'Ik ben een redder van de natie. Gedropt in chaos. Met als missie: alle vaderlandlozen redden.' Junior Mthombeni zingt/zegt de zinnen met een trillend lijf - gekleed in een los wit hemd en dito broek - en gesloten ogen terwijl hij over de strook met witte klei schuifelt die vlak voor de eerste toeschouwersrij ligt. Die klei, een gouden idee van scenograaf Stef Stessel, kleeft alle scènes tot een statement aan elkaar.
...

'Ik ben een redder van de natie. Gedropt in chaos. Met als missie: alle vaderlandlozen redden.' Junior Mthombeni zingt/zegt de zinnen met een trillend lijf - gekleed in een los wit hemd en dito broek - en gesloten ogen terwijl hij over de strook met witte klei schuifelt die vlak voor de eerste toeschouwersrij ligt. Die klei, een gouden idee van scenograaf Stef Stessel, kleeft alle scènes tot een statement aan elkaar. Mthombeni deelt de scène met drie muzikanten: multi-instrumentalist Cesar Janssens, gitarist Arne Demets en toetsenist Pieter van Bogaert. De drie verschuilen zich soms achter witte maskers - als zijn ze 'de maskers van de voorouders' waarover Mthombeni het vaak heeft - en bespelen een indrukwekkend arsenaal van instrumenten. Van drums, elektrische gitaren, akoestische gitaar, conga's, synthesizer tot enkele door Janssens ontworpen instrumenten die het midden houden tussen zwarte box, beeldende kunst met fietsbanden en een 'theremin' (het instrument dat geluid maakt doordat iemand zijn handen beweegt doorheen het energetische veld tussen twee antennes). Er staat ook een resem megafoons, als om de dringendheid van Mthombeni's woorden te benadrukken.De muziek is de zuurstof van Mthombeni. In deze voorstelling en in zijn leven, dat vertelde hij onlangs aan Knack en dat bewijst hij ten volle in dit stuk. Geruggensteund door de muziek en schuifelend voor de klei vertelt/zingt hij over een allesbehalve zorgeloze jeugd met 'VADERLANDLOOS' op de identiteitskaart en in een bont gezin met ouders - vader is politiek vluchteling uit Zuid-Afrika, moeder is Belg - die Café Jambo in Mechelen uitbaatten. Dat bleek een plek waar véél muziek werd gespeeld én veel meningen werden verkondigd over, bijvoorbeeld, het strijden tegen racisme, fascisme en apartheid en waar erg genoten werd van drank en drugs. Intussen groeiden Mthombeni en zijn zus op onder supervisie van hun dove grootmoeder die ze 'bomma' noemden.Dankzij die bomma doet Mthombeni wat te weinig gebeurt op de podia: de Vlaamse Gebarentaal erkennen en inzetten als taal waarmee je op een podium iedereen - horenden en slechthorenden - kan ontroeren. Dat bewijst Mthombeni met een prachtige scène waarin hij met die gebarentaal het levensverhaal van zijn bomma vertelt die, verstopt in het kolenhuis, beschutting zoekt tegen de oorlog en tegen een dronken echtgenoot... De heftigste momenten - zoals de herinnering aan een verslaving of de vlucht van zijn vader - vertaalt hij naar muziek of dans. En de grote transformatie van de feestende en aanmodderende Mthombeni naar de verantwoordelijke Mthombeni die al theater makend in de idealistische en activistische voetsporen van zijn vader treedt, levert een beeldschone kleiscène op waarin Mthombeni als een klein, wanhopig jongetje in de klei zit én er herboren uit opveert.VADERLANDLOOS ontwapent door de eerlijkheid, de schwung waarmee Mthombeni op de kleiige scène staat én dankzij de live muziek vol good vibes. De jazzy slotsong Do You Know doet wat Mthombeni misschien wat meer had kunnen doen: uitzoomen en tonen hoe elk levensverhaal ook het gevolg is van keuzes die wereldleiders en lokale overheidsinstanties maken. Mthombeni klinkt en oogt bevrijdt van alle demonen die zijn jeugd teisterden. Besmeurt met klei en gekleed in donkere broek en los, kleurig hemd belichaamt hij in de slotscne de hoop van vele vaderland- en thuislozen. Helaas vinden die mensen de weg naar de zaal (nog) niet, zo bewees de halflege zaal op zaterdagavond 13 november...