Het begon allemaal met een artikel op HLN.be.
...

Het begon allemaal met een artikel op HLN.be. Of nee, opnieuw: het begon met een perfecte score van 100 % op Rotten Tomatoes. Nee wacht, nog één keer: het begon met een goede nieuwe serie die zonder poespas op Netflix werd gezet. Vervolgens deden enkele journalisten gewoon hun werk. Ze schreven er een recensie over, en zo ontstond ook de vergelijking met de films van Wes Anderson. Toen pas kwam Rotten Tomatoes. En daarna HLN. Rotten Tomatoes is een website die recensies van andere websites en media verzamelt en de quoteringen bij elkaar optelt. Zo krijgen films en tv-series een score op 100, en worden ze op grond van die score 'fresh' dan wel 'rotten' bevonden - zoals een echte tomaat! Leggen we het goed uit, Twitter? Handig wel, die site. Je leert er als kijker met te weinig tijd - en niemand heeft genoeg tijd om alles te zien - wat de algemene consensus is over een serie, je leest eventueel wat regels van een recensie en beslist, terwijl de butler een zakje chips openscheurt, of die serie al dan niet iets voor jou is. (Bestond dat maar voor partners, niet? Nee wacht, dat bestaat.) Als een site als Rotten Tomatoes echter zélf het nieuws gaat bepalen, dan is dat een beetje als: 'Rudi Vranckx kreeg gisteren een lekke band terwijl hij op weg was naar een babyborrel.' Of: 'Het lief van de zoon van Sven Nys heeft afgelopen weekend gehuild.' The End of the F***ing World is een Britse comedyserie die in oktober in première ging op Channel 4 en sinds 5 januari op Netflix staat. Ze gaat over James (Alex Lawther), een jongen van zeventien die denkt dat hij een psychopaat is, en zijn grofgebekte klasgenootje Alyssa (Jessica Barden). Ze lopen samen van huis weg en laten onderweg een spoortje van dood en verderf achter. Inkzwart? Nah. Grappig, ontroerend en goed? Yep! Alles vloeit heel mooi samen in The End of the F***ing World. Humor en verdriet werden op een schaaltje afgewogen, de soundtrack van Graham Coxon (Blur) is een naadloze mix van doowop, crooners en jong geweld. De nevenpersonages - de lesbische politieagentes die naar James en Alyssa op zoek gaan op kop - slaan gensters. Iedereen weet dat men een goeie comedyserie herkent aan de impact van de nevenpersonages. Maar bovenal: de twee hoofdrolspelers zijn uitstekend en hun personages op een surreële manier levensecht - twee ongelukkige tieners van wie de Britse accenten wondermooi botsen met het op-en-top Amerikaanse genre van de roadmovie. Vergelijkingen met Thelma & Louise en Bonnie and Clyde zijn de revue gepasseerd, of met Mickey en Mallory uit Natural Born Killers. Wij moesten nog het meest aan Sissy Spacek en Martin Sheen denken, de verloren zielen uit Badlands van Terrence Malick. Al zijn de protagonisten in The End of the F***ing World wel allebei Sissy Spacek. Hoewel over de look van de reeks bovengemiddeld lang werd nagedacht, willen we niet zo ver gaan om ook de beeldvoering en kadrering met Badlands te vergelijken. En weet je met wat we ook niet gaan vergelijken? Met het oeuvre van Wes Anderson. Die heeft met Moonrise Kingdom inderdaad ook een film met twee jongeren die van huis weglopen. Dat hij lang nadenkt over hoe zijn films eruitzien, gaan we al helemaal niet ontkennen, en ontroering en humor dansen ook bij hem weleens een slow op de tonen van een oldie. Maar sinds een reviewer van The Atlantic het verhaal van James & Alyssa omschreef als 'een scenario van Wes Anderson dat werd afgewezen omdat het te donker was', heeft iedere recensent die vergelijking overgenomen. Terwijl ze gewoon niet klopt. The End of the F***ing World heeft iets van de stijl, het uitzicht en de humor van zowat elke indiekomedie van de afgelopen vijftien jaar, maar het minst van al van die van Wes Anderson. En de plot is veel minder donker dan triest. James en Alyssa zijn twee puppy's in de regen. Je zou ze nog het liefst van al in huis nemen en een knuffel geven (en hun ouders een kopstoot). Heeft niemand dan nog kinderen? Wie een luie vergelijking overneemt, is dubbel lui. Of veel te gehaast. Want sinds de optelsom die Rotten Tomatoes maakte, moet en zal ieder medium zo snel mogelijk zijn eigen artikel over The End of the F***ing World hebben, vóór de lezer zich afvraagt waarom hij bij zijn favoriete publicatie nog niets over die geweldige nieuwe serie heeft gelezen en elders gaat klikken. Wat er dan gebeurt, raad je nooit: overal dezelfde info, dito vergelijkingen en diezelfde, jubelende toon. Alleen worden de hyperbolen steeds hoger: van 'onverwachte hit' over de 'beste serie van het jaar' (januari is even over halfweg) tot 'de beste serie ooit op Netflix?' Achter die laatste had een oplettende eindredacteur gelukkig nog net een vraagteken gezet. Feit:The End of the F***ing World is veruit de beste serie ooit die wij in de eerste helft van januari 2018 hebben gezien. Feit: op het moment dat het eerste Vlaamse artikel met de '100%' in de kop verscheen, was de Rotten Tomatoes-score al gezakt naar 96 procent. Geen tijd gehad om te checken. Feit: als we ons alleen nog op kliks concentreren, en cijfers en deadlines laten primeren op ons eigen oordeel, wordt elke vorm van cultuurverslaggeving een lachertje. Het internet stond roodgloeiend, ja, en wat dan nog? Het internet is als een nymfomane squaw: het staat altijd roodgloeiend. Vindt u deze kruisverwijzing tussen indianen en een rode huidskleur aanstootgevend? Start een f***ing Twittercampagne.