Ze hadden gezegd dat ik zeker moest kijken. 'Ze' zijn mijn stiefzonen, twintigers ondertussen, en als zij iets zeggen, luister ik meestal meteen. Dit tot frustratie van mijn niet-stiefzonen, die vroeger al eens zuchtten: 'Als stiefmoeder ben je toffer', waarna ze aan de buurvrouw vroegen of zij hun stiefmoeder wilde zijn.
...

Ze hadden gezegd dat ik zeker moest kijken. 'Ze' zijn mijn stiefzonen, twintigers ondertussen, en als zij iets zeggen, luister ik meestal meteen. Dit tot frustratie van mijn niet-stiefzonen, die vroeger al eens zuchtten: 'Als stiefmoeder ben je toffer', waarna ze aan de buurvrouw vroegen of zij hun stiefmoeder wilde zijn. Ondertussen zijn we een maand later en moest ik iedere keer dat we elkaar hoorden toegeven dat ik nog altijd niet gekeken had. Geen tijd, was steevast de uitvlucht. Een slechte uitvlucht, zeker in een periode waarin de tijd zich soms eindeloos uitrekt. Uiteindelijk kwam de vraag niet meer. 'Geen tijd' dreigde een eufemisme voor 'geen interesse' te worden en ik deed wat nodig was om de pijnlijke stiltes weg te wissen. Ik keek. Naar Het leven.doc. Ze hadden er hard mee gelachen, hadden ze me verteld. Alleen al daarom was ik gefascineerd. Het is een bijzonder, weinig beschreven fenomeen, hoe je als stief-, plus- of gewone ouder toch een zekere fascinatie koestert voor de humor van een jongere generatie. Om de scherpte van je eigen gevoel voor humor af te toetsen? Om de illusie te koesteren dat je ondanks de zichtbare ouderdomsverschijnselen nog steeds jong in het hoofd bent? Zelden was mijn verlangen naar een avond op café zo groot als toen ik alleen voor mijn computerscherm naar het kabbelende gebabbel en de soms voorspelbare grappen van Bart Cannaerts, Jelle De Beule, Mieke De Groote, Jonas Geirnaert en co. zat te luisteren. Dit klinkt als een doorslagje van de gasten- en medewerkerslijst van De ideale wereld en dat is het ook, maar vreemd genoeg doet dat er niet toe, want in de tweede aflevering zitten Margriet Hermans en Bockie De Repper op voldoende afstand naast elkaar en vinden in de totale tegenpolen die ze zijn toch een gedeelde afkeer. Die voor het huishouden. Als Hermans vertelt over een 'machientje om ramen te zemen zonder strepen', reageert Bockie bijna enthousiast. 'Waar gaat dit in godsnaam over?' hoor ik u denken. 'Zijn dat niet heel veel first world problems op een hoop?' Ik geef het toe: die gedachte flitste ook mij meermaals door het hoofd. Maar het is net het schijnbaar ongeplande, ongestuurde en toch weer tijdig bijgestuurde van de conversatie dat deugd deed. Als een herinnering aan het simpelweg samen zijn dat we al even moeten missen. Het leven.doc verzacht de pijn. Op een onvolledige, onhandige en niet altijd even grappige manier. Welja, zoals het leven zelf.