Tijdens een evenement met overwegend jonge, onbekende groepen, die allemaal naar aandacht hengelen, bestaat altijd een redelijke kans dat je aangenaam wordt verrast. Zo wees een digitale enquête uit dat de Ierse punkband Fountains D.C. (zie ons verslag van dag 2) verreweg de hoogste waardering kreeg.
...

Tijdens een evenement met overwegend jonge, onbekende groepen, die allemaal naar aandacht hengelen, bestaat altijd een redelijke kans dat je aangenaam wordt verrast. Zo wees een digitale enquête uit dat de Ierse punkband Fountains D.C. (zie ons verslag van dag 2) verreweg de hoogste waardering kreeg. Maar voor het zelfde geld kun je de bal ook grandioos misslaan. Ons overkwam het bij MNNQNS (spreek uit: 'Mannequins'), een Frans-Britse groep uit Rouen die op de website van EuroSonic werd vergeleken met Sonic Youth en Television. Het gezelschap ligt onder contract bij het Britse FatCat-label, dat ons eerder al verblijdde met Sigur Rós, Múm en Animal Collective. Zoiets schept verwachtingen, maar helaas: MNNQNS beek weinig meer de zijn dan een kloon van The Stooges en The New York Dolls, zij het dan zonder de memorabele songs. Wie door de geluidsmuur heen luisterde, ontdekte weinig dat het onthouden waard was.Het Belgische MDC III, dat we in de platenzaak Plato aan het werk zagen, kon ons daarentegen wél bekoren. Het trio, dat onlangs debuteerde met 'Dreamhatcher' en wordt aangevoerd door Mattias de Craene, de saxofonist van Nordmann, maakt een vorm van tribal jazz die afwisselend dromerig en uitbundig uit de hoek komt. 'We hebben geen liedjes, maar dat compenseren we met veel rook en twee drummers', grijnsde de frontman bij de aanvang. Dat nam niet weg dat MDC III het publiek vanaf de eerste noot wist te biologeren.Ze oogden zo ontstellend gewoon dat je zou hebben gezworen dat je samen met hen in de jeugdbeweging had gezeten. Maar als het op het bedenken van doorwrochte indiepopliedjes aankwam, wisten Penelope Isles zich wel degelijk te onderscheiden. Het kwartet, afkomstig van het eiland Man maar gevormd in Brighton, herinnerde ons afwisselend aan de prille Arcade Fire en de groepjes die in de vroege eighties onderdak vonden bij het Schotse Postcard-label. De twee dames en twee heren van de Isles mochten al op tournee met The Magic Numbers en je begreep onmiddellijk waarom. Centraal stonden de ontwapenende samenzang van gitarist Jack Wolter en zijn soms bassende, soms toetsenspelende zus Lily, en de catchy maar nooit overgepolijste melodieën. Penelope Isles klonken bij momenten behoorlijk potig, zodat onze aandacht tijdens hun set zelden verslapte. Benieuwd dus naar hun debuut 'Until the Tide Creeps In', dat later dit jaar bij Bella Union het licht zal zien.Het zoveelste schuchtere meisje aan de piano? Niet helemaal, want de Ierse Hilary Woods mocht een kleine twintig jaar geleden al van het succes proeven als bassiste van de postpunkband JJ72 en is sindsdien op diverse terreinen actief. Ze schrijft surrealistische soundtracks, gossiert in ijle soundscapes en dobbert als liedjesschrijfster op hetzelfde vaarwater als Agnes Obel, Marissa Nadler en Grouper. Na enkele ep's bracht ze in 2017 de ietwat sombere lp 'Colt' uit, waarop ze ons met haar ongrijpbare liedjes en onderkoelde, etherische zangpartijen meteen de sfeer van 'Twin Peaks' binnen loodste. In Groningen, waar ze haar klassiekerige klavierspel slechts een enkele keer onderbrak voor een nummer op gitaar, werd haar in zichzelf gekeerde fluisterfolk regelmatig opgepookt door de omineuze beats van een percussionist. Het klonk allemaal mooi, gevoelig en smaakvol, maar occasioneel voelden we onze gedachten toch naar andere oorden afglijden. Al kan dat, na drie dagen EuroSonic, ook het gevolg van oververzadiging zijn geweest.Katarína Máliková serveerde het dessert samen met de soepIn Bratislava wordt de naam van Katarína Máliková met respect uitgesproken. Ze is klassiek geschoold, heeft een stem als een klok en is zowel veelzijdig als ambitieus. Haar cd 'Postvopol' uit 2016 kampeerde hoog in de Europese World Music charts en haar zevenkoppige ensemble, inclusief strijkers, dwarsfluit, fujara, piano, contrabas en drums, bestaat uitsluitend uit topmusici. Máliková is ongetwijfeld zeer getalenteerd, maar tegelijk is ze niet wars van theatrale trekjes en grote gebaren. Haar barokke optreden tijdens EuroSonic viel bij het publiek best in goede aarde, maar zelf konden we ons niet van de indruk ontdoen dat de zangeres iets teveel poogde te bewijzen. Haar fusie van traditionele folk, jazz, neoklassiek, glam en seventiespop deed dermate geforceerd aan dat onze aandacht al snel omsloeg in irritatie. Rijdt een auto beter omdat je hem van twaalf wielen voorziet? Geniet je meer van een exquise maaltijd als het dessert tegelijk met de soep wordt geserveerd? Het waren slechts enkele van de vraagstukken die ons bezig hielden terwijl Máliková stond te demonstreren waarom ze op het conservatorium ooit de ene prijs na de andere had weggekaapt. Leve de autodidacten.Our Stories speelden postrock volgens het boekjeEen band die geen teksten gebruikt, moet zijn verhaal middels zijn instrumenten verteld zien te krijgen. Our Stories, een gitaar-bas-drumstrio uit de Slowaakse stad Sala, deed dat met verve. Aan de dynamiek en het hechte samenspel voelde je vanaf de eerste noot dat je te maken had met beslagen muzikanten. Transparante, episch opgebouwde composities, type 'Nosedive', onverwachte tempowisselingen, het contrast tussen lyrische passages en energieke noiseuitbarstingen: het klonk allemaal cool en meeslepend. Tegelijk was het echter postrock volgens het boekje, waarin regelmatig pijltjes werden afgeschoten richting Explosions in the Sky, Mono en Deafheaven. We hoorden weliswaar ook invloeden uit blackgaze en postmetal, die de nummers soms een onverwachte wending gaven. Maar qua originaliteit moesten Our Stories het toch afleggen tegen hun landgenoten van The Ills, een kwartet dat tijdens de openingsavond menigeen wist te imponeren. Niettemin kunnen we u nu al verklappen dat het langspeeldebuut van het driespan, dat in maart wordt verwacht, zeer tot onze verbeelding spreekt.The Autumnist veegde op organische wijze de dansvloer aanDat er in Slowakije dezer dagen ook zinnenprikkelende elektronische muziek wordt gemaakt, bleek uit de set van The Autumnist, het geesteskind van producer, DJ en mixer Vlado Durajka. De man heeft de voorbije twintig jaar heel wat watertjes doorzwommen en is nog altijd in de weer met loops en samples. Maar in The Autumnist concentreert hij zich op echte songs en omringt hij zich met een vijfkoppige, organische liveband, waarin vooral de saxofonist als blikvanger dienst doet. Op zijn jongste plaat, 'False Beacon', buigen Durajka en zijn gezellen zich over de technologische ontwikkelingen in de maatschappij en het spanningsveld tussen utopie en dystopie.Eén en ander gebeurt met een genre-overschrijdende mix van hiphop, triphop, drum & bass, dub en naar film noir-neigende lofipop. In Groningen koppelde The Autumnist gruizige breakbeats aan knappe visuals en introduceerde hij verscheidene gaststemmen, waarvan vooral die van zangeres Nina Kohoutová een prominente rol kreeg. Liefhebbers van Lamb en Massive Attack wisten prima nummers als 'Feather', 'Future Lights' en 'Evening Falls on Mars' alvast zeer te appreciëren. Er valt dan ook geen enkele zinnige reden te bedenken waarom The Autumnist uw plaatselijke dansvloer niet zou kunnen komen aanvegen.