Een wat stuntelige jongen dekt minutieus een tafel waarop een wit laken ligt. Dat lukt hem niet zo goed, maar uiteindelijk slaagt hij erin het servies netjes uit te stallen. De zaal moet er al om grinniken, tot een vrouw achter mij heel hard begint te lachen. Zij heeft het als eerste door: die jongen gaat proberen om het tafellaken weg te trekken zonder de borden, kopjes en het bestek op de grond te laten vallen. Als hij dat uiteindelijk ook echt doet, mislukt hij, uiteraard, faliekant. Dat houdt hem niet tegen: tijdens de voorstelling zal ...

Een wat stuntelige jongen dekt minutieus een tafel waarop een wit laken ligt. Dat lukt hem niet zo goed, maar uiteindelijk slaagt hij erin het servies netjes uit te stallen. De zaal moet er al om grinniken, tot een vrouw achter mij heel hard begint te lachen. Zij heeft het als eerste door: die jongen gaat proberen om het tafellaken weg te trekken zonder de borden, kopjes en het bestek op de grond te laten vallen. Als hij dat uiteindelijk ook echt doet, mislukt hij, uiteraard, faliekant. Dat houdt hem niet tegen: tijdens de voorstelling zal hij nog twee pogingen ondernemen om hetzelfde te doen, met even weinig succes. De helft van het servies komt altijd weer op de grond terecht.Lang geleden dat ik zo hard heb zitten lachen als toen ik in de Monty Zonder toestemming zag.De Theatertroep, een Nederlands theatercollectief, maakt altijd zulke geestige voorstellingen. Vorig najaar zag ik er ook al eentje. Meestal is het een reeks van gedichten, sketches en teksten van andere makers: in deze voorstelling zat ook iets van Toon Hermans en Little Britain. 'Al een tijdje onderzoekt dit tienkoppige collectief het vaudevillegenre, om het op eigen wijze te beoefenen', schreef de Volkskrant naar aanleiding van Zonder toestemming. Ik had het zelf niet interessanter kunnen formuleren. Lachen, dus.Het werk van De Theatertroep is een bewijs van veel talent. Subtiel zijn in de uitvergroting kan niet iedereen. Ik zag onlangs ook de Winterrevue van Stany Crets: anderhalve keer heb ik gelachen. Humor is vaak moeilijker voor acteurs dan drama. Maar het is vooral verrassend om te zien dat uitgerekend jonge acteurs zulke voorstellingen maken. De Theatertroep wil theater niet per se helemaal opnieuw uitvinden, ze hoeven niets te zeggen over de tijd waar we toevallig in leven. Ze bestormen zelfs niets of niemand. Mensen enkel willen doen lachen, is van een ontroerende eenvoud. Daar is vandaag durf voor nodig.Maar het kan niet alle dagen feest zijn. Toen ik twee weken geleden in dit blad het interview met Stef Aerts van FC Bergman las over JR, hun nieuwe voorstelling, begon ik daar al een beetje tegenop te kijken. De pretentie loopt ervanaf: het stuk duurt vier uur, speelt ergens in een uithoek van Schelle en is gebaseerd op een cultroman van William Gaddis waar maar weinig mensen ooit helemaal doorheen zijn geraakt. Dat boek is een kritiek op het kapitalisme, maar van hun voorstelling willen de Bergmannen dat niet gezegd hebben, want dat is hen niet 'origineel' genoeg. Misschien wordt JR geweldig, natuurlijk. En anders doe ik zondag mijn ogen toe en denk ik aan die jongen die dat tafellaken probeerde weg te trekken.