‘Große Freiheit’: een benauwende gay prison movie, radicaal van vals sentiment gestroopt

Dave Mestdach
Dave Mestdach Chef film van Knack Focus

Sebastian Meises ‘Große Freiheit’ is een beklemmende gevangenisfilm, een sensuele gay romance én een discreet j’accuse tegen homofobie tegelijk.

In 2000 maakten Rob Epstein en Jeffrey Friedman, het duo achter The Celluloid Closet, al de documentaire Paragraph 175, over de wet waardoor homo’s in Duitsland tot in 1969 konden worden vervolgd en opgesloten. Nu is het de beurt aan de Oostenrijker Sebastian Meise om die infame paragraaf uit het Duitse strafwetboek in herinnering te brengen met een fictiefilm, maar verwacht daarom geen prekerig pamflet over holebirechten. Ganz im Gegenteil.

In zijn radicaal van vals sentiment gestroopte en daarom nog benauwendere gay prison movie vertelt Meise het relaas van Hans Hoffmann, die keer op keer in de cel belandt, gewoon omdat hij wordt betrapt op het bedrijven van de herenliefde. In de openingsscène, die zich afspeelt in 1968, zie je hoe de Duitse autoriteiten dat indertijd deden. Met name: door verborgen camera’s in herentoiletten te plaatsen, in de hoop mannen als Hans op heterdaad te kunnen betrappen.

Het is fake footage, inclusief stofdraden en ronkend geluid, die Grosse Freiheit meteen een rauw en voyeuristisch kantje geeft. Alsof je naar een gay variant op Peeping Tom zit te kijken. Maar de rest van de film speelt zich af binnen de gevangenismuren en is zowel een indringende karakterstudie, een verstilde hommage aan wilskracht en verzet als een romance tussen twee heel verschillende mannen. Er is de onverzettelijke Hans, wiens misdaad homoseksualiteit is, én er is diens oudere, bonkige en aanvankelijk homofobe celgenoot Viktor, die vastzit voor moord.

Een klamme reconstructie van een inhumane wetgeving die duizenden, Duitse mannen hun leven lang achtervolgde.

Door ijzig precies tussen drie verschillende tijdsniveaus te zappen, tonen Meise en monteur Joana Scrinzi hoe hun kameraderie slash relatie zich ontspint, en wat jaren opgesloten zitten psychisch met een mens doet. Je ziet Hans ouder en magerder, maar daarom niet minder veerkrachtig worden. Er is het luik dat zich afspeelt in 1968, een tweede dat plaatsvindt midden jaren vijftig, en een derde dat toont hoe de jonge Hans anno 1945 rechtstreeks van het naziconcentratiekamp van Auschwitz naar een burgergevangenis wordt gebracht. Mét goedkeuring van de geallieerden.

Het is een klamme reconstructie van een inhumane wetgeving die duizenden, Duitse mannen als Hans hun leven lang achtervolgde, en pas in 1994 uit het strafwetboek werd geschrapt. Maar Meise verliest de personages nooit uit het oog, en weigert hen te reduceren tot helden of slachtoffers.

Met zijn homoseksuele romantiek en historische gevangenisdecors loert Héctor Babenco’s Kiss of the Spider Woman om het hoekje. Alleen is het in Cannes bekroonde Grosse Freiheit subtieler, sensueler en stukken straffer. Dat heeft te maken met Meises zakelijke mise-en-scène en met de beklemmende, in aardse kleuren gedrenkte beelden van Crystel Fournier, de cameravrouw die eerder voor Céline Sciamma Tomboy en Bande de filles inblikte.

Bovendien kan Meise bogen op een intense Franz Rogowski, die niet meer dan een passionele blik en wat kilo’s meer of minder nodig heeft om van Hans een man van vlees, bloed en niet te fnuiken passie en eigenwaarde te maken. Een ménage à trois van politiek, romantiek en sensualiteit die, net als de gekooide protagonist, weigert om gedwee de conventionele paadjes van de gevangenisfilm te volgen.

Grosse Freiheit

Sebastian Meise met Franz Rogowski, Georg Friedrich, Anton von Lucke

Hier staat ingevoegde content uit een social media netwerk dat cookies wil schrijven of uitlezen. U heeft hiervoor geen toestemming gegeven.
Klik hier om dit alsnog toe te laten

Partner Content