1. ‘Mijn nachtmerries zouden een goede inspiratiebron zijn’

© National

Muzikante en actrice Clara Cleymans, nu te zien in het nieuwe seizoen van Mijn slechtste beste vriendin, speelde enkele jaren geleden de hoofdrol in de Vlaamse zombiefilm Yummy (zaterdag op VTM 3). Zij zou Del Toro het archetype van The Joker aanraden.

Clara Cleymans: Mijn nachtmerries zouden ook een goede inspiratiebron voor Del Toro zijn. Ze zijn soms héél griezelig en zelfs bloederig! Maar doe toch maar Victor Hugo’s L’homme qui rit (dat in een ver verleden al meermaals verfilmd is, nvdr.). Het begin alleen al is huiveringwekkend. Kindersmokkelaars laten Gwynplaine, een tienjarig jongetje, achter. Door een verminking lijkt het alsof hij immer glimlacht. Op zoek naar een plek om de nacht door te brengen vindt hij nabij een galg een dode vrouw met een levende baby in haar schoot. Hij neemt de baby mee en ze komen terecht bij een filosofische vagebond met een tamme wolf die Homo heet. Die wolf is de enige met wat menselijkheid. Alle mensen zijn beestachtig. De mens is verrot, stelt het boek. Iedereen in elk milieu is verrot. De bourgeoisie wordt uit verveling sadistisch.

Het bangst heeft The Blair Witch Project mij gemaakt.

Het doet aan The Joker denken.

Cleymans: Dat is geen toeval. Gwynplaine is de oerversie van de Joker. De thematiek verschilt wel lichtjes. The Joker wil aanvaard worden in de maatschappij maar heeft vooral succes als duistere misdaadfiguur. Gwynplaine begint als acteur maar vanwege zijn lach ziet het publiek niet meer dan een hilarische nar. Niet hij is wreedaardig maar alle mensen die hem omgeven. Hugo schreef geen horror maar een gitzwarte tragedie.

Verfilm je het zelf of laat je de regie liever aan een grootmeester over?

Cleymans: L’homme qui rit barst van de onwaarschijnlijke beelden, zotte gebeurtenissen en donkere wrangheid. Ik denk dat je een grootmeester als Del Toro nodig hebt om er een duistere maar heel mooie film van te maken. Geniaal hoe hij in Pan’s Labyrinth de door een gruwelijke realiteit gevoede angsten van een kind omzet in een fantasiewereld.

Van welke horrorfilm was je niet goed?

Cleymans: Tot typische horror voel ik me niet aangetrokken. Ik kan daar niet goed tegen, ik droom daar slecht van. Niet noodzakelijk in de nacht die volgt op de film: weken later kan een beeld of een idee opduiken in mijn dromen. Sommige mensen vinden het leuk om bang gemaakt te worden. Ik hou van regisseurs die meer willen brengen dan enkel dat soort entertainment. The Witch van Robert Eggers. The Shining van Stanley Kubrick.

Het bangst heeft The Blair Witch Project mij gemaakt. Amerikaanse horror is me vaak te expliciet maar daar is bijna alles suggestie. Door te doen alsof alle beelden zijn teruggevonden op een homevideocamera leek het net echt. Dat wil ik nooit meer meemaken.

L’homme qui rit (1928)
L’homme qui rit (1928) © National

Partner Content