Toen jij enkele maanden geleden de manager van Woodie Smalls werd, stond hij al even in de schijnwerpers. Hoe pik je in op zo'n groeiende hype?
...

Toen jij enkele maanden geleden de manager van Woodie Smalls werd, stond hij al even in de schijnwerpers. Hoe pik je in op zo'n groeiende hype?STIJN MARIS: Het is altijd leuk om te merken dat iets leeft, dat er veel interesse is voor een artiest. Want je kan zoveel ideeën hebben en plannen maken als je wilt, je moet over een artiest beschikken die met zijn sound deuren kan openen. Woodie Smalls krijgt veel aanbiedingen, van leuke gigs tot samenwerkingen met andere muzikanten. Dat is heel fijn als manager, omdat je vanaf dan pas echt heel creatief kunt beginnen worden. De puzzel zo goed mogelijk leggen, dat is nu de uitdaging.Hoe ver reikt reiken de ambities van Woodie, en stroken die met jouw - misschien meer realistische visie - als manager?MARIS: Zijn ambitie is om het te maken op het internationale toneel. Maar als er in de Belgische hiphop iemand is die het zou kunnen waarmaken in het buitenland, dan is hij het wel, denk ik. Ik merk dat er in het buitenland veel interesse is voor hem. In het tijdperk van de streamingdiensten kan je dat makkelijker meten. Kijken we naar die cijfers, dan zien we dat er in verhouding veel meer naar zijn muziek geluisterd wordt in de VS en in Canada dan in België. De Verenigde Staten wordt de volgende stap. Ik weet niet of dat al iets voor 2017 zal zijn, of voor het jaar daarop. Ook het Verenigd Koninkrijk is een belangrijke markt voor Woodie. Daar gaan we in februari naartoe voor een coole club night. Ook in Australië en verschillende andere Europese landen zoals Duitsland en Spanje is er belangstelling. Ik denk dat we hem volgend jaar dus een beetje gaan laten kennismaken met verschillende andere landen. Vorige maand bracht Woodie Smalls een gratis mixtape uit via zijn website. Wat is daar de strategie achter?MARIS: Eerst een gratis mixtage, dan een album: dat is in hiphopmiddens gangbaar. Wij hebben het omgekeerde gedaan. Het eerste album van Woodie kwam er in het najaar van 2015, en dit jaar hebben we er heel intensefie mee getoerd. Voor een tweede plaat was het te vroeg, maar Woodie Smalls wilde wel graag al iets nieuws uitbrengen. En omdat we merken dat de fans hem heel hard steunen, wilden we hen ook iets teruggeven. We zijn alvast heel blij met de positieve respons. Renderen doet het wel op een later moment, het gaat nu meer om het verbreden van zijn profiel dan om het financiële plaatje. Geld is belangrijk, maar het mag de artistieke beslissingen nooit in de weg staan.Zit ook in jouw portefeuille: Gangthelabel, nog een hiphopact. Toch is dat niet het meest evidente genre in België. Hoe pak je dat aan?MARIS: Het is een beetje trial and error, ja. Ik merk wel dat er hoe langer hoe meer mensen zijn die wel oren hebben naar hiphop in België. Vroeger werd het genre volledig uit de playlists verbannen, alleen Kanye West en Beyoncé kwamen erin. Nu staan er meer mensen voor open, en springen zowel alternatieve radiozenders genre Studio Brussel en Bruzz als commerciële zenders à la Q-Music of MNM op de kar. Ook online groeit die markt. Maar in hiphop ben je afhankelijker van je fanbase dan van de programmatoren, dat blijft. Als zij in groten getale achter je staan, volgt de rest automatisch. Het is wel kritisch, het hiphoppubliek. Ze houden van je of ze houden niet van je. Er is weinig tussenin.Is er een verschil tussen met jonge gasten als Woodie Smalls en Gangthelabel werken en met oudere rotten als The Subs?MARIS: De oude rotten zijn misschien iets meer gerodeerd. Ze hebben al wat watertjes doorzwommen, weten hoe het wereldje werkt. Pas op: ook zij moeten soms getemperd worden, maar ze begrijpen dan wel waarom, ze zijn realistischer. Bij jonge gasten is het soms iets moeilijker uit te leggen dat iets niet haalbaar is of wat meer tijd vergt. Jonge artiesten zijn dan weer beter thuis in het onlinegegeven. Als ik zie hoe Woodie Smalls met zijn sociale media bezig is, dan kan ik daar echt iets van leren. The Subs hebben er ook veel volgers, maar je merkt dat zij daar niet mee zijn opgegroeid, dat ze er gaandeweg mee moeten leren omgaan hebben. Dat geldt ook voor de managers. Bij ons op kantoor beseft iedereen dat het onlineluik belangrijk is, ze zijn er allemaal in mee. Alleen gaan de oudere managers zulke dingen vaker uitbesteden aan de jongere.Jij bent werkzaam bij Gentle Management, dat garant staat voor een gentle approach. Hoe pas jij die filosofie toe op jouw artiesten?MARIS: Ik probeer altijd op een rustige en aangename manier met mijn artiesten om te gaan, de goede huisvader te spelen. Als een artiest begint te panikeren, ben jij diegene die kalm moet blijven en alles in goede banen moet leiden. Ik wil mijn muzikanten het gevoel geven dat ze me op elk moment kunnen bereiken. Naast een professionele relatie probeer ik ook een vriendschapsrelatie met hen op te bouwen. Als die persoonlijke klik er niet is, zal het op professioneel gebied ook niet werken.Werk en privé lopen soms wel eens door elkaar. Zoals dit jaar, toen Woodie's vader met kanker te maken kreeg - die heeft hij gelukkig wel overwonnen. Ik heb niet de indruk dat zijn gemoedstoestand hem in die periode negatief beïnvloed heeft. In tegendeel zelfs: hij haalde er inspiratie uit, communiceerde vía zijn muziek. Als manager moet jij je artiesten gaan promoten bij de radio. Grappig, want je werkt zelf voor Studio Brussel. Zijn die twee rollen wel met elkaar te verzoenen?MARIS: Kwatongen zullen misschien beweren dat dat naar belangenvermenging ruikt, maar ik probeer die twee functies zo goed mogelijk van elkaar te scheiden. Mijn eigen artiesten bevoordelen, doe ik absoluut niet. Ik zal hen in mijn radioprogramma's zeker niet enthousiaster aankondigen dan anderen. En als ik met mijn muzikanten bij een zender als Q-Music langsga, wordt er wel eens met mij gelachen: 'Ha, de concurrentie!' (lacht)