Je kunt een moordenaar beter in de ogen kijken dan ze kies te sluiten. Dat realiseerde Åsne Seierstad zich nadat ze door Newsweek gevraagd was een artikel te schrijven over het proces tegen Anders Breivik. Hier zit veel meer in dan een paar pagina's, dacht ze, en dus werd het een boek. Een van ons brengt het verhaal van die bewuste 22e juli 2011, toen Anders Brevik 77 slachtoffers maakte door in het regeringskwartier van Oslo een zware bom te laten ontploffen en daarna op het eiland Utøya heel gericht tientallen jongeren dood te schieten.
...

Je kunt een moordenaar beter in de ogen kijken dan ze kies te sluiten. Dat realiseerde Åsne Seierstad zich nadat ze door Newsweek gevraagd was een artikel te schrijven over het proces tegen Anders Breivik. Hier zit veel meer in dan een paar pagina's, dacht ze, en dus werd het een boek. Een van ons brengt het verhaal van die bewuste 22e juli 2011, toen Anders Brevik 77 slachtoffers maakte door in het regeringskwartier van Oslo een zware bom te laten ontploffen en daarna op het eiland Utøya heel gericht tientallen jongeren dood te schieten. Seierstad evoceert dat alles in bloedstollende en ontroerende scènes, en houdt daarbij het midden tussen een documentaire en een spannende misdaadroman. Seierstad blijft bij de feiten, maar ze is ook niet te beroerd om in de hoofden van de dader en zijn slachtoffers te duiken, gewoon omdat ze wil weten waarom. Om dat te weten te komen interviewde ze jongeren die de aanslagen overleefden, ouders en naaste familie van slachtoffers, psychiaters, welzijnsmedewerkers en zowat iedereen die haar meer info kon bezorgen. Ze diende zelfs een aanvraag in om Anders Breivik te interviewen, maar die werd jammer genoeg afgewezen. Dat Seierstads sympathie uitgaat naar de slachtoffers hoeft geen betoog, maar het siert haar dat ze Breivik niet afserveert als een gek of een uitzondering waar verder geen rekening mee gehouden moet worden. Ze gaat op zoek naar de redenen van zijn extremisme en komt heel wat op het spoor. Dat zijn moeder nooit tijd voor hem had en zijn vader hem niet zag staan, deed de kleine Breivik geen goed. Dat hij nadien in een slecht milieu belandde en een psychisch labiele speelbal werd van mensen die vooral hun eigen politieke belangen nastreefden allicht evenmin. En dat zijn enige echte succes bestond uit een handeltje in vervalste diploma's al helemaal niet. Maar Seierstad wijst niemand met de vinger. Die ene, alles verklarende reden voor Breiviks zorgvuldig geplande aanslagen is er niet, suggereert ze. Als er dan toch schuldigen gevonden moeten worden, zitten die volgens de auteur bij de politie, de van misdaadromans en tv-reeksen zo befaamde Scandinavische agenten die in de realiteit niet opgewassen bleken tegen een man met een bomauto en een stel geweren. Had de politie haar werk volgens het boekje uitgevoerd, dan waren na de aanslag alle wegen uit Oslo versperd en had Breivik onmogelijk het een uur verderop gelegen eiland Utøya kunnen bereiken. Een van ons gaat ook dieper in op de reactie van de Noren op de aanslagen, en dat was er meestal een van verbijstering en ongeloof. Hoe kon dat hier gebeuren, in dit rijke, vriendelijke land, vroeg zowat iedereen zich af. Volgens Seierstad was dat een ongepaste reactie, en daarmee houdt ze haar landgenoten een spiegel voor waarin, afgaand op de gemengde kritieken in haar thuisland, niet iedereen bereid is te kijken. Breivik was geen ingevoerd monster, toont ze, maar wel een eigen creatie. Zijn extremisme is een wijdverspreid fenomeen dat meestal onder de radar blijft, maar heel diep in de Noorse mentaliteit ingebakken zit. En pas wanneer Noorwegen dat onder ogen wil zien, zal een herhaling van Breiviks aanslagen vermeden kunnen worden. EEN VAN ONS **** Åsne Seierstad, De Geus, 541 blz., ? 24,95. MARNIX VERPLANCKESLEUTELZIN : Ik zag geen monster, ik zag een intens eenzame man.