Staf Coppens verlaat België om in Zweden een camping uit te baten. Als hij het aan zijn broer Mathias vertelt, barst die in tranen uit. Dat er tussen dromen dromen en dromen realiseren wel wat hinderpalen opduiken zoals vergunningen en praktische bezwaren, maar ook twijfels, vragen en tranen, veel tranen, weten de liefhebbers van het genre ondertussen sinds Annemie Struyf er haar nieuwe bezigheid van maakte om Belgen in het buitenland op te zoeken en te ondervragen. De droom die zo opwindend klonk, is daar in het echt soms al wat afgebladderd tot een vochtige en tochtige barak of tot het besef dat sommige dromen gewoon beter dromen blijven.
...

Staf Coppens verlaat België om in Zweden een camping uit te baten. Als hij het aan zijn broer Mathias vertelt, barst die in tranen uit. Dat er tussen dromen dromen en dromen realiseren wel wat hinderpalen opduiken zoals vergunningen en praktische bezwaren, maar ook twijfels, vragen en tranen, veel tranen, weten de liefhebbers van het genre ondertussen sinds Annemie Struyf er haar nieuwe bezigheid van maakte om Belgen in het buitenland op te zoeken en te ondervragen. De droom die zo opwindend klonk, is daar in het echt soms al wat afgebladderd tot een vochtige en tochtige barak of tot het besef dat sommige dromen gewoon beter dromen blijven. Om het bezoek van Struyf voor te zijn, filmt Coppens zelf zijn vertrek en dat van zijn gezin. Al is het natuurlijk ook een manier om van de verhuizing een win-win-win te maken. Dat de familieleden daarbij als personages in hun eigen leven moeten opdraven, is een kleine prijs om te betalen voor een camping in Zweden. Dus laten de Coppens Pfaff- en Planckaertgewijs de camera binnen in hun woonkamer en spreken ze vanaf nu al hun terloopse gedachten luidop uit. Dat ze ernaar uitkijken, maar dat het toch een grote stap is. Het is al vaker gebleken, en toch moet het telkens weer bewezen worden, dat kijken en luisteren naar de vervulling van andermans dromen op papier misschien boeiend klinkt, maar in de praktijk zelden verder reikt dan het debiteren van futiliteiten en het uiten van clichématige vreugdekreten. Eerst rijden Staf en wederhelft Monique in een gehuurde wagen een paar Zweedse campings af. De uren onderweg - en dat zijn er in een uitgestrekt land als Zweden behoorlijk wat - moeten natuurlijk gevuld worden en omdat Monique nogal zuinig is met woorden, neemt Staf die taak op zich. Hij vertelt over de bomen die hij ziet - veel te veel bomen voor Monique, denkt hij, want zij zegt niets - over dat ze een gezin van buitenmensen zijn en natuurlijk over dat dit al heel lang hun droom is. Maar echt heel lang. De eerste camping is het niet, de tweede camping is het absoluut - die zonsondergang! Dat kapelletje! Die zagen om hout te zagen! Staf is een en al vervoering en verwondering en ja, Monique is ook best blij, maar tegenvaller: de eigenaar vindt zijn camping ook het einde en beslist nog niet te verkopen. Onverrichter zake keert het echtpaar terug naar huis, naar Tremelo. Niet getreurd. Een Coppens geeft niet snel op. En kijk, het geluk trapt een buitenkans zijn kant op. De camping waar ze ooit de tofste vakantie van hun leven beleefden, staat gewoon te koop. Zo ineens. Alsof het toeval ermee gemoeid is. Of het script en de montage, dat kan ook. En zo vertrekt deze keer het hele gezin op prospectie. Iedereen is enthousiast. Er worden wat herinneringen opgerakeld aan de eerste keer dat ze met z'n allen gingen kamperen. Het is allemaal even boeiend als een avond naar foto's van andermans exotische reis staren, waarbij de zongebruinde vakantiegangers schateren bij iedere anekdote terwijl de rest van het gezelschap beleefd glimlacht en uit misère nog wat wijn inschenkt. Om een lang verhaal kort te maken: ze kopen die camping, stoppen al hun spullen in verhuisdozen - ook dat wordt gefilmd, ha ja, het levert opnieuw de obligate trip down memory lane op - waarbij er gelukkig Monique is om de praktische kant van de zaak wat in het oog te houden. Ze nemen afscheid van de familie van Coppens, vreemd genoeg niet van die van Monique, alsof die niet bestaat, er wordt gehuild en dan zijn ze weg. Het zou hier kunnen eindigen. Maar nee, het gaat nog verder. De camping moet nu eenmaal afbetaald worden.