Een vadsige man in vuilgrijze boxershort raast op een brommer door de nacht. Blote voeten, warrige haren, baard van honderd dagen. We zien hem door de voorruit van de achtervolgende politiewagen. Hij glijdt uit, valt en agenten kwakken hem op de motorkap om hem in de boeien te slaan. Het is Tomas De Soete, de wonderboy van ooit die iedereen vergeten was. 'Tomas wie?' vraagt de agente die die dag als eerste op de plaats van het misdrijf was. Ze is te jong om te weten wat of wie Tomas geweest was.

De Soete wordt verdacht van de moord op zijn vriend, Bent Van Looy. Over het motief moet de gemiddelde Vlaming met een uitgesproken mening niet lang nadenken. Jaloezie. Afgunst. Terwijl de ster van Tomas wegdeemsterde, bleef die van Bent alleen maar stijgen, zonder dat Bent dat leek te willen of na te streven. Bent was de incarnatie van de 21e-eeuwse mens, vlot, speels, hyperkinetisch en toch ingetogen, en Tomas, tja wat was er van Tomas geworden? Hij was verdikt en had vooral veel haar gekregen, en nu, met die dode vriend in zijn vijver, was hij helemaal aan lagerwal geraakt. Zijn vrouw, de ook nog best populaire Siska Schoeters, getuigt alvast als 'ex' van.

Even later zien we hoe men bij de VRT statistisch weet wat er met Tomas is gebeurd. Yves D'Haese, brandmarketingmanager, toont het met een diagram. Er was een tijd waarin Tomas zich in het centrum van de glorie bevond, met zowel een hoge populariteit- als authenticiteitsscore, het is daar, onderstreept D'Haese vol marketingvuur, dat schermgezichten moeten zijn. 'Samen had hij toen een korfmarktwaarde van 84,5 procent. Dat is voor ons een goed rapport.' Het waren de hoogdagen van Tomas. Hij was geliefd door het team van trendsetters dat nooit een team vormt omdat het daarvoor te trendsettend is. Hij was rebels, speels, hij was een stem met een gezicht.

Hij waadt langs zijn vijver, als een tot zelfinzicht gekomen goeroe, gehuld in wijde, witte, linnen kleren die vooral zijn wassende buik moeten verhullen.

Toen kwam Café Corsari. Tomas duikelde uit de korf. Ook D'Haese vond dat erg, zegt hij met geoefend mededogen in de camera, Tomas was een vriend, maar de wetten van de televisie zijn onverbiddelijk. Uit de korf, uit het hart.

Het zijn exact de verhalen waar we van houden, mijmert Jan Jaap Van der Wal als enige overgebleven bekende vriend van Tomas in een edelmoedige biecht. Al is ook die niet gespeend van enige zelfpromotie. 'De makers en de krakers, daar kijken we graag naar.' De ondergang van Tomas De Soete heeft alles om de gluurder in ons te prikkelen en met borrelnootjes te voederen.

Fiskepark is de mockumentary over Tomas door Tomas, die balanceert tussen echt en niet helemaal echt maar daarom niet onmogelijk. In de vier jaar sinds hij van het scherm is verdwenen, heeft hij alvast vier dingen gedaan. Kinderen gekregen, een mancave aan een vijver gebouwd, zich gespecialiseerd in zelfrelativering en alle nieuwste series bekeken.

Het resultaat is Fiskepark, een reeks die zoveel combineert dat het een genre op zichzelf wordt. Fiskepark is geweldig in beeld gebracht, genres lopen door elkaar, er zijn de knipogen naar true-crimeseries als Making a Murderer en The Staircase, maar De Soete schuwt vooral de zelfspot niet. Dat zijn de heerlijkste én pijnlijkste momenten, die waarop hij zichzelf open en bloot te kijk en te kakken zet. Hij waadt langs zijn vijver, als een tot zelfinzicht gekomen goeroe, gehuld in wijde, witte, linnen kleren die vooral zijn wassende buik moeten verhullen, maar die hem toch tooien in een zweem van artistiekerigheid.

Fiskepark is straf en vernieuwend. Het is een schijnbare comeback met een welgemikte knal. Want zoveel is duidelijk: het is de overtreffende trap van een zekere werkelijkheid.

Woensdag 15/5, Canvas, 21.30 uur