Sinds enige tijd speel ik met het idee om weer romans te gaan schrijven. Zoals ik wel vaker heb geschreven, vind ik de meeste uitgeverijen helaas verzamelplaatsen voor hobbyisten, weirdo's en mensen die zelf graag zouden publiceren, maar er de visie en het charisma niet voor hebben.
...

Sinds enige tijd speel ik met het idee om weer romans te gaan schrijven. Zoals ik wel vaker heb geschreven, vind ik de meeste uitgeverijen helaas verzamelplaatsen voor hobbyisten, weirdo's en mensen die zelf graag zouden publiceren, maar er de visie en het charisma niet voor hebben. Dus dat ligt gevoelig. Een boek eist namelijk veel. Tijd, maar ook een stuk van je eigen vlees, een jaar zorgeloze slaap, hier en daar een relatie. En dan gooi je het resultaat niet zomaar op tafel bij eender wie. Het is een platgetreden pad intussen, de mening dat romans opgevolgd zijn door tv-reeksen. Ooit waren romans een soort soap en dienden zij vooral om de dames en gebeurlijke heren in de salons van de verveling te beschermen. Televisie heeft die rol natuurlijk al heel lang geleden overgenomen, maar het is tamelijk recent (intussen ook al niet meer zo recent) dat tv-fictie tot volle wasdom is gekomen en ook de thema's aandurfde die binnen het audiovisuele voordien aan de cinema waren voorbehouden. Je kunt die thema's 'literair' noemen, maar eigenlijk zijn het gewoon de thema's die met een zekere diepte over de menselijke conditie handelen. Dus ik denk niet dat reeksen de nieuwe romans zijn. Tv-reeksen kijken neemt vooral tijd in beslag. Tijd die anders naar gewone lineaire tv, een avond op café of inderdaad een boek was gegaan. Ik denk overigens dat het grootste slachtoffer van tv-reeksen een paar uur slaap is. Maar dit vind ik intussen zo mooi aan de roman: hij blijft tot nog toe onaangetast door technologie. Muziek streamen we via Spotify en films via Netflix - alles werd eerst een digitale schijf en dan gewoon data ergens op een server. Het e-book op een e-reader... Ja. Maar wie gebruikt dat in hemelsnaam? Nerds en mensen die drie maanden op reis gaan met een sowieso al zware rugzak. Ze pakken gewoon niet bij de massa, al die Kindle-achtige dingen. Wat de reden daarvoor ook precies moge zijn, daarin schuilt de magie van de roman. Een magie die voortdurend wordt aangevallen door het nog steeds compleet onbezonnen uitgeven van te veel, te slechte, te middelmatige en ronduit overbodige boeken en boekjes. Zeker niet alleen romans, want daar heeft tenminste altijd een schrijver zijn best voor gedaan, maar de rommel die waardig wordt geacht om een paar bomen voor te vellen... Daarover kan ik me blijven verbazen en opwinden. Als ik straks aan een nieuwe roman begin, dan zal het desondanks in de overtuiging zijn dat een goed geschreven, mooi uitgegeven roman een gek genoeg hypermodern product is. Een vluchtheuvel voor wie even niet in het stopcontact wil zitten, een antigif voor de soms ziekmakende en anders toch minstens afstompende oppervlakkigheid die ons niet alleen omringt maar ook voortdurend aanvalt op schermen allerlei. Leg die rommel opzij en hou het op de gloeilamp en de roman, in die combinatie beschikbaar sinds het laatste kwart van de negentiende eeuw. En daarna slaap je zo lekker.