Vroege jaren tachtig. Een Nigeriaanse jongen komt naar de VS om economie te studeren. Hij heeft moeite om zijn weg te vinden, tot hij zich een Amerikaans archetype herinnert dat hij kent van de openluchtfilms die vroeger in zijn dorp vertoond werden. Hij koopt een hoed en een paar boots en vindt zichzelf opnieuw uit als cowboy. Terwijl zijn thuisland door corruptie en machtsstrijd verscheurd wordt, krijgt hij een baan aangeboden aan de faculteit. Met zijn eerste loon koopt hij een motorfiets: het vervoersmiddel van zijn overleden vader in Kenia, maar net zo goed een geliefkoosd rollend rekwisiet in de Amerikaanse mythe.
...

Vroege jaren tachtig. Een Nigeriaanse jongen komt naar de VS om economie te studeren. Hij heeft moeite om zijn weg te vinden, tot hij zich een Amerikaans archetype herinnert dat hij kent van de openluchtfilms die vroeger in zijn dorp vertoond werden. Hij koopt een hoed en een paar boots en vindt zichzelf opnieuw uit als cowboy. Terwijl zijn thuisland door corruptie en machtsstrijd verscheurd wordt, krijgt hij een baan aangeboden aan de faculteit. Met zijn eerste loon koopt hij een motorfiets: het vervoersmiddel van zijn overleden vader in Kenia, maar net zo goed een geliefkoosd rollend rekwisiet in de Amerikaanse mythe. Zo gaat een van de acht verhalen van Little America, een anthologiereeks waarmee het nieuwe streamingkanaal Apple TV+ een eerste bescheiden hit scoort. De acht episodes zijn heel divers, maar stuk voor stuk handelen ze over het wedervaren van migranten in de VS. Stuk voor stuk bewandelen ze een parcours tussen comedy en drama. En stuk voor stuk zijn ze ook gegrond in de realiteit. Dat laatste heeft te maken met Epic, een internetplatform dat in 2013 is opgericht door journalisten Joshuah Bearman en Joshua Davis. Davis publibliceerde in 2012 John McAfee's Last Stand, een boek over de man achter de bekende antivirussoftware, die in het Centraal-Amerikaanse Belize een bestaan leidde dat zowel aan Apocalypse Now als The Wolf of Wall Street deed denken, tot hij van de moord op zijn buurman werd verdacht. Hij verkocht de rechten op zijn boek aan Hollywood. De hoofdrol voor King of the Jungle, zoals de filmversie zou gaan heten, was een tijdlang voor Johnny Depp bestemd, maar die werd door McAfee gewraakt. Inmiddels is Michael Keaton uitgekozen om hem te vertolken, maar de film zit nog altijd vast in development hell. Beter verging het een verhaal van Bearman: The Great Escape, een longread die hij voor Wired schreef in 2007, werd door Ben Affleck in 2012 verfilmd als Argo, goed voor de Oscar voor beste film. Dat zette de twee Jossen aan het denken. In 2013 richtten ze samen Epic op, een internetplatform dat zich concentreert op waargebeurde verhalen die lezen als fictie. Je loopt er niet tegen een betaalmuur of vervelende advertenties op, want de site verdient haar geld door verhalen aan Hollywood te verkopen. Elk verkocht verhaal betekent voor Bearman, Davis of de andere aan de site verbonden journalisten een nieuwe kans om hun leven te gaan wagen in een of andere Latijns-Amerikaanse jungle, een halfjaar in zwaarbewaakte gevangenis door te brengen of gewoon thuis de tijd te nemen om een ouderwets lang verhaal te researchen. Hollywood heeft intussen op 25 stukken van Epic een optie genomen. Acht verhalen verpatsten ze aan de makers van Little America. Naast de hierboven al aangehaalde aflevering - The Cowboy - is er het verhaal van een Indiase jongen die het motel van zijn ouders runt nadat die gedeporteerd zijn. Of dat van een latinomeisje dat heel goed blijkt te zijn in squash. Of van een Française die op retraite de man van haar dromen ontmoet. We kennen er nog één: een Pakistaan zit aan het ziekbed van zijn blanke ex, tegen de zin van haar ouders. Dat komt dan weer níét uit Little America: het is de synopsis van The Big Sick (2017), de indiehit waarin schrijvers Emily V. Gordon en Kumail Nanjiani (die laatste kent u uit Silicon Valley) losjes het prille begin van hun relatie uit de doeken deden. Het koppel vormt samen met Lee Eisenberg, die voordien meeschreef aan The Office USA, de drijvende kracht achter Little America. 'Het beeld dat Amerika van zichzelf presenteert heeft altijd al twee kanten gehad', zo legde Nanjiani uit aan The Guardian. 'Aan de ene kant is er de negatieve invloed op de rest van de wereld, aan de andere kant is er die belofte van een land dat je alle kansen geeft. De Amerikaanse popcultuur, de meest wijdverspreide van de wereld, heeft ons altijd die tweede kant getoond, en wij gingen daar met z'n allen met veel plezier in mee: "Je kunt alles doen en worden wat je zelf wilt!" Niet ieder personage in Little America gelooft dat, maar het is wel een van de kerngedachtes erachter.' Nanjiani is zelf in Pakistan geboren en pas op zijn achttiende verhuisd naar de VS. Conphidance, de fantastische hoofdrolspeler van de Cowboy-aflevering, is net als zijn personage afkomstig uit Nigeria en kwam ook pas op latere leeftijd naar de VS. Bharat Nalluri, de regisseur van The Cowboy, is in India geboren. En ook een deel van het scenaristenteam heeft een migratieachtergrond. Dat is bij de overige episodes niet anders, en het is een heel bewuste keuze. Zoals Nanjiani na het succes van The Big Sick in een interview zei: 'Al onze favoriete films zijn films over heteroseksuele witte mannen, gemaakt door heteroseksuele witte mannen. Nu kunnen die straight white dudes eens naar films kijken waarin ík de hoofdrol speel en zich daarmee identificeren. Zo moeilijk is dat niet. Ik doe het al mijn hele leven.' De omvolking van Hollywood is een feit. En toch wil Little America nadrukkelijk geen politieke reeks zijn, in het volle besef dat migranten portretteren als mensen van vlees en bloed in het huidige klimaat vanzelf als een daad van verzet wordt beschouwd. Maar los van wat Theo Francken daarvan vindt, zijn er ook journalisten die schrijven dat de show méér had kunnen doen, of andere accenten leggen. De recensent van NPR prees Little America, maar zei ook: 'De reeks gebruikt een oude truc: ze toont dat deze personages de moeite waard zijn door hen een uitzonderlijk talent te geven. Maar je hoeft geen motel te kunnen runnen of een squashkampioene te worden om de aandacht van de kijker te verdienen.' Volgens een andere journaliste wordt de reeks ondermijnd door haar eigen positivisme. Er zitten geen boksende jongemannen in, en je ziet niemand werkloos op een bankje naar zijn dure smartphone staren. De meeste personages beantwoorden aan het cliché van 'de goeie migrant'. Ze verkondigen de boodschap dat je met hard werk en volharding je eigen droom kunt waarmaken. 'Ze worden door hun omgeving menselijk behandeld omdat ze het verdiend hebben, niet omdat ze mensen zijn.' In die optiek kun je in de Nigeriaanse cowboy ook een jongen zien die pas aanvaard wordt als hij zich conformeert aan (een idee van) Amerika. In de aflevering The Baker gebeurt het omgekeerde en kent een Oegandese vrouw pas succes als ze een mand met koekjes op haar hoofd zet en voor haar omgeving beantwoordt aan hun idee van Afrika. De figuren in Little America willen niemand voor het hoofd stoten, en de reeks zelf ook niet. ' Little America focust meer op triomf dan op de worsteling die eraan voorafgaat. We willen de kijkers achteraf met lichte tred weer de wereld in sturen, ook al worden er ernstige onderwerpen aangeraakt', legt Kumail Nanjiani uit. Misschien is de reeks zoals ze nu is inderdaad al radicaal genoeg. Als mensen de verdrinkingsdood van transmigranten toejuichen, is het wellicht belangrijk om van bepaalde groepen eerst weer individuen te maken, met een naam, een gezicht en een paar dromen.