Ooit was de wereld plat en draaide de zon om de aarde, en nu nog geloven creationisten dat het universum in amper een week geschapen is. Wereldbeelden veranderen, en het zijn meestal wetenschappers die, vaak met gevaar voor eigen leven, met hun weetgierigheid de grenzen van onze kennis verleggen.

Centrale zin: zowel Albert Einstein als de paus logenstraffen, het is weinigen gegeven. Maar de Belgische priester Lemaître - de meester - deed zijn naam alle eer aan.

De Italiaanse fysicus Carlo Rovelli zet in het eerste deel van zijn bevattelijke boek alle inzichten op een rijtje: hoe zijn briljante geesten door de eeuwen heen anders over de werkelijkheid gaan denken? Daarbij gaat hij, verbazend voor een wetenschapper, vaak bij dichters te rade - met plezier citeert hij Lucretius en Dante. Niet meteen de grootste wiskundigen, maar Rovelli wil een punt maken: nieuwe inzichten vergen bovenal een creatief brein. Toen Einstein intuïtief begrepen had dat ruimte en tijd onlosmakelijk met elkaar verweven zijn, moest hij bij collega-wiskundigen aankloppen die hem bepaalde vergelijkingen konden uitleggen. Je hoeft dus geen rekenwonder te zijn om de grondvesten van de wetenschap te herdefiniëren, maar eerlijk is eerlijk, het helpt wel, zeker als je de kwantummechanica wilt begrijpen.

Rovelli doet zijn best om om de hete cijferbrij te draaien - zijn boek is expliciet op de leek gericht - , maar soms kan hij het niet laten en krijg je een exotische formule voorgeschoteld. Niet dat het stoort. Rovelli wil vooral de elegantie van de wiskunde aantonen. Fysici hebben blijkbaar een zwak voor esthetiek: schoonheid en waarheid gaan vaak hand in hand.

Nadat hij in het eerste deel alle natuurkundige ontdekkingen netjes op een rijtje heeft gezet én die ook nog eens helder uitgelegd heeft, gaat hij in het tweede deel de speculatieve toer op. Hoewel beide theorieën kloppen, spreken de relativiteitstheorie en de kwantummechanica elkaar bizar genoeg tegen. De grootste uitdaging van deze tijd is ze met elkaar in overeenstemming te brengen en te laten versmelten tot een grote, geünificeerde theorie. Rovelli postuleert een aantal mogelijke oplossingen en daar verliest hij zijn lekenlezer een beetje uit het oog: na een tijdje duizelt je hoofd van de lussen, snaren, quanten en Planck-constantes. Maar goed, niemand heeft beweerd dat de werkelijkheid simpel in elkaar zit, en tegen dan ben je Rovelli al dankbaar dat hij je brein heeft verrijkt.

De werkelijkheid is niet wat ze lijkt, Carlo Rovelli, Amsterdam University Press (oorspronkelijke titel: La realtà non è come ci appare), 256 blz., 19,99 euro.