Dit is waarom ik een groot deel van het huidige westerse debat haat.
...

Dit is waarom ik een groot deel van het huidige westerse debat haat. Ten eerste begint elk opiniestuk sinds een jaar of twee met 'Dit is waarom ik ...'. Dat mag nu ophouden. Want dat is waarom ik veel stukken zelfs niet meer begin te lezen. Ten tweede: de belachelijke nadruk op semantiek. Want ho maar, wacht even, wat is nu eigenlijk de definitie van 'feministe', 'populist', 'superieur' of 'fake news'? Waarop de discussie losbarst, tot iedereen moe wordt en zin krijgt in iets lekkers en het originele onderwerp compleet vergeten wordt. En je zou nog kunnen zeggen: ja, maar voor elk gedegen debat is een goed begrip van de terminologie cruciaal. En goed, ja, tot daar dan. Maar er volgt dan zelden meer dan opinies die als hoofdonderwerp vooral hebben: de mens achter de opinie zich laten positioneren. Daarom beginnen al die stukken ook met 'Waarom ik ...', natuurlijk. Ik denk dat ik vind dat het mij persoonlijk, als individu, niet zoveel kan schelen waarom 'ik' zich (niet (meer)) zus of zo wil laten labelen. Kan me niet schelen. Echt niet. Ook niet een beetje? Nee. Ten derde: de constante staat van hysterie. The New York Times stelde met Bret Stephens recent een 'klimaatontkenner' aan als columnist. Een stroom protest volgde op - je had het echt nooit geraden - sociale media. Lees: twintig gekken maken ruzie op Twitter. Een massa mensen - nog steeds diezelfde twintig gekken - zegt meteen zijn abonnement op. Wil ik nog zien, die massa, en ook: als de Times dat goed doet, dan checkt ze wel de feiten in een (wetenschappelijke) column. Doet ze dat niet, dan is de column waardeloos en de krant onwaardig. Daar hoef je niet helemaal emotioneel van te worden. Een kind dat gezond geboren wordt, doe daar emotioneel over. Ten vierde: de veel - nee, echt veel - te lange tenen. Beledigd zijn hoort helemaal in dat 'Waarom ik ...'-sfeertje thuis. We moeten dringend een onderscheid maken tussen een belediging en het uiten van een idee dat niet strookt met de algemene opvattingen van een bevolkingsgroep. Je zult zien dat heel weinig opiniemakers vandaag nog op de man/vrouw af beledigen. Misschien zou dat weer wat meer mogen gebeuren. Lange tenen zijn er om met een botte bijl ingekort te worden. Ten vijfde: het nog steeds grote aandeel van laag ontwikkelde mensen. Ik zeg niet domme mensen - ik wil niemand beledigen, ze zullen er maar eens een opiniestuk over schrijven. Maar de mensen bij wie ik bijvoorbeeld racistische ideeën gewaar word - ideeën die basiskennis van bijvoorbeeld geschiedenis of biologie meteen van tafel vegen - zijn echt vaak mensen die niet beter weten door gebrek aan scholing of persoonlijke ontwikkeling. Ze praten anderen na en vallen meteen door de mand in een echt gesprek. Helaas leent het internet zich niet of zelden tot genuanceerde gesprekken en vermoed ik dat het de extremen meer tegen elkaar opzet dan wat anders. En dat is ongelooflijk spijtig. Maar ook vermoeiend. Je denkt uiteindelijk toch: wat een rotzooi, ik zet mijn scherm uit. Laat dat meteen een tip zijn.