Dik drie jaar is het ondertussen geleden dat David Robert Mitchell een even vette als verrassende indiehorrorhit scoorde met It Follows, maar wie hoopte dat de 44-jarige rasregisseur uit Michigan dat infectueuze succesnummer gewoon eventjes zou herhalen, komt met opvolger Under the Silver Lake allicht dik bedrogen uit. Nochtans bedient Mitchell zich ook nu van een archetypisch filmgenre om de millennialgeneratie, en bij uitbreiding elke avontuurlijk ingestelde cinefiel, een spiegel voor te houden. Alleen blijkt dat dit keer niet horror maar film noir en is de insteek stukken ambitieuzer, grilliger en geschifter.
...

Dik drie jaar is het ondertussen geleden dat David Robert Mitchell een even vette als verrassende indiehorrorhit scoorde met It Follows, maar wie hoopte dat de 44-jarige rasregisseur uit Michigan dat infectueuze succesnummer gewoon eventjes zou herhalen, komt met opvolger Under the Silver Lake allicht dik bedrogen uit. Nochtans bedient Mitchell zich ook nu van een archetypisch filmgenre om de millennialgeneratie, en bij uitbreiding elke avontuurlijk ingestelde cinefiel, een spiegel voor te houden. Alleen blijkt dat dit keer niet horror maar film noir en is de insteek stukken ambitieuzer, grilliger en geschifter. Hoe het psychedelische, royaal van de popcultuurpot gerukte mysterieverhaal precies ineensteekt, laat zich nauwelijks in een politieverslag murwen. Dat houdt Mitchell, die er met zijn lange haar en fuschia zonnebril uitziet als een hipsterhippie, niet tegen om dartel door de droomfabriek die Hollywood heet te trekken. Intussen passeert hij langs referenties die gaan van Alfred Hitchcocks Rear Window, over Robert Aldrich' Kiss Me Deadly en Robert Altmans The Long Goodbye tot David Lynch' Mulholland Drive, om knipogen naar andere cultklassiekers maar even aan uw danig geprikkelde verbeelding over te laten. Mitchell nestelt zich in het meanderende, ogenschijnlijk nergens toe leidende spoor van Sam, een professionele single, nietsnut, weedroker en voyeur die zich als een paranoïde speurder ontpopt wanneer zijn sexy buurmeisje plots spoorloos verdwenen blijkt. Wie zijn detectivethrillers graag netjes afgerond en opgelost ziet, staat een frustrerende trip langs decadente feestjes, schimmige nachtclubs en de door neon verlichte schaduwkanten van La La land te wachten. Maar Mitchell zet ook nu alles zwierig en bijzonder trefzeker in beeld en gooit daarbij evenveel slackerhumor als gestileerde suspense in de mix, met voormalig Spider-Man Andrew Garfield als de chronisch warrige would-bedetective met dienst. 'Een holle, postmoderne pastiche voor materialistische millennials', fulmineerden enkele critici na de wereldpremière in Cannes. 'Een heerlijke head trip over een generatie die speurt naar ersatzmythologie in gedemythologiseerde tijden', jubelden vele anderen. Hoog tijd voor een verhelderend gesprek met goudhaantje David Robert Mitchell. Under the Silver Lake roept flink wat vragen op, niet het minst over die striptekenaar die in de Uilenvrouw gelooft, die oude pianist die beweert alles van Nirvana te hebben gecomponeerd of de vele andere vreemde vlerken die de bizarre plot bevolken. Is dit nu een satire op de gamegeneratie, of juist een ode eraan? David Robert Mitchell: Beide, hoop ik. Zelf ben ik gek op games en ik vind dat ze een belangrijke sociale en culturele rol vervullen, maar de film stelt de vraag of ze geen vulsel zijn voor andere, meer spirituele dingen die we tegenwoordig missen. Hedendaagse mythes gaan niet meer over van generatie tot generatie. We creëren ze ad hoc en pleuren ze online. Ze geven ons het gevoel dat er zelfs in deze moderne, seculiere tijden nog altijd zoiets is als een hogere, diepere waarheid, en veel mensen denken dat we die kunnen vinden door hints en boodschappen in games, films, strips en andere popcultuurvormen. Op het internet heeft dat voor een wildgroei aan waanzinnige complottheorieën en ingebeelde angsten gezorgd. Het is een constante maar nauwelijks te traceren bron van verbazing, verwarring en intrige, en daar speelt de film gretig op in. Ben je dan zelf zo'n paranoïde geek die... Mitchell:(vult zelf aan) ... superheldenstrips uitpluist om verborgen codes te ontdekken, of platen achterstevoren draait om satanische boodschappen te detecteren? Dat niet. Maar ik wil graag begrijpen waarom veel mensen in die dingen geloven. Een groot deel van hen blijkt ook supercool en heel erg fascinerend te zijn, zolang ik niet de hele dag in hun gezelschap hoef te vertoeven, tenminste. (lacht) Het fenomeen is bovendien niet nieuw. Mensen hebben zichzelf altijd graag een rad voor de ogen gedraaid in de hoop en de illusie tot de uitverkorenen te behoren. Vroeger heette dat een sekte, hekserij of alchemisme. Nu heet het Facebook, VR of Donald Trump. (grijnst)Je hoofdpersonage Sam gelooft wel in al die bullshit, maar hij is dus geen alter ego van jou? Mitchell: Sam is een uitvergrote, verwrongen versie van de gemiddelde, jonge mannelijke wannabe in Los Angeles. Hij heeft de grootste ambities en de diepste verlangens, maar niet het talent of de werklust om die waar te maken. In die zin kan ik me wel in hem herkennen. Niet zo bescheiden. Je ster is de jongste jaren flink omhooggeschoten. Mitchell: Ik ben nochtans een trage ster, hoor. Ik ben geboren in Michigan, waar ik als tiener mijn eerste kortfilms draaide, en na mijn filmopleiding in Florida ben ik naar LA getrokken, waar ik eerst jaren als monteur heb gewerkt. Ik heb altijd zelf films willen maken, maar het lag niet voor de hand om die droom te realiseren, wat ook normaal is. We kunnen niet allemaal wonderkinderen als Orson Welles zijn. Sam is jong, geil en verward én hij kijkt met een uitgesproken mannelijke blik naar de vele mooie vrouwen die hij op zijn zoektocht door LA ontmoet. Niet bang om voor seksist versleten te worden in deze #MeToo-tijden? Mitchell: Sam is een voyeur, en we zien de film door zijn ogen, wat de kijker ook in de rol van voyeur duwt. Is zijn blik op de wereld en op vrouwen seksueel gekleurd? Absoluut. Is hij daarom een seksist of is de film seksistisch? Ik vind van niet. In al mijn films vind je sterke vrouwelijke personages, ook al worden die door mannelijke personages soms geseksualiseerd. Ik vind niet dat personages moreel zuiver moeten zijn. Hun zwaktes maken hen net interessant. Kunst geeft ons de mogelijkheid om de donkere kanten van onszelf te verkennen. Kunst moet vrij kunnen zijn. Als je je moraal of je gedrag baseert op films of games, is dat jouw probleem, niet het probleem van die films of games. Film is Facebook niet. Het moet geen afgelikte, geïdealiseerde versie van onszelf tonen. Sam is een geilaard en hij slaat zelfs kinderen. Maar dat maakt van hem nog geen monster. Die kinderen hadden zijn auto trouwens wel eerst beklad. (lacht)Lars von Trier zei dat kunst vermoordt wordt door moraal. Mee eens? Mitchell: Interessant, maar dat is Lars altijd. (grijnst) Er is niets mis met films die een boodschap willen uitdragen of de ambitie hebben om te inspireren. Ik denk nu aan de films van Frank Capra. Of aan Rocky desnoods. Maar dat is het soort film dat ik niet maak en Lars zeker niet. Er moet diversiteit zijn, zoals je naast films met een 'mannelijke' blik ook films met een 'vrouwelijke' blik moet hebben. Ik denk dat dat de boodschap is van #MeToo en #TimesUp. Niet dat we nu plots allemaal aseksueel of volstrekt genderneutraal moeten zijn. Under the Silver Lake bulkt van de referenties aan de popcultuur. Dat was ongetwijfeld de bedoeling. Mitchell: (knikt) Ik jat van alles en iedereen. Zonder te discrimineren. Daar gaat de film ook over. Over hoe de realiteit alsmaar meer verward wordt met de realiteit van films, games, strips en noem maar op. Mensen lijken liever daarin te leven dan in de echte wereld. Vandaar de vele knipogen. Naar Hitchcock, Altman, De Palma, Lynch, Coppola, Aldrich, Polanski, Lang. En dan noem ik alleen nog maar de bewuste knipogen, want ik heb de film geschreven in een aangehouden vlaag van waanzin, dus zullen er ook nog heel wat onbewuste referenties ingeslopen zijn. Qua sfeer en plot doet de film ook denken aan Inherent Vice, de Thomas Pynchon-adaptatie van Paul Thomas Anderson. Mitchell: Dat is ook een recente psychedelische neonoir en er zijn zeker raakvlakken, maar Under the Silver Lake is geschreven voor Pauls film uitkwam. In 2012. Dus ook voor It Follows. Ik refereer trouwens zelden of nooit aan recente films. Mijn favoriete tijdperk is... vroeger. Dat was met It Follows ook al zo, waar veel seventies- en eightiesinvloeden in zitten. Alleen zie ik die films niet als dingen van vroeger, maar als dingen die nu nog steeds bestaan en waar ik graag op voortbouw. Ik zie referenties in termen van continuïteit, niet van nostalgie. Nu je zelf over waanzin begint: houdt de plot eigenlijk überhaupt steek? Mitchell:(lacht) Toch wel. Ik zweer het je. Er zitten clues in waarmee je het grote, centrale mysterie wel degelijk kunt oplossen, maar je zult de film meerdere keren moeten bekijken om alle puzzelstukjes bij elkaar te kunnen leggen. En anders doe ik nu aan geweldige zelfpromotie. Op die manier wordt het vast een dikke hit. (lacht)Over hits gesproken: voelde je meer commerciële druk na het onwaarschijnlijke succes van It Follows? Mitchell: Ziet deze film eruit alsof ik onder meer commerciële druk stond? (grijnst) Ik denk niet aan die dingen of probeer er niet aan te denken. Ik wil persoonlijke films maken over mensen en thema's die me fascineren, en als de mensen komen kijken: wauw, dank je, geweldig. Als ze niet komen kijken: jammer, misschien volgende keer. Ik ben het intussen wel gewoon om het maximum te halen uit weinig middelen. Mijn debuutfilm The Myth of the American Sleepover (een tragikomische, ook al veelgeprezen coming-of-agefilm uit 2010, nvdr.) heb ik met enkele vrienden gedraaid voor 30.000 dollar. It Follows kostte anderhalf miljoen. Under the Silver Lake is een stuk grootser en ambitieuzer en heeft acht miljoen gekost, wat ik nog altijd een duizelingwekkend bedrag vind. Als ik zo doorga, kan ik binnen dertig jaar een blockbuster draaien. Wie weet? Zou je dat interesseren? Mitchell: Niet nu. Ik heb nog te veel eigen verhalen op het schap liggen. Na It Follows heb ik de nodige aanbiedingen gehad uit Hollywood, maar vaak was het van: die gast heeft met geen geld toch een horrorhit gescoord? Geef hem vijf miljoen dollar en laat hem nu maar The Texas Chainsaw Massacre 8 maken of zoiets. Daar had ik geen zin in. Ik heb ook weinig of niets met horror. Ik gebruik gewoon de ingrediënten en stijlen die nodig zijn om mijn ideeën te realiseren. En wat als Netflix je vijf miljoen had gegeven om eender wat te maken? Mitchell: Tricky vraag. (grijnst) Ik heb niets tegen Netflix en het is goed dat Netflix ook minder evidente projecten ondersteunt, maar ik wil dat mijn films op een groot scherm worden getoond. Films horen thuis in de bioscoop. Film is geen opgeblazen tv. Zo denk ik er tenminste over. Lees ook onze recensie: 'Under The Silver Lake': trippy mysterie voor millennials