'Tristan is een zondagskindje', legt Nulens uit. 'Hij doet waar hij zin in heeft. Hij heeft verschillende vriendinnetjes tegelijk, neemt zijn studies geneeskunde niet helemaal serieus, weet dat hij met alles wegkomt. Tot bij hem die kanker wordt vastgesteld.' Een lymfoom in de neus. Overlevingskans: 30 procent, net als bij Leander Verdievel, een van de scenaristen, die tegen de ziekte vocht toen hij de reeks schreef.
...

'Tristan is een zondagskindje', legt Nulens uit. 'Hij doet waar hij zin in heeft. Hij heeft verschillende vriendinnetjes tegelijk, neemt zijn studies geneeskunde niet helemaal serieus, weet dat hij met alles wegkomt. Tot bij hem die kanker wordt vastgesteld.' Een lymfoom in de neus. Overlevingskans: 30 procent, net als bij Leander Verdievel, een van de scenaristen, die tegen de ziekte vocht toen hij de reeks schreef. Je vond het heel belangrijk dat je voor die rol ook écht werd kaalgeschoren. Maarten Nulens: (knikt) Om dieper in de huid van Tristan te kunnen kruipen. Ik heb ook veel moeten afvallen. Maanden heb ik als kankerpatiënt geleefd. Dat leverde vreemde momenten op. Iedereen was plots vriendelijker. Of ik kwam een vriend tegen die mij gewoon voorbijliep. Ik was iemand anders geworden, en niet alleen uiterlijk. Toen mijn haar naar beneden dwarrelde, voelde ik mezelf een lijn oversteken, van gezond naar ziek. Vreemd, man. Maar ik heb alles over voor mijn droom, acteren. Je hebt een bepaald niet typisch cv voor een acteur. Een jaar geleden werkte je als werfleider in de bouw, je hebt verzekeringen gekocht... Nulens: Ik ben opgegroeid in een familie van zakenmensen en ben na mijn studies eerst aan de slag gegaan in een bankkantoor. Na twee jaar besloot ik om te leren acteren, maar al snel werd ik van de toneelschool getrapt. Ik belandde toch in Beau Séjour, maar daarna kreeg ik amper nog audities vast. Dat leverde pijnlijke gesprekken op met mijn ouders, die het moeilijk hadden met dat acteren. Uiteindelijk gaf ik hen gelijk, maar diezelfde week nog - ik zever niet - werd ik opgebeld voor een auditie voor Gevoel voor tumor. Dit zou mijn laatste kans worden, en ik zou er álles voor geven. Twee uur lang heb ik daar vier scènes gespeeld, van loodzwaar tot luchtig. Ik kreeg de rol. En geen makkelijke. Nulens: Dan komt inderdaad het moment dat je beseft: fuck, ik speel iemand met kanker. Het móést perfect zijn. Ik heb daarvoor ook met echte patiënten gesproken, zoals een zestienjarig meisje dat op de afdeling stamceltransplantatie in quarantaine zat. Kracht had ze amper nog. Toch had ze zich twee uur lang zitten opmaken, speciaal voor mij. Ze hoopte dat ze de reeks nog zou mogen meemaken. En dat ze ermee zou kunnen lachen. Want Gevoel voor tumor is niet gespeend van humor. Nulens: Denk nu niet dat dit een reeks vol platte humor wordt, maar tussen alle zwaarte is er bijvoorbeeld ook nog 'piemelbingo'. Tristan zit in een rugbyteam. Die gasten - echte rugbyspelers trouwens - hadden er een sport van gemaakt om in elk beeld op en rond het veld minstens één piemel te verstoppen. Zelfs in de scène waarin Tristan zijn ploegmaats vertelt dat hij kanker heeft, zag ik in mijn ooghoek nog een lul uit een sportshort bengelen.