Wat hebben Linda Ronstadt, Joni Mitchell, The Mamas and the Papas, Crosby, Stills, Nash & Young, The Doors en de Eagles, naast veel geld en drugsproblemen, nog met elkaar gemeen? Antwoord: ze vonden elkaar op het einde van de jaren zestig in een schilderachtige vallei in de agglomeratie van Los Angeles, waar ze samen leefden, muziek maakten en drugs gebruikten.

© Henry Diltz

Je hebt steden en buurten die gedurende een korte periode als het muzikale mekka van de wereld fungeren. Memphis is een voorbeeld uit de jaren vijftig van de vorige eeuw, in de sixties waren dat Liverpool en Detroit. En toen het decennium met horten en stoten in de jaren zeventig overging, was het de beurt aan Laurel Canyon. Alison Ellwood, die eerder een tweeluik over de Eagles regisseerde, maakte er vorig jaar het tweeluik Laurel Canyon: A Place in Time over. Op Neil Young en Joni Mitchell na kreeg ze zowat iedereen te spreken die er indertijd een rol had gespeeld of drugs gebruikt. Het resultaat is een razend interessante tweedelige muziekdocumentaire, de zoveelste die Canvas dit voorjaar op de vaste stek op donderdagavond positioneert. Wie heeft die Europese voetbalcompetities eindelijk nodig?

© Henry Diltz

'I hear that Laurel Canyon/ Is full of famous stars/ But I hate them worse than lepers / And I'll kill them in their cars', zong Neil Young in het nummer Revolution Blues uit 1974. De song wijst op een veranderde houding tegenover de wereld in het algemeen en het geliefde Laurel Canyon in het bijzonder. De Mansonmoorden (waar Revolution Blues op gebaseerd is), het drama op het concert van The Rolling Stones in Altamont en de steeds grimmiger wordende protesten tegen de Vietnamoorlog markeerden het einde van het hippietijdperk, waardoor de songs van Neil en zijn vrienden een pak donkerder werden. Ook Alison Ellwood merkte die verandering op: 'Toen duidelijk werd dat we er een tweedelige docu van zouden maken, wist ik meteen waar ik het verhaal doormidden moest hakken. Het eerste deel is een stuk blijer en naïever, daarna worden de inwoners van de canyon zich bewuster van de dreiging om zich heen. Dat reflecteert zich ook in hun muziek.'

© Henry Diltz

Een van de verhalen die in het eerste deel aan bod komen, speelt zich af in het huis van Joni Mitchell, waar op een feestje in juli 1968 voor het eerst de stemmen van David Crosby, Stephen Stills en Graham Nash samenvloeiden. Typisch voor die periode (en het drugsgebruik) is evenwel dat enkel Crosby en Nash het zich op die manier herinneren: Stills houdt vol dat het in het huis van Cass Elliot van The Mamas and the Papas was.

Laurel Canyon

Donderdag 18/6, 23.10, Canvas

Wat hebben Linda Ronstadt, Joni Mitchell, The Mamas and the Papas, Crosby, Stills, Nash & Young, The Doors en de Eagles, naast veel geld en drugsproblemen, nog met elkaar gemeen? Antwoord: ze vonden elkaar op het einde van de jaren zestig in een schilderachtige vallei in de agglomeratie van Los Angeles, waar ze samen leefden, muziek maakten en drugs gebruikten. Je hebt steden en buurten die gedurende een korte periode als het muzikale mekka van de wereld fungeren. Memphis is een voorbeeld uit de jaren vijftig van de vorige eeuw, in de sixties waren dat Liverpool en Detroit. En toen het decennium met horten en stoten in de jaren zeventig overging, was het de beurt aan Laurel Canyon. Alison Ellwood, die eerder een tweeluik over de Eagles regisseerde, maakte er vorig jaar het tweeluik Laurel Canyon: A Place in Time over. Op Neil Young en Joni Mitchell na kreeg ze zowat iedereen te spreken die er indertijd een rol had gespeeld of drugs gebruikt. Het resultaat is een razend interessante tweedelige muziekdocumentaire, de zoveelste die Canvas dit voorjaar op de vaste stek op donderdagavond positioneert. Wie heeft die Europese voetbalcompetities eindelijk nodig? 'I hear that Laurel Canyon/ Is full of famous stars/ But I hate them worse than lepers / And I'll kill them in their cars', zong Neil Young in het nummer Revolution Blues uit 1974. De song wijst op een veranderde houding tegenover de wereld in het algemeen en het geliefde Laurel Canyon in het bijzonder. De Mansonmoorden (waar Revolution Blues op gebaseerd is), het drama op het concert van The Rolling Stones in Altamont en de steeds grimmiger wordende protesten tegen de Vietnamoorlog markeerden het einde van het hippietijdperk, waardoor de songs van Neil en zijn vrienden een pak donkerder werden. Ook Alison Ellwood merkte die verandering op: 'Toen duidelijk werd dat we er een tweedelige docu van zouden maken, wist ik meteen waar ik het verhaal doormidden moest hakken. Het eerste deel is een stuk blijer en naïever, daarna worden de inwoners van de canyon zich bewuster van de dreiging om zich heen. Dat reflecteert zich ook in hun muziek.' Een van de verhalen die in het eerste deel aan bod komen, speelt zich af in het huis van Joni Mitchell, waar op een feestje in juli 1968 voor het eerst de stemmen van David Crosby, Stephen Stills en Graham Nash samenvloeiden. Typisch voor die periode (en het drugsgebruik) is evenwel dat enkel Crosby en Nash het zich op die manier herinneren: Stills houdt vol dat het in het huis van Cass Elliot van The Mamas and the Papas was.