Geradicaliseerde moslimjongeren: wie zijn ze, wat doen ze, wat drijft hen? Wie van Le jeune Ahmed, de film waarmee de Dardennes in Cannes hun derde, historische Gouden Palm trachten te winnen, een polemisch portret verwacht, of een traktaatfilm die al die vragen netjes beantwoordt, zal van een koude kermis thuiskomen, in tegenstelling tot de liefhebber van potente, persoonlijke cinema.
...

Geradicaliseerde moslimjongeren: wie zijn ze, wat doen ze, wat drijft hen? Wie van Le jeune Ahmed, de film waarmee de Dardennes in Cannes hun derde, historische Gouden Palm trachten te winnen, een polemisch portret verwacht, of een traktaatfilm die al die vragen netjes beantwoordt, zal van een koude kermis thuiskomen, in tegenstelling tot de liefhebber van potente, persoonlijke cinema. Ahmed is géén these, géén symbool, géén object waarop allerlei poppsychologie geprojecteerd wordt. Hij is een dertienjarige jongen die opgroeit in een open multicultureel gezin, waar zijn moeder en zus géén hoofddoek dragen, maar die onder invloed van een fundamentalistische imam de zuiverste in de leer wil zijn en de complexiteiten van zijn realiteit reduceert tot soera's uit de Koran. Zijn blik op de wereld is verengd en zijn fanatisme irrationeel, tot hij zijn nochtans welwillende lerares aanvalt met een mes en vervolgens in een instelling belandt. Het is explosief, politiek gechargeerd terrein waarop de Dardennes zich begeven, maar ze slaan links noch rechts af, zijn niet bang van recuperatie of neutralisatie en verliezen hun empathische blik niet. Daartoe focussen de Luikse broers zich op een haast ascetische manier op Ahmed. Ze duwen je het hoofd, hart en milieu van de jongeling in met het soort beweeglijke en soms benauwend intieme shots waar ze samen met cameraman Alain Marcoen al sinds La promesse (1996) het patent op hebben. Het doet je Ahmeds geritualiseerde leefwereld (je ziet hem vaak bidden en zich reinigen) haast fysiek ervaren en volop tot leven komen, ook omdat de Dardennes alle goedkope uitleg en narratieve ballast schrappen - een bressoniaans procedé dat ze consistent toepassen. Het geeft Le jeune Ahmed, zoals de meeste van hun films, iets van een parabel. Dit keer is dat een variant op het verhaal van de verloren zoon, maar dan met een jonge, geradicaliseerde moslim. Bovendien zorgen de uitgepuurde inhoud en stijl ervoor dat de suspense onder het vérité-oppervlak borrelt, zoals ook Le fils (2002) en L'enfant (2005) al bol stonden van de spanning. Is Ahmed - met onthecht naturel neergezet door nieuwkomer Idir Ben Addi - oprecht wanneer hij tegenover de opvoeders en psycholoog erkent dat zijn radicale ideeën fout zijn? Kan een verliefde, blonde boerendochter hem doen openbloeien? Of doet hij slechts alsof en moet de echte uitbarsting nog volgen? De vraag 'doet hij het of doet hij het niet' blijft tot aan het (symbolische) slot sluimeren, terwijl de Dardennes hun 'lofzang op de onzuiverheid' onderweg larderen met gespannen scènes thuis, op school, in de jeugdinstelling en op de boerderij waar Ahmed moet deradicaliseren. In tegenstelling tot de meeste films over dit onderwerp schiet Le jeune Ahmed nooit in een politiek correcte kramp. Omdat (opr)echte kunst nooit neutraal kan en mag zijn willen de Dardennes met hun film ideeën en emoties triggeren en zowel de wereld als de kijker een spiegel voorhouden. Alleen tafelspringers en fanatici zullen dat niet beseffen of erkennen. Een film die zijn nek uitsteekt, maar die vooral uitstekend gemaakt is en blijft smeulen.