Je bent geboren in Kinshasa. Vanaf je zesde verbleef je een deel van het jaar in het Vlaams-Brabantse Landen. Ondertussen heb je onder meer in Japan, Guinee, Guatemala en Brazilië vertoefd. Waar liggen je muzikale roots vooral?

Témé Tan: Mijn eerste muzikale indrukken heb ik in mijn geboorteland opgedaan: Tabu Ley Rochereau, Papa Wemba, die dingen. Maar minstens even belangrijk waren Kyoto, waar ik in 2009 mijn eerste concerten heb gegeven, geregeld via MySpace, en Brazilië. In São Paulo, waar ik vijf jaar geleden enkele maanden was, heb ik de roda de samba...

Témé Tan: Mijn eerste muzikale indrukken heb ik in mijn geboorteland opgedaan: Tabu Ley Rochereau, Papa Wemba, die dingen. Maar minstens even belangrijk waren Kyoto, waar ik in 2009 mijn eerste concerten heb gegeven, geregeld via MySpace, en Brazilië. In São Paulo, waar ik vijf jaar geleden enkele maanden was, heb ik de roda de samba ontdekt, concertavonden waarop mensen samenkomen rond een tafel om al zingend en dansend hun dagelijkse beslommeringen te vergeten. Daarna heb ik de vrij ingewikkelde indiemuziek die ik tot dan maakte overboord gegooid en ben ik positievere, dansbaardere tracks gaan maken. Témé Tan: Niet helemaal, want ik rap niet en gebruik die poses niet. Maar ik heb wel meer vrienden in de hiphop dan in de pop en rock. Zoals Caballero, bijvoorbeeld, met wie ik door Frankrijk ben getrokken. En Le Motel dus, die mij al volgt sinds mijn eerste ep uit 2011. Het was altijd al de bedoeling eens samen iets te proberen. En kijk, op een dag ben ik naar zijn appartement gegaan en was dat nummer er meteen. Le ciel gaat over je thuis en bepaalde mensen verlaten, en hoe dat best comfortabel kan zijn - andere culturen ontdekken helpt je ook jezélf beter te begrijpen, hè. Dat is zo'n beetje het verhaal van mijn leven. (lacht)