn leven is de voorbije maanden zo druk geworden dat ik er gewoon niet meer aan toekom.’

Studio Brussel is nu haar thuis. Met Bus Belgica doorkruiste ze de hele zomer het land – Aalst, Tienen, Kortrijk, Oudenaarde: geen provinciestad die ze niet heeft gezien – en tussendoor struinde ze zo goed als alle festivalweides af.

Haar top drie van concerten deze zomer:

1. Donny Benét op Pukkelpop

2. Caribou op Core

3. Tame Impala op Pukkelpop

“Als het even niet gaat, moet je met iemand gaan praten. Ik doe dat ook”, zei Selah Sue tijdens een optreden. Ik wist niet wat ik hoorde: zij ook?

Op haar achtentwintigste is Lefranc opeens, als bij toverslag, overal. Vanaf deze week neemt ze het middagblok op Studio Brussel voor haar rekening, op vrijdagmiddag presenteert ze samen met Sam De Bruyn Bijna weekend!, ze verleende haar stem aan het vernieuwde digitale platform VRT Max en ook in Vlaanderen vakantieland is ze dit najaar te zien.

In het diepst van haar gedachten vormt Sea, Sex and Sun van Serge Gainsbourg de soundtrack van haar leven. Helaas was de werkelijkheid de voorbije jaren minder zilt en zonnig.

Een van de meest opvallende momenten van je zomer was toen je de Facebookpost van Selah Sue voorlas, waarin ze vertelde dat ze opnieuw antidepressiva was beginnen te nemen. Je kreeg het moeilijk. Wat raakte je zo aan dat bericht?

Pien Lefranc: Ik volg Selah Sue al lang, ik ben een fan van het eerste uur. Ze bracht haar eerste album uit toen ik veertien was, en daar heb ik héél veel naar geluisterd. Ik heb toen ook mijn eerste gitaar gekocht: met al mijn spaarcenten in mijn zak nam ik de bus naar de dichtstbijzijnde muziekwinkel. Thuis probeerde ik meteen Raggamuffin te spelen en was ik gefrustreerd omdat het niet lukte. (lacht) In die periode ging ik ook voor het eerst met een psycholoog praten. Ik voelde me net een alien, het taboe was nog veel groter dan vandaag. Maar toen ging ik naar een concert van Selah Sue in de parochiezaal van Wommelgem en begon ze in haar bindteksten plots over geestelijke gezondheid. ‘Als het even niet gaat,’ zei ze, ‘moet je met iemand gaan praten. Ik doe dat ook.’ Ik wist niet wat ik hoorde: zij ook? Zij was de reden waarom ik ‘s avonds op mijn gitaar tokkelde tot ik blaren op mijn vingers had, om mijn gevoelens naar buiten proberen te brengen, en blijkbaar worstelde zij soms ook met het leven? Dat was een belangrijk moment voor mij. Ondertussen luister ik wat minder naar haar muziek, maar de herkenning is nog altijd groot en daarom had ik het zo moeilijk bij het voorlezen van die post.

Waarmee worstelde je op je veertiende?

Lefranc: Ik heb geen evidente jeugd gehad. Mijn ouders zijn gescheiden toen ik zes was. Ik kwam in nieuwe samengestelde gezinnen terecht, had nooit een kerngezin en ben veel verhuisd. Perfectionist zijn, de lat altijd hoog leggen, nooit voldoen voor jezelf: daar worstelde ik allemaal mee. Ook daarna ben ik altijd met professionele hulpverleners blijven praten. Op dit moment even niet, maar zodra ik voel dat het opnieuw nodig is, is een afspraak met een therapeut voor mij even snel gemaakt als met een tandarts. Dat is waarom ik nog altijd zo’n fan ben van Selah Sue: ze gaat die zware thema’s niet uit de weg, ook niet in haar muziek, en durft toe te geven dat het leven nu eenmaal zijn ups en downs heeft. Dat herken ik zo hard. Zeker omdat ik niet de gemakkelijkste jaren achter de rug heb.

© Tina Herbots

Voor het grote publiek kwam je eind vorig jaar uit het niets, toen je De Warmste Week mocht presenteren. Vanwaar komt Pien Lefranc?

Lefranc:(lacht) Van het Ritcs, in eerste instantie. Daar volgde ik tot eind vorig jaar een bachelor radio. Maar had je me vijf jaar geleden gezegd dat ik nu op Studio Brussel zou presenteren, had ik eens goed met je moeten lachen.

Want?

Lefranc: Ik was toen nog orthopedagogie aan het studeren. Van opleiding ben ik eigenlijk zorgverlener en -begeleider. Ik heb ook nog een jaar kleinkunst gevolgd aan het conservatorium, en ervoor heb ik veel gereisd. Op mijn achttiende was ik veel jonger dan de meeste achttienjarigen. Ik was nog helemaal niet klaar om al grote keuzes te maken. Ik heb eerst in een café gewerkt om geld te kunnen sparen en ben dan naar Peru vertrokken, waar ik een tijd in een weeshuis heb gewerkt. Wie ben ik? Wat wil ik doen? Met die vragen heb ik lang geworsteld. Ik had veel faalangst en was heel onzeker, ik ben echt een laatbloeier. ‘Waarom wéét iedereen het precies zo goed?’ dacht ik de hele tijd.

‘En toen kwam Studio Brussel.’

Na twee moeilijke jaren klaarde eind 2021 de hemel eindelijk op voor Pien Lefranc. De lockdowns waren rauw op haar hoofd gevallen, de rugzak met daarin haar hele leven (‘Mijn laptop, mijn bachelorproef, mijn harde schijf, mijn koptelefoon, mijn jas, mijn rijbewijs, mijn portefeuille, mijn sleutels: alles’) werd gestolen en kort na elkaar kwamen twee vrienden om het leven. Het ging kortom van kwaad naar erger.

Tot ze dankzij haar baan bij de Brusselse stadsradio Bruzz en wat hulp van haar stemcoach via Facebook een vriendschapsverzoek kreeg van Jan Van Biesen, toen nog nethoofd van Studio Brussel.

‘Zeg, gaan we niet eens babbelen?’ schreef Lefranc na lang aarzelen.

‘Ja! Let’s talk!’ antwoordde Van Biesen, en een kop koffie en vele redactiegesprekken later was Lefranc een van de gezichten van De Warmste Week.

‘Het is allemaal nogal snel gegaan’, zegt ze.

Het oudste nieuwsbericht dat ik in het krantenarchief over jou vond, was een uitslag van ‘oriëntatiesport’. In 2003 werd je derde in Dilsen.

Lefranc:(lacht) Dat was een loopwedstrijd met kaart en kompas, we moesten zo snel als we konden van punt a naar punt b en uiteindelijk naar de finish lopen. Ik heb aan veel van die wedstrijden meegedaan, vaak in een bos en ook in het buitenland – Zweden, Slovakije, Duitsland – en er ook wel wat medailles mee behaald. Maar ik heb in mijn jeugd echt van alles gedaan. Ik heb in allerlei bandjes gezeten, heb met de Kunstbende meegedaan, veel toneel gespeeld, klarinet en gitaar geleerd en best veel opgetreden. Ik heb altijd al graag op een podium willen staan, maar specifiek als radiopresentatrice werken was nu niet meteen mijn meisjesdroom.

Ik ben een laatbloeier. “Waarom wéét iedereen het precies zo goed?” dacht ik de hele tijd.

En zie: nu loop ik hier, naast de nieuwe ster van de VRT.

Lefranc:(blaast) Ik zie mezelf alleszins helemáál niet zo. Het voelt nog altijd raar om op de VRT tussen al die grote namen rond te lopen. Onlangs deed ik mee aan een quiz, De dag van vandaag, met Bart Cannaerts, Fien Germijns, Hakim Chatar en Joke Emmers. Vooraf was gezegd dat er voor de BV’s een vergoeding was voorzien voor de testopname. Ze hebben me eraan moeten herinneren dat dat ook voor mij gold, ik had helemaal niet door dat ik ook al tot ‘de BV’s’ wordt gerekend. (lacht)

Waaraan merk je dat er iets is veranderd?

Lefranc:(denkt na) Ik word gelukkig nog niet vaak herkend op straat, behalve door vriendinnen, maar via Instagram krijg ik nu wel plotseling veel persoonlijke berichten van mensen die ik niet ken. Dat is even wennen. En vroeger ging ik graag naar de sauna met Iva, de vriendin die we daarnet tegengekomen zijn. Dat zou ik nu niet meer doen, denk ik.

Is er een ‘toekomstplan’, om eens een vreselijk woord te gebruiken?

Lefranc: Ik ben aan het broeden op een podcast over mentale gezondheid en muziekartiesten die daar open over spreken, maar de komende jaren wil ik vooral mijn buikgevoel volgen. Radio blijft nog wel even mijn hoofdfocus, maar ik voel ook dat meer en meer productiehuizen aan mijn mouw trekken. Ik ben hongerig naar de toekomst. Maar er ligt geen plan op tafel, nee. (zwijgt even) Soms krijg ik ook daar weer stress van, dat ik de juiste keuzes zal moeten blijven maken en dicht bij mezelf moet blijven. Ach, wie weet begin ik straks wel weer liedjes te schrijven, zoals in mijn tienerjaren.

‘En dan moeten we het nog even over de luistercijfers van Studio Brussel hebben.’

‘Moet dat?’

‘Misschien wel, kort.’

‘Goed dan.’

Ze zijn allesbehalve hoopgevend, die luistercijfers. Het marktaandeel kelderde van bijna twaalf procent vier jaar geleden tot net geen zeven procent dit voorjaar. ‘De schuld van het veranderende luistergedrag’, klonk de verklaring en nethoofd Jan Van Biesen werd vervangen door Steven Lemmens, die ook al MNM bestierde.

‘Goh, ik weet niet zo goed wat ik hierop moet zeggen. Ik merk wél dat veel luisteraars zich nog altijd erg verbonden voelen met de zender, en er werken ook nog altijd veel getalenteerde mensen. Ik ben er nog maar pas, ik wil het vooral zelf erg goed doen.’

‘Misschien moet je tot slot ook nog wat zeggen over je nieuwe programma.’

‘Juist, ook niet onbelangrijk.’

Ondertussen zijn we op een terras gaan zitten. Er is koffie besteld en de telefoon, met een sticker van Studio Brussel op gekleefd, is met de rug naar boven op tafel gelegd.

‘Het wordt een luchtig en muzikaal programma, met wat spelelementen en veel verbinding met de luisteraar’, zegt Lefranc. ‘Iets waar ik nu echt nood aan heb.’

Pien Lefranc

Presenteert van maandag tot donderdag van 12 tot 13 uur het middagblok op Studio Brussel. Elke vrijdag bereidt ze de luisteraar samen met Sam De Bruyn voor op het einde van de werkweek in Bijna weekend!, van 13 tot 19 uur op Studio Brussel.

Pien Lefranc

Is 28 jaar.

Woont in Brussel.

Groeide op in Kapelle-op-den-Bos.

Studeerde orthopedagogie, kleinkunst en radio.

Begon eind vorig jaar bij Studio Brussel en mocht meteen De Warmste Week presenteren.

Dweept met Elliott Smith, Radiohead, Talking Heads en Aphex Twin.

Partner Content