Wanneer Ramble Song start, ga je kopje-onder in de ruis die te zien is op het cirkelvormige scherm dat boven de cirkelvormige houten tribune hangt. Dat je je zo gewillig verliest in die ruis heeft alles te maken met het clubje muzikale toppers dat in het midden van de cirkel zit.
...

Wanneer Ramble Song start, ga je kopje-onder in de ruis die te zien is op het cirkelvormige scherm dat boven de cirkelvormige houten tribune hangt. Dat je je zo gewillig verliest in die ruis heeft alles te maken met het clubje muzikale toppers dat in het midden van de cirkel zit. Componist en basgitarist Peter Van Laerhoven (onder meer bekend van de soundscape die de ziel kleurde van Fien Trochs drama Een ander zijn geluk) laat zich flankeren door jazzdrummer Eric Thielemans, gitarist Tim Coenen en celliste Tine Hubrechts. Ze laten hun muziek stappen, grienen, stampvoeten en golven. Zachtjesaan, de muziek gaat gewoon door, verschijnt uit alle ruis de Noordzee. Uit die Noordzee doemt een sloepje op. In dat sloepje zit een man, met een knalgele jekker aan. Door de muziek voel je meteen dat die scène zich afspeelt tussen het leven en de dood. Een mysterieuze trompet die ineens opduikt (hoe verklappen we niet), bevestigt dat gevoel. Al surfend op de melancholie van panoramische shots en de innemende soundscape vertelt Berlin - bestaande uit Yves Degryse en Bart Van Baele - een aandoenlijk gedicht met licht, klank, enkele woorden die op het scherm verschijnen en feeërieke fantasie. Alsof de zee zingt. Het zeetafereel opent en sluit de voorstelling. Daartussen worden andere scènes gemonteerd die even bevreemdend zijn maar niet altijd even pijlsnel de weg naar je hart vinden. Een scène in een kleurige Amerikaanse snackbar is qua kleurenpalet een parel maar oogst weinig meer dan wat gefrons. Dat geldt ook voor een scène waarin een man zijn graf graaft of die waarin een weduwnaar het 'dood zijn' oefent nadat zijn geliefde overleden is. Hoe secuur die scènes ook gecomponeerd zijn, hun impact is minder sterk dan de taferelen waarin Berlin resoluut voor het intieme verbeelden van de grootse emoties gaat. Zoals een scène in een ziekenhuis waarin een oude man tracht te sterven of een vrouw die voor de spiegel staat en haar littekens telt. Dan haken film en muziek feilloos in elkaar. Berlin brengt al sinds 2003 de bevreemdende realiteit in beeld, vaak geflankeerd door livemuziek of livespel. Nu leggen ze de realiteit naast zich neer en ensceneren fictieve bevreemding. Dat werkt pas als die enscenering het hypnotiserende ritme van de muziek volgt. In de andere gevallen doe je wat de camera tijdens het eerste zeetafereel doet, je laat je oog zakken van de hemel (het scherm) naar de aarde (de vloer) waar de maestro's zitten en je geniet van hun geweldige muziek - flanerend langs jazz, krautrock en elegant klassiek - die doet dromen, dralen, dansen en denken aan die ruiszone tussen het leven en de dood.