Dag Jan! Jullie staan nu in Zwitserland op het grote Paléofestival. De Zwitsers kennen jullie dus al, maar hoe goed kennen jullie de Zwitsers?

Jan Paternoster: Uit de keren dat we voor hen hebben opgetreden, heb ik vooral onthouden dat er van hen allemaal een hoek af is. Een bende gekken bij elkaar, maar ze zijn wel altijd van in het begin mee.

Volgende week beginnen jullie in Londen aan een nieuwe reeks opnamesessies voor de tweede plaat.

Paternoster: Yep, terug naar de ‘Konk’. Vooral om er gitaar en drums in te blikken. De zang en de overdubs doen we later in België.

Weet de eigenaar van de Konkstudios eigenlijk dat hij op de Lokerse Feesten zowat in jullie voorprogramma speelt?

Paternoster: Ray Davies? ( Grinnikt) Tot de dag vóór Lokeren zitten we nog in Londen. De vorige keer zei hij toch dat hij ons goed vond klinken. Ik hoop dus dat hij nog ’s passeert, zodat we hem die stand van zaken kunnen meedelen. ( Lacht)

Ik kan me voorstellen dat twee weken toeren met een grotesk podiumindividu als Jesse Hughes van Eagles Of Death Metal een blijvende impressie nalaat.

Paternoster: Ik was benieuwd of hij ook náást het podium zo’n uitgelaten, positieve gek zou zijn. Welnu: ja. ( Lacht) In Keulen kwam hij de kleedkamer uit, enkel gekleed in een roze onderbroekje, tot aan zijn knieën opgetrokken kousen en daaronder laarzen (zie foto, nvdr.). Even de show stelen voor de show begint, zo is hij. Of we iets van hem hebben geleerd? Ik denk dat vooral Dries onder de indruk was van drummer Joey Castillo, die ook bij Queens Of The Stone Age speelt. Als wij geweldige muzikanten bezig zien, voelen we onmiddellijk de drang om datzelfde niveau te bereiken, al vergeten we soms dat we nog maar 18 en 20 zijn. Want – ik weet wel dat muziek geen competitie is, maar toch – wij willen voor níémand onderdoen.

Veel artiesten voeren een vast ritueel uit vlak voor ze het podium opstappen: Robbie Williams bidt tot Elvis, die van Foo Fighters drinken Jägermeister, en Mark E. Smith van The Fall ontslaat waarschijnlijk een groepslid. Hoe zit het bij jullie?

Paternoster: Wij geven elkaar gewoon een hand: ‘Amuseer u, doe dat goed‘. Niets méér, want eens je begint met elke keer je favoriete kousen aan te trekken, loopt het gegarandeerd verkeerd.

Wat is het eerste wat je doet wanneer je thuiskomt na een tournee?

Paternoster: Slapen en mijn baard afscheren – je bent toch terug in, tja, het normale. Behalve dat ik mijn vriendin dan niet zo vaak zie, vind ik eigenlijk álles aan toeren positief. Eén keer was het minder, in San Diego, toen we vanwege onze leeftijd de club niet in mochten waar we ’s namiddags wél al ons gerief hadden opgesteld. Toen hebben we met de security een deal moeten sluiten: enkel spelen, dus niet meer soundchecken, en daarna weer buiten. Ach ja, typisch Amerikaans.

Welke ontmoeting met een andere muzikant is je het meest bijgebleven?

Paternoster: Die met Jay-Z, op Rock Werchter vorig jaar. Omdat hij geen vent is die je zomaar tegen het lijf loopt. Wij stonden backstage toevallig in de buurt van zijn kleedkamer, die door twee enorme bodyguards werd bewaakt. Ineens stapt hij naar buiten, komt hij bij ons staan en vraagt hij hoe het ermee is en zo. Waarschijnlijk dacht hij als grote ster: ‘Niemand zal mij hier durven aan te spreken, dus neem ik het best zelf het initiatief, anders sta ik maar voor lul.’ ( Lacht) Hij is dan misschien wel Jay-Z, maar dat zou toch onverdiend zijn geweest. Want hij was écht wel heel vriendelijk.

Volgende aflevering : K’s Choice (Dranouter)

KURT BLONDEEL

Partner Content