Amen Dunes spiegelt zich aan de Michelangelo’s van de pop (en dat werpt vruchten af)

Damon McMahon legt zijn ziel bloot. © .

Vier platen lang in het duister tasten en dan plots het licht ervaren: op Freedom beleeft de Amerikaanse electrofolkzanger Damon McMahon een artistieke én persoonlijke runner’s high.

Amen Dunes – Freedom

McMahon had best nog meer variaties kunnen bedenken op de benauwende, sjamanistische freakfolk die hij sinds 2006 als Amen Dunes maakt. Voor Love (2014) engageerde hij zelfs het Canadese postrockcollectief Godspeed You! Black Emperor. Maar zijn muziek bleef te hermetisch, de zeggingskracht miniem.

Die impasse dwong de Brooklyner tot een grondige evaluatie. Obscuriteit is misschien cool, maar dan hebben we het qua nut wel gehad. Met dat in het achterhoofd spiegelde McMahon zich aan wat hij de ‘Michelangelo’s van de pop’ noemt: Michael Jackson, The Beatles, Marvin Gaye, vroege Oasis, late Nirvana, Massive Attack. Niet dat zij veel sporen achterlaten op Freedom, maar om tot toegankelijke, zij het geraffineerde songs te komen, wierp die denkoefening wel vruchten af.

Amen Dunes spiegelt zich aan de Michelangelo's van de pop (en dat werpt vruchten af)

McMahon en zijn muzikanten (onder wie Joan As Police Woman-drummer Parker Kindred en Yeah Yeah Yeahs-gitarist Nick Zinner) smelten psychfolk, electronica en rock in lineaire en bezwerende songs. Die doen zowel meditatief als filmisch aan, en vormen zo de perfecte schuiten waarin McMahon zijn reflecties over identiteit en mannelijkheid van de kade afduwt.

Veel verschillende figuren maken deel uit van die vloot. Vooreerst is er McMahons hardvochtige vader, die hij beter probeert te begrijpen in het prachtige Blue Rose (schaduwrijke new wave-pop) en het vingerknippende Calling Paul the Suffering (dat Garland Jeffreys achternakuiert). Ook surficoon annex racist en fraudeur Miki Dora, toonbeeld van de gevallen held, duikt op. In slotsong L.A. ligt dan weer een gladde loser tussen de lakens, die in zijn zielige bestaan slechts naar de volgende wip snakt.

In feite isoleert Damon McMahon in elk van die songs een deel van zichzelf. Bekentenissen die verlossing wekken. Zo laat hij zijn hoofd leegstromen, voor het eerst in zijn leven: weg opgekropte trauma’s, ongefundeerde bewondering, diepste angsten. In hoogtepunt Believe, nochtans geboren uit de kankerdiagnose van zijn moeder, is plaats voor een fijn grapje: ‘When I was a kid I was afraid to die/ But I growed up now.’

Van de emotionele toonverschuivingen in McMahons scherpe, vibrerende stem (denk even aan David Gray) tot boeiende samenstellingen zoals nocturnale gospel, Springsteen-krautrock en schemerende euforie: Freedom is een plaat waarbij de subtiliteiten op laag water gezocht moeten worden. Diep buigen maar.

Streamtips: Blue Rose // Believe // Dracula

Hier staat ingevoegde content die informatie op uw apparaat wil opslaan en/of openen. U heeft hiervoor geen toestemming gegeven.
Klik hier om dit alsnog toe te laten

Partner Content