Op 5 mei verloren honderdduizenden Vlamingen een collega op het werk. In landschapskantoren en op bouwwerven, in beenhouwersateliers en op architectenbureaus: van de ene dag op de andere bleef één collega pijnlijk afwezig. Misschien wel net hun béste collega. Omdat hij hen nooit tegensprak en omdat hij er...

Op 5 mei verloren honderdduizenden Vlamingen een collega op het werk. In landschapskantoren en op bouwwerven, in beenhouwersateliers en op architectenbureaus: van de ene dag op de andere bleef één collega pijnlijk afwezig. Misschien wel net hun béste collega. Omdat hij hen nooit tegensprak en omdat hij er altijd was. Elke dag trouw op post. Die post is Studio Brussel en die collega was Christophe Lambrecht, twee decennia lang hun compagnon de route tijdens Music@Work. De minzame metgezel van menige voormiddag. Man van weinig woorden, maar wel altijd de juiste. Wie het geluk had - zeg maar gerust: het privilege - om hem een persoonlijke vriend te mogen noemen, verloor meteen ook een béste vriend. Want zo aardig en innemend als hij was op de radio, zo zacht en beminnelijk was hij in het echt. Van niemand meer en betere knuffels gekregen dan van hém. Normaal zou hij nu De Warmste Week aan het regisseren zijn. Maar dit jaar is het zijn zoon Maurice (5) die het kacheltje van de liefdadigheid brandende houdt. Organiseerde een kinderfuif voor de Cardiologische Liga. En sprak het in één vloeiende beweging uit tegen de reporter van Het journaal. Car-di-o-logische Liga. Christophe, je zou zijn kapotgegaan van trots. Nonkel Tof. Lambi Bambi. Ik denk nog elke dag aan jou. Elke morgen als ik om negen uur de microfoon bij Radio 1 openschuif, vraag ik mij af: wat zou jíj zeggen? Hoe zou jíj vandaag de luisteraars begroeten? Met weinig woorden allicht, maar wel met de juiste.