La nouvelle vie d’Adèle Exarchopoulos’PUTAIN, WAT EEN ACTEUR, DIE MATTHIAS SCHOENAERTS’

Hoe moet het verder als je op je achttiende al feller gepiekt heb dan 99,99 procent van je collega’s ooit zullen doen? Adèle Exarchopoulos, de Adèle uit het onvergetelijke La vie d’Adèle, zoekt het uit in Orpheline en de nieuwe films van Sean Penn en Michaël R. Roskam. ‘Je leert het meest bij als je er een rommeltje van maakt.’

Wat doen meisjes van achttien zoal? Zich afvragen wat ze willen studeren? Babysitten om combitickets voor Rock Werchter te kunnen betalen? Niet Adèle Exarchopoulos. De Parisienne met Griekse voorouders speelde op haar achttiende de hoofdrol in een film die haar op haar negentiende een Gouden Palm opleverde. Adèle speelt Adèle in het beruchte La vie d’Adèle van Abdellatif Kechiche, een zinnenprikkelende ode aan de vrouwenliefde en de vitaliteit van de jeugd (met een zinderende seksscène). Technisch kon ze die Gouden Palm niet winnen. De hoofdprijs van het festival van Cannes gaat in principe naar de regisseur. Maar Steven Spielbergs jury was in 2013 zo onder de indruk van Exarchopoulos en haar tegenspeelster Léa Seydoux dat ze de prijs toekende aan regisseur én actrices. Exarchopoulos was op slag befaamd. Alleen… hoe moet het verder wanneer je op je achttiende al een hoogtepunt bereikt hebt?

Met de haar typerende gulzigheid begon Exarchopoulos aan een nieuw leven. Volgende week duikt de inmiddels 23-jarige actrice op in Orpheline, een film in vier tijden over een vrouw met een bewogen leven. In elke levensfase wordt het personage door een andere actrice gespeeld. Twee weken later speelt ze aan de zijde van Charlize Theron en Javier Bardem in The Last Face, het uitgejouwde doktersdrama van Sean Penn. Daarna is het afwachten of ze terug naar Cannes mag met Le fidèle, de langverwachte nieuwe film van Rundskop-duo Michaël R. Roskam en Matthias Schoenaerts. Haar door een fitnessuitrusting geaccentueerde bolle buik verraadt dat er ook letterlijk nieuw leven op komst is.

Gefeliciteerd met je zwangerschap.

ADÈLE EXARCHOPOULOS: Dank je.

Ik was ongeveer even jong als jij toen ik voor het eerst vader werd. Daar kwam toen niet echt kritiek op, maar ik kreeg toch af en toe te horen…

EXARCHOPOULOS: Laat me raden. Dat je veel te jong was?

Goed geraden. Herken je dat?

EXARCHOPOULOS: Min of meer. Ik trek me zulke dingen gewoon niet aan. Je kunt toch niet verhinderen dat anderen je beoordelen. Daartegenin gaan kost veel energie en levert niets op. Laat ze maar zeuren. Het verlangen om vader of moeder te worden staat daar ver boven. Het is een groot, diep, oncontroleerbaar verlangen. Ik kijk ernaar uit om nieuw leven op de wereld te zetten. Ik wéét dat ik daar nooit spijt van zal krijgen.

Ik ben niet geobsedeerd door het eeuwige. Ik heb me niet afgevraagd of ik het wel honderd procent zeker ben dat ik heel mijn verdere leven wil delen met mijn huidige man. Ik hoop van wel want ik ben stapelverliefd op hem. Maar als het ooit anders uitdraait, dan is het maar zo. Ik heb me wel een ándere vraag gesteld: zal ik het ooit betreuren dat hij de vader van mijn kind is? Het antwoord kwam meteen: nee, dat zal ik nooit betreuren.

Je acteert al sinds je dertiende. Je was achttien toen je de hoofdrol speelde in La vie d’Adèle. Ben je sneller volwassen geworden dan je leeftijdsgenoten?

EXARCHOPOULOS: Ja. Daar viel bijna niet aan te ontsnappen. Je gaat dag in dag uit met volwassenen om. Die nemen je serieus en verwachten veel van jou. Je maakt conflicten mee. Je verdient geld, je bent financieel niet meer afhankelijk van je ouders. Elke film is een avontuur. Je reist veel. Je leert je eigen boontjes doppen. Je krijgt wel een luxueuze hotelkamer, maar dat neemt niet weg dat je ’s avonds alleen bent. Opgroeien is ook: leren alleen zijn. Ik werd tevens een publieke figuur. Die krijgen meteen de rekening gepresenteerd als ze zich onvolwassen gedragen.

Iedereen heeft toch recht op uitschuivers?

EXARCHOPOULOS: Zéker! Misschien zeg ik dit nu om mezelf gerust te stellen, maar volgens mij leer je het meest bij als je er een rommeltje van maakt. Ik heb toch enorm veel geleerd van mijn fouten. Ik heb al enkele lelijke uitschuivers gemaakt, vooral tijdens het promoten van films, maar ook tijdens de opnames. Daar word je sneller groot van. Ik wil ook mijn eigen bokken schieten. Ik heb me voorgenomen om al mijn beslissingen zelf te nemen en niet te luisteren naar mensen die me adviseren om iets wel of niet te doen. Draag die jurk niet! Rook nooit in het openbaar! Spreek nooit kwaad over iemand!

Volgens regisseur Arnaud des Pallières gaat Orpheline over de strijd van een vrouw om te leven en vrij te zijn. Zie jij je leven als een strijd?

EXARCHOPOULOS: Wie ben ik om Arnaud tegen te spreken? Heeft hij geen gelijk? Een conflict, een weerbarstige liefde, eenzaamheid waar je vanaf wil: strijd is er altijd en overal. Het komt er vooral op aan om goed na te denken over welke gevechten je aangaat en welke niet. Dat moet je zelf weten.

Voor welke gevechten heb jij gekozen?

EXARCHOPOULOS: Dat vertel ik je niet. Dat is te persoonlijk.

In Orpheline heb je een seksscène. Over de seksscènes in La vie d’Adèle is de wereld nog steeds niet uitgepraat. In Cannes vertelde je me destijds dat je naakt beschouwde als een vermomming. Zie je dat nu nog zo?

EXARCHOPOULOS: Dat is een goed voorbeeld van hoe overtuigingen kunnen veranderen. Ik word straks moeder. Als mijn kind later naar school gaat, wil ik niet dat het moet horen dat de vriendjes over mijn borsten bezig zijn. Ik let voortaan op met naakt. Ik kan niet meer uitsluitend aan mezelf denken. Ik heb het er ook zelf mee gehad.

Sinds wanneer beschouw je acteren als je vak?

EXARCHOPOULOS: Sinds nu. Sinds ik besef dat ik een leven op te bouwen heb. Ik sticht een gezin. Dat brengt verantwoordelijkheden met zich mee. Ik moet het werk ernstig nemen. Daarom is acteren nog geen verworven recht. Elke nieuwe rol is een nieuwe uitdaging, een nieuwe zoektocht naar de juiste invulling van het personage. Wie kan garanderen dat dat altijd goed afloopt? Ik kan geweldig op mijn bek gaan of een serie verkeerde keuzes maken.

Toen ik nog klein was, was acteren uitsluitend een passie. Nu niet meer. Ik besef nu dat ik er mijn geld mee verdien. Mijn gezin rekent op mij. Dat is een andere situatie. Niet dat ik me nu verplicht voel om elke rol te aanvaarden. Ik heb onlangs een belachelijk goed betaalde job in een grote productie geweigerd omdat het scenario slecht was. Maar ik geef toe dat ik anders zou piepen als ik om geld verlegen zat. Ik ben niet tegen geld. Geld draagt bij tot je welzijn en comfort: kunnen kiezen wat je eet, een dak boven je hoofd, mensen een plezier kunnen doen, noem maar op.

Een film als La vie d’Adèle kom je maar om de vijf of tien jaar tegen. De kans bestaat dat je nooit meer iets gelijkaardigs meemaakt.

EXARCHOPOULOS:(plots stil) Het is aartsmoeilijk om dat te aanvaarden, maar het klopt. Het was een vreemd gevoel: door alle lof en aandacht ontstond het idee dat ik ‘mijn klassieker’ al achter de rug had, en tegelijk vond ik dat ik nog alles te bewijzen had.

La vie d’Adèle mag geen vergiftigd geschenk worden. Ik wil niet voor de rest van mijn leven vastgepind worden op die ene vertolking. De kijkers hadden na de film de indruk dat ze mij écht kenden, dat ik hun vriendin was. Dat effect moet vroeg of laat uitgewerkt raken, toch? Ik kan me niet voorstellen dat ze die Adèle nog in mij zullen zien wanneer ik veertig zal zijn. Ik zou mezelf op die leeftijd niet graag willen voorstellen als ‘de Adèle uit La vie d’Adèle.

Heb je nog veel te leren?

EXARCHOPOULOS: Gelukkig heb ik nog veel te leren. Wie niets meer te leren heeft, is klaar om te sterven. Dat is droevig. Zal ik eens opsommen wat ik zoal niet kan? Ik ben niet klaar voor toneel. Ik vind mezelf een nul in kostuumfilms.

Mijn volgende film wordt The White Crow van Ralph Fiennes. De opnames in Moskou zijn voorzien voor juni, juli. Ik speel Clara Saint, de vrouw die de beroemde balletdanser Rudolf Nurejev geholpen heeft om politiek asiel te krijgen. Kun je geloven dat ik blij was dat ik auditie moest doen? Ik krijg niet graag een rol op basis van wat ze me in La vie d’Adèle hebben zien doen. Het is niet omdat ik daarin lach en ween dat ik alles aankan. Een auditie geeft me meer legitimiteit.

Misschien brengt Le fidèle al verlossing. Michaël R. Roskam omschrijft zijn nieuwe film als een amour noir. Jij speelt een meisje uit een welgesteld milieu dat verliefd wordt op een Brusselse bandiet, gespeeld door Matthias Schoenaerts. Enig idee wat een amour noir is?

EXARCHOPOULOS: Ik kan niets zeggen over het eindresultaat want dat heb ik nog niet gezien. Maar ik verwacht er veel van. De opnames waren fantastisch, de mooiste die ik heb meegemaakt sinds La vie d’Adèle. Iedereen barstte van de energie, niemand had last van zijn ego. Ik heb het al anders geweten. Roskam kwam ontzettend intelligent over. Hij kiest nooit voor de gemakkelijkste oplossing. Niets is gratuit, alles mag poëtisch zijn. Hij heeft de impulsen van een kind, maar de hersenen van een man. Ik heb ook énorm genoten van het samenspel met Matthias Schoenaerts. Putain, wat een acteur! En zo genereus.

Schoenaerts heeft al samengespeeld met Kate Winslet, Carey Mulligan, Tilda Swinton, Marion Cotillard en Alicia Vikander. ‘Soms klikt het, soms niet. In dat geval moet je professioneel zijn’, zei hij me. Hebben jullie professioneel moeten zijn?

EXARCHOPOULOS: Het klikte meteen met Matthias. Samen spelen ging vanzelf. Ik snap wel wat hij je probeerde te vertellen. Samenwerken met iemand die je niet mag, is in élk beroep vervelend, maar bij ons staat er een camera op. Ik heb het zelf ook al meegemaakt. Ik heb toen leren alleen spelen. Dat is niet aangenaam, maar je moet het wel kunnen.

Ik hoop dat de mensen zich na Le fidèle in mijn of Matthias’ plaats stellen omdat ze even fel willen bemind worden of – nog interessanter! – even fel wíllen beminnen. Liefhebben met alles wat je in je hebt, ondanks de opoffering die dat vergt. De liefde in al zijn hardheid, kracht en schoonheid! Zei ik al dat ik veel verwacht van Le fidèle?

De film is in Brussel gedraaid. Een jaar geleden schrikten aanslagen de stad op. Als Parisienne heb jij zelf meer dan je part gehad. Is Parijs veranderd sinds de terreur?

EXARCHOPOULOS: De Parijzenaars hebben blijk gegeven van uithoudingsvermogen, maar niet alles is ten goede veranderd. En ook al heb ik de aanslagen meegemaakt, ik voel me nog altijd bevoordeeld. Ik voel wel mee met de mensen die een vriend of familielid hebben verloren. Dat moet verschrikkelijk zijn. Niets of niemand kan hen terugbrengen. Maar zelf mankeer ik niets. Ik woon niet in Aleppo. Ik heb een beroep waar ik zielsveel van hou. Ik prijs mezelf ontzettend gelukkig. Ik ben gezegend.

Gevaar is er altijd. Wat me bang maakt, is de verdeeldheid, het feit dat veel mensen de schuld onterecht in de schoenen schuiven van een gemeenschap. Ik vrees dat we ons van vijand vergissen, maar meerdere politici moedigen de verdeeldheid en de angst juist aan. Mijn generatie gaat nochtans een andere kant op. Ze wil de rangen wel sluiten en aanvaardt geen onrecht of politiegeweld.

Laat de politiek jouw generatie in de steek?

EXARCHOPOULOS: De politici zijn slechte vertegenwoordigers van mijn generatie. Dat is uiteraard mijn subjectief aanvoelen, maar je moet weten dat ik nog nooit vóór iemand heb kunnen stemmen. Ik heb altijd tégen iemand moeten stemmen. Dat is erg triest.

Twee weken na Orpheline duik je op in The Last Face van Sean Penn. Wat herinner je je van jullie eerste ontmoeting?

EXARCHOPOULOS: Ik moest in Los Angeles een prijs in ontvangst nemen voor La vie d’Adèle en was bang voor een faux pas. Die Amerikanen doen alles anders: het is een ander wereldje met andere gewoontes. Toen mijn agente me liet weten dat Sean Penn me wilde ontmoeten, kon die prijsuitreiking me geen barst meer schelen. Sean is naar mijn hotel gekomen. We hebben samen een glas gedronken. Ik denk niet dat ik al iemand tegengekomen ben die meer van La vie d’Adèle houdt dan Sean Penn. Hij gaf me het scenario van The Last Face en vroeg of ik wilde meespelen. Uiteraard wilde ik dat. Ik zou zelfs bereid geweest zijn om koffie voor hem te zetten, of figurant te zijn. ’s Anderendaags vroeg ik me af of ik het niet gedroomd had. Ik kon er niet bij dat iemand met zoveel talent mij in zijn film wilde.

In Cannes werd The Last Face wel met de grond gelijkgemaakt. Heb je Sean Penn moeten troosten?

EXARCHOPOULOS: Cannes kan je ophemelen, maar Cannes kan ook mensen vernietigen. Als de volledige pers schrijft dat je film geen stuiver waard is terwijl je er met hart en ziel aan gewerkt hebt… The Last Face is bij momenten nogal melodramatisch, katholiek en moraliserend. Het is goed mogelijk dat je de film daarom niet lust. Maar de hardste kritiek in Cannes was dat Sean Penn het récht niet had om over conflicten in Afrika te praten. Dat begrijp ik niet. Waar slaat dat op? De slachtoffers krijgen het woord niet en degenen die het woord hebben, moeten zwijgen: zo zullen we er nooit komen. De kritiek dat Sean Penn niet weet hoe het er in Afrika toegaat, is bovendien onheus. Ik ken hem ondertussen erg goed. Ik ben via zijn stichting naar Haïti gereisd. Daar heb ik gezien dat hij goed doet en dat hij de dossiers heel goed kent.

ORPHELINE

Vanaf 5/4 in de bioscoop.

THE LAST FACE

Vanaf 19/4 in de bioscoop.

door Niels Ruëll

‘Ik let voortaan op met naakt. Ik wil niet dat mijn kind later op de speelplaats moet horen dat zijn vriendjes over mijn borsten praten.’

‘Michaël R. Roskam komt ontzettend intelligent over. Hij heeft de impulsen van een kind, maar de hersenen van een man.’

Fout opgemerkt of meer nieuws? Meld het hier

Partner Content