The Play = Inuk
...

Het avontuur Inuk begint nog voor je op de speellocatie bent gearriveerd. Want Studio Orka speelt nooit zomaar 'in een theater'. Deze makers spelen bij voorkeur in een hol onder de grond, in een park-met-vijver, op een omgeploegde weide of, nu voor Inuk, in de achtertuin van een centrum waar kwetsbare jongeren een tijdelijke haven vinden. In Oostende, waar de voorstelling in de residentiële voorziening voor bijzondere jeugdzorg De Brem in première ging, oogt die tijdelijke haven erg clean. Bijna te clean om als een thuis te kunnen aanvoelen. Daartegenover is de 'container' van Studio Orka een verademing. De gloednieuwe witte loods, ontworpen door Studio Orka-vormgevers Philippe Van de Velde en Martine Decroos, was ooit een elektriciteitscabine, wil een van de personages ons doen geloven... Tegen de ene flank van de 'elektriciteitscabine' staat een tribune, niets meer dan lange banken met kussens. De rest van de ruimte is 'hotel'. Of beter: ex-hotel. Oude tapijten, verweerde houten meubels, 'typische' vergeelde schilderijen van sneeuwlandschappen en bloemen-in-vazen aan de met muf bloemetjesbehang beplakte muren, stoffige gordijntjes-met-tierlantijntjes, ...Aan een tafel schildert Carl (een ravissante Randi De Vlieghe) een vers 'sneeuwlandschapje'. De lege blikken rijstpap, de soepblikkeIn en zijn met verfvlekken besmeurde werkjas verraden dat Carl van hotelbaas tot kluizenaar verveld is. Per lampje dat niet werkt, deurtje dat piept, zwier van de draaideur, flikkerend schilderij of trillend plafondluik kom je iets meer te weten over zijn levensverhaal. Ook het levensverhaal van de gasten (en heerlijk geestige Steven Beersmans en een ijzersterke Ilse de Koe) die door een onweer het ex-hotel binnenstormen is af te lezen uit hoe ze de ruimte verkennen. Net als De Vlieghe balanceren ze in hun spel voortdurend tussen hartverscheurende ontboezeming en zwierige huppelpas.Intussen voert manusje-van-alles Johan (een guitige Tomas Pevenage) een moedig gevecht voert met alle elektriciteitskabels. Dit, samen met de talloze visuele verrassingsvondsten (van geschilderde sneeuwlandschappen die écht beginnen te sneeuwen tot een vrolijke dansende luster...), maakt Inuk tot een verademing onder de zogeheten 'vluchtelingtheaterstukken'. De makers persen de lach uit de traan, en vice versa. Ze hebben het niet over Syrië, Irak of Congo maar gewoon over gewone mensen die door welke familiale toestanden dan ook op zoek zijn, of beter: onderweg zijn, naar een thuis. Herkenbaar en toch veelzeggend.Het geweldige is dat alles, écht alles - van elk schilderij tot elke karaktertrekje van elk personage - uiteindelijk een lijntje is dat leidt naar de 'ontknoping'. Neen, het is geen zeemzoet happy end maar Studio Orka serveert een (ietwat melig) einde waarin de eenzaten gesterkt hun eenzame bestaan verderzetten, na het woelige maar uiteindelijk zo hartverwarmende tomatensoep-met-balletjes-bad (met extra wijn en chocolaatjes) dat ze in het ex-hotel kregen.Dat geldt niet alleen voor de eenzaten op de scène, overigens. Ook elke toeschouwer - jong en oud, de voorstelling is geschikt voor iedereen vanaf 7 jaar - stapt met lekker warm gewreven hart en handen de 'elektriciteitscabine' uit. Smaakmaker van Chasse Patate (2016), Studio Orka's vorige theaterhit