DE WEEK VAN MLK

Op woensdag 4 april is het precies vijftig jaar geleden dat de droom van Martin Luther King een nachtmerrie werd. De moord op de predikant en burgerrechtenactivist, in een hotel in Memphis, Tennessee, wordt deze week zowel in Vlaanderen als Nederland herdacht met een rist documentaires en een film.
...

Op woensdag 4 april is het precies vijftig jaar geleden dat de droom van Martin Luther King een nachtmerrie werd. De moord op de predikant en burgerrechtenactivist, in een hotel in Memphis, Tennessee, wordt deze week zowel in Vlaanderen als Nederland herdacht met een rist documentaires en een film. Bij onze noorderburen wordt de herdenkingsweek ingezet met een opmerkelijke docu van eigen makelij. Voor In de schaduw van King gingen Hans Hermans en Martin Maat praten met Harcourt Klinefelter, een blanke Amerikaan die van 1965 tot 1968 deel uitmaakte van het pr-team van Martin Luther King. Ze hoefden daarvoor geen al te hoge kostennota in te dienen: de 79-jarige Klinefelter woont in de buurt van Overijssel. Op de zolder van zijn Nederlandse rijwoning bewaart hij de vele opnames die hij meer dan vijftig jaar geleden van Kings toespraken gemaakt heeft. Hij haalt voor de camera herinneringen op aan de elektriserende jaren zestig, toen een betere wereld voor het grijpen leek. Samen met de documentairemakers en zijn vrouw trekt hij ook naar het Amerikaanse plaatsje Selma voor een ontmoeting met de zoon van zijn held. De geëngageerde Harcourt Klinefelter, die in 2016 nog naar Lesbos ging om er vluchtelingen te helpen, schreef ook toespraken voor King, maar de I Have a Dream-speech is niet van zijn hand, want die dateert al van 1963. De dag nadien gaat Canvas voor de harde feiten. MLK, The Assassination Tapes is volledig opgetrokken uit nieuwsbulletins en zelden geziene beelden, verzameld door wetenschappers van de universiteit van Memphis die op jacht zijn gegaan naar elke geschreven of audiovisuele bron over de moord. Geen interviews of commentaarstem, wel een chronologisch verslag van de gebeurtenissen. In het licht van dit feitelijke relaas past het om hier nog eens de naam van de vermeende moordenaar mee te geven: James Earl Ray. Vermeend, omdat velen in hem, net als in Lee Harvey Oswald, een zondebok zien. Ray zelf heeft dat na zijn initiële bekentenis altijd volgehouden, tot aan zijn dood in 1998. Dezelfde dag wordt op de Nederlandse televisie de van black pride glimmende documentaire I Am Not Your Negro getoond. De film, die u vorige week al op Canvas kon bekijken, is gebaseerd op het nagelaten manuscript Remember This House, waarin de Amerikaanse schrijver en activist James Baldwin herinneringen oproept aan drie goede vrienden van hem die stuk voor stuk vermoord werden om de strijd die ze leverden: Medgar Evers, Malcolm X en Martin Luther King. Op 4 april en 5 april staat er niets op het programma en hebt u ampel de tijd om uw vinyl van The Impressions (People Get Ready), Sam Cooke (A Change Is Gonna Come) en The Staple Singers (Long Walk to D.C.) af te stoffen. Daarna is het tijd voor Selma (2014) van Ava DuVernay. Het plaatsje Selma, in de staat Alabama, was in 1965 het decor voor drie protestmarsen van de burgerrechtenbeweging. De eerste twee eindigden met geweld en bloedvergieten, voor nummer drie verzamelden zich dertigduizend mensen onder leiding van Martin Luther King, die op het einde nog een befaamde toespraak afleverde: How Long, Not Long. Ook die speech werd niet door Harcourt Klinefelter geschreven, maar dat doet er nu even niet toe. Belangrijker is dat Selma deel uitmaakt van een nieuwe golf van waardige zwarte verontwaardiging. Dat is goed, maar het is ook erg, want het betekent dat de strijd vijftig jaar na de moord op Martin Luther King nog altijd niet gestreden is. Wie dit blad van voren naar achteren leest, weet al dat CAZ vanaf zaterdag de beste sitcom aller tijden heruitzendt: Blackadder. Zondag is het tijd voor de runner-up en wordt die goeie ouwe Basil Fawlty nog eens uit het gekkenhuis losgelaten. Natuurlijk heeft iedereen alle twaalf episodes al bekeken, herbekeken en nog eens meegepikt, maar geef toe: dat argument heeft u in het geval van 'Allo 'Allo!(eveneens op CAZ) ook niet tegengehouden. Wij parkeren ons in een feestelijke coma en laten ze allemaal nog eens voorbijflitsen: Manuel (acteur Andrew Sachs is alweer anderhalf jaar wijlen) en The Germans, Sybil, Polly en de Waldorf Salad. En Basil natuurlijk, ongetwijfeld de beste rol van John Cleese na die van Bicycle Repair Man in Monty Python's Flying Circus. Tiens, zou dat niets voor CAZ zijn?Wist u dat een robot onlangs een Rubikkubus oploste in 0,38 seconden? En dat er machines bestaan die chirurgen kunnen helpen tijdens een operatie? Nieuwssites slaan ons om de oren met berichten over de recentste geavanceerde robotica, maar hoe machinaal ziet onze toekomst er nu echt uit? Programmamaker Jelle Brandt Corstius tracht die vraag te beantwoorden in de zesdelige docureeks Robo Sapiens. Zeker is dat we afstevenen op een wereld waarin kunstmatige intelligentie een rol zal spelen, maar wat moeten we ons daar dan concreet bij voorstellen? Brandt Corstius blikt terug naar de oorsprong van computers en reist de wereld rond om onze toekomst in kaart te brengen. En dat doet hij niet alleen: tijdens de trip wordt hij namelijk vergezeld door een robot.Op 5 april is het 24 jaar geleden dat grungeheld Kurt Cobain zelfmoord pleegde. Hij werd 27. In deze HBO-documentaire gaat Brett Morgen, regisseur van Jane en The Kid Stays in the Picture, op zoek naar de mens achter de mythe. Morgen trok Cobains dochter Frances Bean aan boord als uitvoerend producent, waardoor hij toegang kreeg tot het persoonlijke archief van de Nirvana-frontman (van homevideo's en tapes tot dagboekaantekeningen), zijn weduwe Courtney Love en bandleden Dave Grohl en Krist Novoselic. Dat leidt tot een heel intieme, met animaties verluchte inkijk in Cobains leven: van het kind dat door de scheiding van zijn ouders getroebleerd raakt, over de rebelse tiener die de punk ontdekt tot de door drugsgebruik en depressies geplaagde rockster die de stem van Generatie X werd.De Nederlandse presentator Tijs van den Brink groeide op in een gelovig gezin en is al die jaren trouw gebleven aan zijn almachtige God. Anno 2018 ligt dat niet voor de hand. In Adieu God? spreekt Van den Brink met een resem bekende Nederlanders en Vlamingen die christelijk opgevoed werden en er uiteindelijk voor hebben gekozen om de kerk links te laten liggen. Na notoire ketters als Connie Palmen, Jeroen Pauw en Kristien Hemmerechts mag nu ook NRC-hoofdredacteur Peter Vandermeersch bij Van den Brink te biecht gaan. Wat is er van zijn geloof overgebleven? Denkt hij in godsnaam soms nog aan de Heer? Of is hij allang voor het zingen de kerk uitgegaan?De meneer Lazhar uit de titel is een waardige vijftiger van Algerijnse afkomst die als leraar is aangesteld in Montréal. De leerlingen van het zesde jaar hebben net hun lerares verloren en het is aan Lazhar (Mohamed Fellag) om dat verdriet weg te masseren, ook al torst de genereuze man zelf een pijnlijk geheim. Toegegeven, Honoré de Balzacs La Peau de chagrin als dicteetekst geven aan pubers is misschien geen goed idee, maar regisseur Philippe Falardeau mijdt elk aangedikt sentiment en bouwt deze intieme, meermaals bekroonde schoolfilm intelligent op tot een innemend drama over integratie, rouw en de kracht van taal.Dat we de Kelten nog steeds zien als barbaren die mensen offerden bij de poorten van de beschaving, hebben we aan Romeinse of Griekse geschiedschrijvers te danken. Toch was de Keltische beschaving, als we die al als een geheel mogen opvatten, gesofisticeerd en strekte ze zich uit van het huidige Portugal tot Turkije. Dat komt u alvast te weten als u archeoloog Neil Oliver en antropoloog Alice Roberts volgt op hun speurtocht door Centraal-Europa in de driedelige docu The Celts. Komt nog, aangedikt met dramatische re-enactments, aan bod: de voor onze manier van leven bepalende clash tussen Vercingetorix en Caesar, alsook de last stand van koningin Boudicca. Die werd publiekelijk gegeseld, zag hoe haar dochters verkracht werden, verenigde daarop verschillende stammen in een groots leger en was de eerste én enige die Londen tot smeulend puin kon herleiden.Niet met een Ariel, wel met een moordende zeemeermin wil Siren u betoveren. De mysterieuze Ryn (Eline Powell) komt boven water en zet Bristol Cove op stelten. Dat vissersdorpje was ooit de thuishaven van zeemeerminnen maar heeft intussen, althans volgens een excentrieke heks, een genocide op zijn kerfstok. Ryn blijkt de Furie die dat zal rechtzetten. Daarbij zwiert ze niet alleen een grijpgrage kinkel door zijn autoruit, ze begint ook een 'duistere romance' met een marien bioloog die moet uitdokteren tot welke soort ze precies behoort, waar die vandaan komt en hoeveel zusters ze nog heeft. Eline Powell - een gediplomeerd duiker, die haar adem 3 minuten en 12 seconden lang kan inhouden - vergeleek haar personage met een witte haai: 'A scary yet majestic predator fighting for survival.'Deze romantische sf-fantasy van Juan Solanas, zoon van de gevierde Argentijnse regisseur en politicus Fernando Solanas, speelt zich af in een parallel universum, met tweelingplaneten die diametraal tegenover elkaar liggen, waardoor alles er tegenovergesteld is, als in een spiegelbeeld. Jim Sturgess en Kirsten Dunst zijn de Romeo en Julia met dienst in Upside Down, dat enkele duizelingwekkende beelden in de aanbieding heeft maar als geheel wat steriel oogt. Toch is dit een film waarin de verbeelding aan de macht is.Deze hebt u misschien al gezien, maar als er éénhotel is waar u maar wat graag naar terugkeert, dan wel The Grand Budapest Hotel. Al was het maar om in de sfeer te komen voor u binnenkort, vanaf 11 april, naar Wes Andersons nieuwste gaat kijken, de stop-motionfilm Isle of Dogs.1932, de (fictieve) Centraal-Europese republiek Zubrowka. Het Grand Budapest, met pastelroze gevel, is een kuuroord in de bergen zoals er destijds over heel Europa te vinden waren. Als de toegewijde Monsieur Gustave (Ralph Fiennes), de conciërge, zijn personeel niet in het gareel houdt - of zijn nieuwe piccolo Zero (Tony Revolori) opleidt - kwijt hij zich van de 'uitzonderlijke dienstverlening' waar het etablissement bij oudere dames om bekend staat. Een van hen, de rijke Madame Céline Villeneuve Desgoffe und Taxis (Tilda Swinton), die overlijdt in verdachte omstandigheden, laat hem het waardevolle renaissanceschilderij Boy with Apple na, tot groot ongenoegen van haar erfgenamen, onder wie haar zoon Dmitri (Adrien Brody), die Gustave zelfs van moord beschuldigt.Anderson maakte van de avonturen van de charismatische conciërge en zijn trouwe piccolo een retrokomedie met melancholische ondertoon die je net als de films van Jacques Tati opnieuw en opnieuw kunt bekijken: er zijn zo veel bizarre personages, de film zit zo tjokvol subtiele details dat je telkens iets nieuws ontdekt. Aan die details is overigens bijzonder hard gewerkt: het fameuze kunstwerk dat Gustave erft, is al even fictief als Zubrowka, maar er is wel vier maanden aan geschilderd.De hele film voelt als een ingenieus opwindspeeltje, al vanaf het begin, waarin de ene raamvertelling in de andere raamvertelling schuift: in onze tijd vindt een meisje een boek van 'The Author', waarin die schrijft hoe hij in de jaren zestig naar het Grand Budapest reisde, dat toen al in verval was. Hij ontmoet er de eigenaar, ene meneer Moustafa (F. Murray Abraham), die hem vertelt hoe het hotel in zijn bezit kwam en waarom hij het niet wil sluiten.Het is niet moeilijk om in The Grand Budapest Hotel een ode aan het interbellum te zien en het imposante hotel als een symbool voor Europa. Ook al omdat Anderson expliciet verwijst naar Stefan Zweig, de Oostenrijkse schrijver die oorlogszuchtig nationalisme verwierp en voor een geestelijk verenigd Europa pleitte - de fysieke gelijkenis tussen Zweig en Fiennes is overigens frappant.Dat alles, plus het uitbundige setdesign, het maniëristische acteerspel - u herkent onder meer nog Saoirse Ronan, Willem Dafoe, Jeff Goldblum, Mathieu Amalric, Harvey Keitel en natuurlijk Bill Murray -, de wilde slapstickachtervolgingen op kabelbanen en over skipistes: het resulteert in een even verrukkelijke als schattige klucht, in Berlijn terecht bekroond met een Zilveren Beer.