Niet dat Jan Hautekiet, de éminence grise van de Vlaamse radio, de scepter niet wil doorgeven aan zijn MNM-collega Karolien Debecker - met plezier zelfs - maar waar hij niet van houdt, is het woord opvolging, 'want zij gaat háár radio maken, niet de mijne'. Over hoe die er moet gaan uitzien, denkt de Leuvense nu al na. Tegelijk zwaait ze wanneer u dit leest Hautekiet, programma én maker, mee uit met een fietstocht van een week door Vlaanderen, elke dag onderbroken voor een radio-uitzending. Voor beide presentatoren is het de laatste inspanning na een intens radioseizoen. Hun ogen twijfelen het hele gesprek lang zichtbaar tussen vermoeidheid en goesting.
...

Niet dat Jan Hautekiet, de éminence grise van de Vlaamse radio, de scepter niet wil doorgeven aan zijn MNM-collega Karolien Debecker - met plezier zelfs - maar waar hij niet van houdt, is het woord opvolging, 'want zij gaat háár radio maken, niet de mijne'. Over hoe die er moet gaan uitzien, denkt de Leuvense nu al na. Tegelijk zwaait ze wanneer u dit leest Hautekiet, programma én maker, mee uit met een fietstocht van een week door Vlaanderen, elke dag onderbroken voor een radio-uitzending. Voor beide presentatoren is het de laatste inspanning na een intens radioseizoen. Hun ogen twijfelen het hele gesprek lang zichtbaar tussen vermoeidheid en goesting. 'Weet je wat dit beroep zo fijn maakt? Dat het proces tussen een vaag idee en een project heel kort is', zegt Hautekiet. 'Als ik vandaag hoor dat er een boek over leegstand wordt gepresenteerd in een leeg pand in Brussel, kan ik daar morgen een uitzending maken. Twee microfoons, zo'n bak (schetst met zijn handen een kubus ter grootte van een schoendoos) en weg zijn we. Heerlijk toch?' Debecker knikt. 'Als je weet dat dat allemaal kan, ga je niet voor minder, ook al doe je jezelf daar een beetje pijn mee. Ik heb het al zo vaak gehoord van onze manager: "Draai een plaatje meer. Maak het jezelf niet zo moeilijk." Maar het is telkens weer moeilijk om te lossen, terwijl ik nu al weet dat ik de eerste week van juli goed ziek zal zijn.' Wie ook niet meteen zal lossen, zijn de opiniemakers, journalisten en politici die vandaag Hautekiet met argusoren volgen. Voor Debecker, die haar huidige programma Generation M - een soort Hautekiet voor de YouTube-generatie - ooit omschreef als een dekentje waar ze met haar luisteraars onder kruipt om 's avonds wat te fezelen, wordt het wennen. 'Daar wil ik niet aan denken', zegt ze. 'Uiteraard ga ik moeten uitzoeken waar veertigers, vijftigers en zestigers vandaag mee bezig zijn en ga ik daarbij met mijn hoofd tegen de muur lopen, maar ik kan enkel doen wat ik nu al doen: mijn antennes uitsteken en maken wat ik denk te moeten maken.' Blijft de vraag of een discussieprogramma op de radio überhaupt nog iets kan toevoegen aan onze oververzadigde meningencultuur. Jan Hautekiet: Onderschat niet wat het betekent om naar de ander te luisteren, letterlijk dan. Iemand zijn verhaal horen formuleren op de radio is iets helemaal anders dan datzelfde relaas lezen op Facebook of Twitter. En we gooien nooit zomaar een zure tweet in de ether. We modereren, contextualiseren en nuanceren. Nu we heel actief zijn op sociale media, slagen we daar beter dan ooit in, ook voor en na de uitzending. Karolien Debecker: In mijn geval is het programma ondergeschikt geworden aan wat er online leeft. Tegelijk lokken posts, tweets en filmpjes jongeren weer naar de radio. Da's toch superinteressant om te zien? Een paar jaar geleden dachten we nog dat we de tieners helemaal kwijt waren. Hautekiet: Maar de kracht van radio, als iets dat hier en nu gebeurt, blijft ook vandaag nog overeind, denk ik. Ik vind het een geweldig prettige gedachte dat Hautekiet begint als het vijf over negen is, niet wanneer het programma klaar is. Die essentie, wat er gebeurt in jouw buis van Eustachius, is niet kapot te krijgen. Daarom zullen mensen altijd op de een of andere manier naar de radio luisteren, net zoals er vandaag nog boeken worden gelezen en nog bioscoopzalen open zijn. Debecker: Begrijp me niet verkeerd, ik haat het om items vooraf op te nemen. Als ik dan achteraf naar zo'n stukje luister, is dat een gekarteld mes dat door mijn oren gaat. Maar ik weet ook dat de luisteraar daar niks van merkt. Of die binnen tien jaar nog zo verknocht is aan zijn radiozender, is nog maar de vraag. Wat als het echt gemakkelijk wordt om vanuit de wagen podcasts en radioprogramma's op te vragen? Willen mensen dan liveradio, kant-en-klare programma's of een compilatie met de hoogtepunten? Tijdens mijn reis door de Verenigde Staten werd ik gek van al die korte, krachtige en gekunstelde radioprogramma's, maar niets zegt dat wij niet dezelfde weg op gaan. Wat leert een radiopresentator over de gewone Vlaming door elke dag een paar uur intensief naar hem te luisteren? Hautekiet: Dat die niet zo zuur is als we wel denken. Noem mij een hippie, maar ik heb in die zes jaar héél veel positieve vibes gevoeld. Ja, het gaat soms hard tegen onzacht, maar onder die verbittering zit zo veel praktijkervaring en zoveel respect voor de ander. Pas op, voor die verzuurde reacties mag je je oren niet sluiten, die hebben absoluut hun reden van bestaan. Er zijn ook zeker nog grote problemen in onze samenleving, heb ik na zes jaar geleerd: het milieu, migratie en de gevolgen ervan, onderwijs, geestelijke gezondheid in de breedst mogelijke zin... Debecker: Dat is exáct waar ook mijn luisteraars niet over kunnen zwijgen. Je zou denken dat onderwijs het laatste is waar ze 's avonds na hun schooldag nog aan denken, maar telkens we het thema aansnijden, overstroomt onze inbox. Hetzelfde als het gaat over stress en seksualiteit. Die onderwerpen worden heel vaak besproken over de hoofden van jongeren heen, maar waar krijgen ze zelf een platform? Dat is waarom ik Generation M zo graag wilde maken. En reken maar dat ze willen meestappen in het debat, ook al krijgen ze constant te horen dat ze lui en ongeïnteresseerd zijn. Als er één klassieke radio- of tv-zender de jonge Vlaming bereikt, is het wel MNM. Ook de nieuwe Vlaming, overigens. Hautekiet: Ik spreek dat zeker niet tegen, maar ook de andere netten doen hun best. Veel mensen denken dat Radio 1 vooral blanke, hoogopgeleide luisteraars heeft, maar dat klopt niet. In mijn programma komt de professor aan het woord, maar ook de vrachtwagenchauffeur. Debecker: Ik heb zoveel geleerd door gewoon te praten met allochtone jongeren. Hoe meer ik met hen discussieer, hoe minder gewicht ik toeken aan iets als die handdrukdiscussie. Die is veel minder beladen dan we denken, maar om dat te zien, moet je elkaar durven te leren kennen. Soms leggen de gesprekken met allochtone jongeren een voor ons achterhaald gedachtegoed bloot dat ook wij als mediamaker vaak niet durven te laten zien. Dat mogen we niet wegfilteren. Maar door de Vlaming in al zijn diversiteit aan het woord te laten, trekt ons werk de geest van de luisteraar open. Dat is voor mij even belangrijk als een politicus die naar ons luistert en op basis van de verhalen die hij of zij hoort een wettekst schrijft. Hebben jullie de grenzen van het debat de afgelopen zes jaar zien evolueren? Debecker: Jongeren hebben het steeds lastiger om hun verhaal te doen op de radio, omdat ze bang zijn dat ze ermee zullen worden gepest op social media. Voor de komst van de smartphone vertelden luisteraars ons dat ze zichzelf sneden of dat ze op hun veertiende nog in bed plasten. Nu zijn hun verhalen veel minder heftig, zelfs al weten ze dat ze altijd anoniem kunnen reageren. Regelmatig stuit ik op een taboe waarvan ik echt wel dacht: daar waren we toch voorbij. Deze week had ik het in Generation M nog over naakt douchen in de sportclub. Mensen, wat voor een nieuwe preutsheid is er ingetreden! Ik stel vast dat jongeren op het gebied van seksualiteit minder open zijn dan tien jaar geleden. Tegelijk hoorde ik een jongen van zeventien onlangs in je uitzending vertellen dat homoseksualiteit volgens hem een keuze is, een mening die je een jaar of vijf geleden nooit op de nationale radio zou hebben gehoord. Debecker: 'Als ik dit vijf jaar geleden had gehoord, had ik mezelf van kant gemaakt', kreeg ik van lgbt-luisteraars te horen. Dat wringt, maar dan denk ik: dit is nog altijd de realiteit. En je kunt die homofobe jongen dan on air gaan afsnauwen, maar dan krijg je zijn verhalen niet meer te horen. En dat van de volgende luisteraar met een controversiële mening ook niet meer. Hautekiet: Die fobie in homofobie, dat is angst, hè, van iets dat je niet kent. Debecker: Inderdaad. Die jongen was ervan overtuigd dat je homo of lesbienne wordt door je opvoeding. En hij staat daar niet alleen in. Hautekiet: Het is beter dat hij het bij ons zegt en wij zo'n uitspraak in een breder kader kunnen plaatsen dan dat hij het voor zich houdt. Zijn jullie zelf anders naar het nieuws beginnen te kijken door er elke dag in te zitten? Debecker: Ik heb een haat-liefdeverhouding met het nieuws. Als ik elk halfuur opnieuw hoor dat er een baby gedumpt is in een container in Schaarbeek of een woning is uitgebrand, denk ik weleens: waarom moet ik dit over mij heen krijgen? Uiteraard voel ik daar iets bij, maar ik word er niet wijzer van. Nieuws om het nieuws, moeten we dat niet herbekijken? Hautekiet: Ik snap wat je wilt zeggen, maar dat nieuws confronteert je wel met een bepaalde realiteit, in dit geval dat ouders nog steeds zo radeloos kunnen zijn dat ze hun kind achterlaten in een container. Maar we moeten er attent voor zijn dat het nieuws in balans blijft, dat is waar. Debecker: En dat mensen de actualiteit niet gewoon laten voor wat ze is. Een luisteraar vroeg mij onlangs: waarom moet ik nog naar het nieuws luisteren, als ik er kotsmisselijk van word? Ik mis heel wat hoopvolle evoluties, op het gebied van technologie bijvoorbeeld. Wat wordt er op dit moment ontwikkeld, wat maakt over een paar jaar ons leven beter? Daar ben ik meer mee bezig dan met een motorrijder die weer onder een vrachtwagen is beland. Hautekiet: Daarom is die context zo belangrijk. Om die te kunnen brengen moet een journalist met zijn twee voeten in een onderwerp staan. Björn Soenens en Rudi Vranckx zijn voor mij gidsen, maar kijken wel met een blik naar de wereld die je als luisteraar of kijker erkent. Debecker: Maar wij zijn zo biased en dat doet ons kansen missen. Mensen met roots in de Arabische wereld vertellen me dat ze afknappen op onze berichtgeving over het Midden-Oosten. Die bestaat alleen maar uit kommer en kwel. Ook uit de VS of Rusland hoor je zelden een positief verhaal. Wij zitten daar met grote ogen en stijgende verbazing naar te kijken, maar vergeten dat wij zelf in een even grote bubbel zitten. Hautekiet: Ik maak hetzelfde mee, maar dan op kleine schaal, in mijn contacten met Franstalige collega's. Zij kijken op dezelfde karikaturale manier naar de N-VA als wij naar de PS. Die partij is ook meer dan schandalen en gegraai, hè. Wat gaan jullie het meest missen aan het programma dat jullie nu maken? Hautekiet: Het team waar ik het mee heb gemaakt, punt. Debecker: Hetzelfde, maar ook het strakke tempo, de speelsheid en het lawaai. Op MNM mag ik er af en toe eens een jingle van een blaffende hond of een scheet tussen gooien. Dat moet ik op Radio 1 niet proberen. Hautekiet: (lacht) Laat die speelsheid toch maar niet helemaal achter.