The Play = Infinite Now
...

'Tja, 't is ook voetbal hé, deze avond?', werpt de toeschouwer naast me droog op wanneer rondom ons zowat de helft van de toeschouwers de benen neemt tijdens de eerste grote decorwissel in Infinite Now van Opera Vlaanderen. Is de regie van Luk Perceval dan zo hemeltergend slecht? Of is de muziek van Chaya Czernowin een marteling voor de oren? Neen, integendeel zelfs. Maar de opera is wel op elk vlak het tegenovergestelde van een klassieke opera. En dat valt bij veel toeschouwers niet in goede aarde. Perceval vergt van zijn publiek evenveel als van zijn performers: totale, verstilde overgave aan het idee wat een oorlog met een mens doet. Als uitgangspunt nam hij de teksten die hij in FRONT (NTGent, 2014) ensceneerde en de novelleHomecoming (Can Xue) over waarin vrouw beschutting zoekt in een huis bij een grasland en er moet vaststellen dat het grasland na een bominslag herschapen is tot een krater. Perceval selecteerde uit beide verhalen fragmenten en stelde daarmee een vijftalig libretto samen waarin soldatengetuigenissen afwisselen met de ingetogen gedachten van de vrouw in het huis. Merkt u op: de personages gaan nauwelijks in dialoog met elkaar. Zij spreken het merendeel van de tijd tegen de leegte die de oorlog in hun hart sloeg. Zoiets. Dat is alvast een eerste afwijking van de regels van de klassieke opera. Op naar de volgende. ..Sommige teksten worden gezegd door de zes acteurs (onder wie een verrassend indringende spelende Roy Aernouts die u vooral als olijke stand-upcomedian en muzikant Boy Roy kent). Andere fragmenten worden gezongen door (een van de) zes zangers. Zowel het zeggen als het zingen gebeurt met een verbluffende intensiteit. Maar, die intensiteit is allerminst groots of uitbundig. Integendeel. Explosieve aria's bloesemen heel kort open en imploderen meteen weer. Er blijkt in tijden van oorlog en angst geen tijd voor weelderige aria's. Ter illustratie, het openingsscène. De acteurs en zangers - een opvallend internationale cast, allen gekleed in zwart en wit - komen een voor een op en gaan naast elkaar staan. Helemaal vooraan op de scène. Ze kunnen niet anders want de rest van de scène is afgesloten door een immens zwart scherm. In een zinderend lawaai - yep, that's the music! - houden de performers de handen voor de ogen. Langzaam zakken de handen. Je kijkt naar verschrikte gezichten, je hoort Czernowins vernuftig gecomponeerd geluid (bestaande uit gezucht, geklingel, radiofragmenten, klapwieken van vleugels, een verloren vioolsolo of tromroffel, glasscherven, ...) en je voelt hoe de ontreddering zich als een haast tastbare wolk uitspreidt in de zaal. Na die eerste scène klapt de zwarte wand open tot een reeks zwarte wanden in een witte box. De scène wordt - ook dankzij het helle licht - gedurenden het stuk almaar lichter. De emoties worden steeds indringender. Op de zwarte wanden projecteert Perceval de teksten. Soms in stevige blokken, soms als een rijtje woordjes. Telkens valt op hoe aan elk woord een beweging en een klank verbonden is. Meer dan twee uur lang bouwt Perceval zo naar een implosie toe. Hij ontleedt de angst met de zorgvuldigheid van een laborant die een DNA-streng analyseert. Elke zucht van de performers, elke stap die ze zetten, elke blik, elke beweging van hun armen is minutieus geregisseerd. Dat dit niet gekunsteld aandoet, pleit voor het talent van de regisseur maar bovenal voor de overgave van de performers. Zowel de zangers (onder wie sopraan Karen Vourc'h en contra-alt Noa Frenkel) als de acteurs (onder wie Rainer Süssmilch en Oana Solomon) spelen met een aan perfectie grenzende zorgvuldigheid. Samen beleven ze - eerder dan te vertellen - verhaalfragmenten over hoe burgers en soldaten de oorlog (en de daarmee gepaard gaande angst) trachten te overleven.Het is die overgave die Perceval ook van zijn publiek verlangt. Hij eist de openheid om mee te durven ondergaan in de draaikolk van geluiden, blikken, bewegingen. Perceval wil zijn publiek meenemen op trip die van de angst via de berusting naar een soort tijdelijke vreedzaamheid leidt. Hij neemt daarvoor de tijd. Radicaal veel tijd in deze jachtige tijden. Maar de toeschouwer die er voluit voor gaat, samen met de performers en de muzikanten, krijgt een ervaring cadeau die nog wekenlang nazindert. Smaakmaker: