‘Eindelijk hebben wij vrouwen een graaf comedyclubje’: Soe Nsuki & Jade Mintjens over hun eindejaarsshows

© Tina Herbots
Kristof Dalle Journalist

Twee adressen voor al uw kerst- en eindejaarsverlichting: Soenami, de tweede zaalshow van Soe Nsuki, en Samen door 2022, de eerste conference van De ideale wereld-gezicht Jade Mintjens.

‘Heal the world. Make it a better place. For you and for me, and the entire human race.’

‘There are people dying. If you care enough for the living. Make it a better place for you and for me.’

We zitten vijftien minuten in ons gesprek wanneer Soe Nsuki en Jade Mintjens tweestemmig de zeemzoetste der Michael Jackson-bangers inzetten. Louter de titel vermelden van Mintjens’ conférence – Samen door 2022 – volstond. Hoeft dat te verbazen? Hooguit dat het nog de volle vijftien minuten heeft geduurd.

Mintjens – tevens redactielid en gezicht bij De ideale wereld – neemt dit jaar de eindejaarsfakkel over van Bert Gabriëls, die in 2019 in het gat was gedoken dat Michael Van Peel had achtergelaten. Nsuki – tevens Vlaanderen vakantieland-reporter en scenariste (De Shaq op Eén) – gaat op 3 december hoogzwanger in première met Soenami, haar tweede zaalshow. Verwacht in beiden meer puppy’s dan Poetins. Hoewel hun grappen bij wijlen ook eens mogen snijden, lijken beiden voornamelijk comedy te maken vanop een soort roze wolk. Met een zekere knullige vrolijkheid en een agressief Kempisch optimisme.

Ik ben enkele jaren geleden weggepest bij een tv-programma. Je kunt pijnlijke zaken vertalen naar comedy maar hier heb ik blijkbaar nog niet gevonden hoe.’ Soe Nsuki

‘Heb je ons daarom samen gezet?’ vraagt Mintjens verbaasd. ‘Dus we hoeven het níét nog eens te hebben over hoe het is als vrouw in de stand-upwereld? Of we wel humor hebben? En hoe dat nu eigenlijk zit met dat menstrueren?’

‘Mag ik wel even zeggen dat het voor mij een verademing was toen jij erbij kwam, Jade? Ik was lang een van de enige vrouwelijke stand-uppers, maar met jou, Amelie Albrecht, Dena Vahdani en Roosje Pertz hebben we eindelijk een graaf clubje. En een WhatsApp-groepje dat ‘Vrouwen zijn niet grappig heet’. ’

Wat circuleert daar zoal?

Jade Mintjens: ‘Seg, welke berichten heb jij gekregen van Bart De Pauw?’

Soe Nsuki: Tijdens de pandemie zoomden we ook regelmatig. Af en toe spreken we af. De sfeer zit goed.

Mintjens: En dat is pas een verademing voor mij. Op de toneelschool was de rivaliteit te snijden. Alle blonde vrouwen waren per definitie concurrentes, want we deden allemaal auditie voor dezelfde rollen. In de comedywereld bestaat dat niet. Kamal Kharmach, die ook een eindejaarsconference heeft, stuurt me gewoon een berichtje om me veel succes te wensen. En Michael Van Peel kwam onlangs naar een try-out kijken en stopte me achteraf een briefje met wat tips in de hand. Hij vond het verfrissend. En compleet anders dan zijn Van Peel overleeft of de shows van Bert.

Het is dan ook de eerste keer dat de eindejaarsconference door een frisse twintiger gemaakt is, niet door een veertigplusser in maatpak en Van Bommel-lakschoenen.

Mintjens: Precies! Het is geen bewuste keuze, maar door wie ik ben, krijg je nu eenmaal een ander soort show. Muzikaler sowieso. Meer publieksinteractie. Ik probeer ook niemand een mening op te leggen. We gaan gewoon samen door 2022 en we proberen collectief de vervelende nieuwsfeiten te vergeten zodat je met een goed gevoel naar huis kunt.

Nsuki: Vind je het niet vermoeiend om de actualiteit bij te houden? Ik zou gek worden.

Mintjens: Vroeger werd ik ziek van de actualiteit. Letterlijk. Zag ik wat passeren over oorlog of overleden kinderen, lag ik ’s nachts gegarandeerd wakker. Ik heb het nieuws jaren krampachtig ontweken omdat ik me het allemaal te hard aantrok. Maar ondertussen lees ik – dankzij de show en een jaar bij De ideale wereld – de krant eindelijk op een functioneler en, toegegeven, iets oppervlakkiger manier. ‘Wat kan ik hier mee?’ Ik hoef ook niet elke laatste ontwikkeling over het Oekraïense front te volgen, want veel grappen vallen daar toch niet te rapen. Doe mij dan maar de colonoscopie van Ryan Reynolds. Ook dat gebeurde dit jaar!

© Tina Herbots

Nsuki: (lacht) Niemand verwacht een volledig jaaroverzicht, toch? Iedereen weet dat er een oorlog woedt en dat de energieprijzen hoog staan. De colonoscopie van Ryan Reynolds is een welgekomen afwisseling in die zee van miserie.

Soe, jij gaat binnenkort hoogzwanger het podium op.

Nsuki: In première gaan in december terwijl je uitgerekend bent voor januari? Beetje spannend. Maar de gynaecoloog zag er geen graten in, en zwanger op het podium staan zoals Ali Wong in twee Netflixspecials deed (Baby Cobra en Hard Knock Wife, nvdr.) leek me wel graaf.

Die zwangerschap heeft ook een zekere rust gebracht: ik heb dit najaar heel veel afgezegd, waardoor ik me louter op Soenami kon concentreren. Bovendien blijkt nu dat ik toch iets geleerd heb van Soetopia, mijn eerste show. Toen was het nog wat zoeken naar hoe ik een publiek anderhalf uur geboeid kon houden.

In een van die twee specials negeert Wong haar zwangerschap grotendeels, alsof er niks aan de hand was. Hoeveel comedy wil jij eruit puren?

Nsuki: Het zit er eventjes in. Je moet wel, anders wordt het raar. Het valt namelijk nogal hard op. (lacht) Niemand luistert ook naar je grappen tot je minstens even erkent dat je zwanger bent. Ik heb het er ook over omdat ik merk dat er zo weinig over geweten is bij wie nog geen kinderen heeft. De algemeenheden, ja, maar niemand heeft me ooit verteld over de driehonderd kwaaltjes die erbij komen kijken. Of hoe zwaar alles kan zijn, zowel fysiek als mentaal. Je waggelt negen maanden over straat en dan komt er op een vieze, pijnlijke manier een baby uit: dat was min of meer wat ik wist.

Mintjens: Dat is ook ongeveer waar mijn notities stoppen, ja.

Nsuki: Dat, en heel veel goed bedoeld maar conflicterend advies en achterpoortjes. ‘Je weet dat je wél preparé mag eten, Soe? Je moet gewoon zorgen dat je geen voedselvergiftiging krijgt.’ Lot mij toch gewoon doen, jongens.

Niemand geeft graag op voorhand materiaal weg, dus misschien moet ik eerder hengelen naar een stukje dat de shows net niet gehaald heeft?

Mintjens:Ik heb geprobeerd om voor elke show een nieuw lied te maken over de actua van de dag, het lokale nieuws uit het dorp in kwestie incluis. De mensen hebben dat graag: ‘Ah, het gaat over ons.’ Dat was wel geestig, maar à la minute maak je ook geen topcomedy.

Nsuki: Ondertussen is het een absurd stuk geworden over tv-werk en hoe je spontaan en in the moment moet doen in een setting die meestal zeer gekunsteld en, eh, out of the moment is. Maar vroeger ging die hele bit over hoe ik enkele jaren geleden ben weggepest bij een tv-programma. Letterlijk weggepest. Dat moest bijvoorbeeld een duopresentatie worden, maar die kerel raffelde gewoon alle tekst zelf af. ‘Anders moet jij vanachter wat gaan kuisen, Soe? Ik zal het wel doen.’ Wat? Maar die gast had alle macht op de set en niemand durfde hem tegen te spreken. Dat was een vrij traumatische ervaring, maar ik wilde het er toch graag over hebben in de show. Alleen, telkens ik erover begon, voelde je de sfeer in de zaal veranderen. In een vreemde mix van verwarring en ongeloof.

Omdat je het publiek op de een of andere manier subtiel toestemming moet zien te geven dat het ermee mag lachen?

Nsuki: (knikt) Je kunt pijnlijke zaken best wel vertalen naar comedy – denk aan Tig Notaro over haar borstkanker, Patton Oswalt over het verlies van zijn vrouw – maar ik heb hier blijkbaar nog niet gevonden hoe. Ondanks dat ik het zes maanden op diverse manieren geprobeerd heb. Eerst met oprechte woede – dat was stom: ik word niet kwaad op een podium, dan ga ik mezelf slecht voelen – daarna met metaforen, en uiteindelijk met de bedenking dat ik zo hard gepest werd dat ik overtuigd was dat ik in een aflevering van Hoe zal ik het zeggen? zat. Maar Jens Dendoncker daagde nooit op.

Op de redactie van DIW werken toch een paar cynische mensen. Echte donderwolkjes, eigenlijk. Dus probeer ik hun zonnetje te zijn.’ Jade Mintjens

Nsuki:Kijk, als je eenmaal die blik vol medelijden van het publiek krijgt, is het gedaan. Dat is zeer lastig om nog recht te trekken.

Mintjens:Maar als het toch lukt, is de lach dubbel zo hard. Ik heb een stukje over de dood van mijn grootmoeder dat de lucht ook uit de zaal haalt. Maar daarna volgt een grap en een zeer gretige, luide lach van opluchting.

***

‘En wat doe je daar precies mee?’ vraagt Nsuki.

Mintjens haalt een klein flesje uit een vergulde sleutelhanger. ‘Wanneer je tijdens het wandelen een hommel of een bij ziet die aan het eind van haar Latijn is, kun je die met een druppeltje van deze suikerpasta weer op krachten brengen. Revive a Bee heet het.’

‘Gij zijt echt een goe mens, Jade.’

Eh, zijn die dieren niet sowieso ten dode opgeschreven omdat het seizoen ten einde loopt? Anders gesteld: verleng je hun lijden op die manier niet?

Mintjens: Ja maar, die móét daar toch niet van drinken? Je kunt toch maar proberen?

Hou dat optimisme vooral even vast. De teneur in conferences – en in het algemeen – lijkt te zijn dat elk jaar nog slechter is dan het vorige. 2020 was een rampjaar. 2021 een shitshow. 2022 een clusterfuck. Zien jullie dat ook zo? Of hebben jullie ergens hoop uit kunnen puren in 2022?

Nsuki: Wie enkel Het journaal volgt, ziet het misschien elk jaar somber in. Maar het nieuws is zeer beperkt. Enerzijds zijn er oorlogen, vluchtelingencrisissen en hongersnoden die amper aandacht krijgen, anderzijds bericht men gewoon zelden over goed nieuws. Simpel voorbeeld: de algemene geletterdheid is wereldwijd sterk gestegen in de laatste twintig jaar. Je kunt daar Het journaal niet mee openen – want niet juicy genoeg – maar ik word daar zeer blij van. Maar dan ben ik blijkbaar soft. Of niet realistisch.

‘De colonoscopie van Ryan Reynolds is een welgekomen afwisseling in een zee van miserie.’
‘De colonoscopie van Ryan Reynolds is een welgekomen afwisseling in een zee van miserie.’ © Tina Herbots

Mintjens: Sorry, maar ik vond 2022 wel een mooi jaar. Niet in het minst omdat de coronamaatregelen verdwenen zijn en we weer schouder aan schouder in een zaal mochten gaan zitten. Vorig jaar mochten we niet eens met de uitgebreide familie kerst vieren. Ik heb een mooie reis gemaakt, mijn grootmoeder kwam bij ons wonen, ik heb een fijne job… De truc is om gewoon dankbaar te zijn. Elke dag.

Is die ingesteldheid aangeleerd of aangeboren?

Mintjens: Mijn moeder heeft me ingeprent dat er altijd ergere dingen in de wereld gaande zijn. Je mag je slecht voelen, maar besef goed dat dat weer overgaat. (denkt na) Als kind voelde ik me altijd zo machteloos, of het nu slecht ging met een klasgenoot dan wel met de hele wereld. Geld inzamelen met de Damiaanactie voor kinderen met lepra? Zot werd ik ervan. Omdat ik daar persoonlijk niks aan kon verhelpen. Eigenlijk is het achteraf bekeken heel raar om daar als kind zo hard, op het verlammende af, mee te zitten, nee? Ik heb echt moeten leren dat ik niet de hele wereld op mijn schouders kan dragen.

Nsuki: Mijn moeder is ook van het ‘pluk de dag’- en ‘de ochtendstond heeft goud in de mond’-type. Maar ik loop ook niet élke dag knettervrolijk rond. Soms ben je gewoon aan het verdrinken en is de wereld kak. Maar vaak – niet altijd – heb je een keuze. Je kunt rotweer je dag om zeep laten helpen, of je kunt denken: dat is goed voor de boeren en je mag je favoriete regenjas nog eens aantrekken.

Mijn lunch komt een heel klein beetje naar boven, Soe.

Nsuki: Soms struikel ik ook over mijn eigen privilege wanneer ik een emotionele breakdown krijg omdat de gele kiwi’s in de supermarkt uitverkocht zijn, hoor. Positief blijven vergt gewoon meer energie dan kankeren: cynisch onderuitzakken is gewoon veel makkelijker. Ik geloof dat het – meestal – een keuze is om positief dan wel negatief naar de wereld te kijken.

Mintjens: Ik werk nu een jaar op de redactie van DIW, waar toch een paar cynische mensen werken. Donderwolkjes, eigenlijk. (lacht) Dus probeer ik hun zonnetje te zijn. Recent heb ik het aangedurfd om een Secret Santa voor te stellen onder de hele productie. (droog) Daar is behoorlijk wat protest op gekomen. Van ‘Jade, wat doe je ons aan?’ tot ‘Godverdomme Jade, wat moet ik nu kopen voor de stagiaire? Zeep of zo? Straks denkt ze dat ik seks wil.’ (lacht) Maar toen we uiteindelijk cadeautjes uitwisselden, moest iedereen toegeven dat het een leuk initiatief was. Sommigen hebben voor het eerst uitgebreid met elkaar gepraat. (bloedserieus) Ik voel me af en toe de goede fee van DIW. Mijn collega’s zijn soms zo negatief dat ik gewoon de slappe lach krijg. ‘Hoor jezelf nu eens bezig, vriend. Wat is dit voor attitude?’

Jullie comedy bevat echt geen spat cynisme, wat nochtans een vlotte route naar een lach kan zijn. Is dat een bewuste keuze?

Mintjens: Zo steek ik niet in elkaar. Maar je weet maar nooit. Misschien zit ik hier de volgende keer met zwartgeverfde haren en zo’n emolijntje onder mijn ogen. ‘Alles is kak! Fuck Secret Santa! Straks denkt ze dat ik seks wil!’

Nsuki: Ik voel tegenwoordig soms wel wat cynisme opborrelen. Zo heb ik het ook over racisme in mijn show – een onderwerp dat ik in interviews probeer te mijden – en het is echt zéér moeilijk om niet cynisch te doen over racisme. Maar het woord alleen doet al een bommetje ontploffen in het hoofd van mijn publiek. Terwijl ik hoop dat iedereen een leuke avond heeft. Er mag groen gelachen worden. Of schuldig gelachen. Maar men moet wel lachen. Toen ik dat stuk voor het eerst speelde, in de zomer van 2020, heb ik gewoon twintig minuten staan roepen. Ik was zo ongelooflijk kwaad. Dat krijg je blijkbaar als je me vijf maanden in isolatie laat schrijven, zonder uitlaatklep en enkel mijn vriend – ocharme – die feedback kan geven. (droog) Comedy is veel, maar comedy is níét twintig minuten kwaad staan roepen. Nu goed, het was er daarmee ook uit, en dan kun je verder bouwen. Weg van dat cynisme, weer op zoek naar de lach. Men heeft lang gedacht dat comedy cynisch móést zijn – ‘Alles is kak en niks heeft waarde!’ – maar ik wil dat niet.

Hoe ga je dat tegen?

Nsuki: Omring je met jonge mensen, bijvoorbeeld. Ik ben slechts 34, maar het kan me enorm deugd doen om met prille twintigers over racisme te praten. Zij staan daar nog frisser in. Laat maar komen, denk ik dan, die ongerepte meningen en die goeie moed.

Jade?

Mintjens: Ik heb vandaag speciaal een trui met schaapjes op aangetrokken, voor de sfeer. Is dat ook iets?

‘Eerst komt Toffe, Vrolijke Soe. Die maakt Ontketende Soe makkelijker te slikken’, zei je me ooit. Is dit het ontwaken van Ontketende Soe?

Nsuki:(knikt) Comedy is een taal die je moet leren. Zoals een schilder zijn ideeën na tien jaar duidelijker kan overbrengen op doek, kan ik met sommige complexe thema’s nu pas aan de slag. Ondertussen ben ik tien jaar bezig. Het mag allemaal ietsjes scherper. Je wilt jezelf ook niet herhalen, toch? Je wilt niet eindigen als Drake, die op zijn 36e nog altijd zaagt over grietjes die hem niet terug sms’en.

Mintjens: Whatsappen, Soe. Of dm’en. Fucking boomer.

Samen door 2022

Alle tourdata, inclusief de kerstspecial in de Arenberg op 23.12: jademintjens.be

Soenami

Première op 03.12 in de Arenberg, Antwerpen. Alle info: soensuki.be

Soe Nsuki

Geboren in 1988 in Antwerpen. Opgegroeid in Kalmthout.

Turnt zich in 2012 om van breakdancer tot stand-upper.

Debuteert in 2018 met Soetopia. Op 3 december gaat haar tweede zaal-show Soenami in première.

Acteert in en schrijft mee aan de Eén-miniserie De Shaq (2021).

Doet ‘Soegesties’ in Vlaanderen vakantieland en zetelt in tal van panelshows.

Jade Mintjens

Geboren in 1998 in Turnhout. Opgegroeid in Westmalle.

Neemt op haar 18e samen met goudvis Viktor deel aan de talentenjacht Voor de leeuwen (Eén).

Speelt de hoofdrol in webreeks Instafamous (2020, VTMGo).

Haalt in 2021 de finale van Humo’s Comedy Cup.

Vervoegt in 2021 de redactie van De ideale wereld.

Debuteert avondvullend met de eindejaarsconférence Samen door 2022.

Partner Content