The Play = Conversations (At the end of the world)
...

Acteurs José Kuijpers, Jan Steen, Johan Leysen en Jeroen Van der Ven en pianist Marino Formenti zitten op het podium en staren naar het publiek dat de zaal binnenwandelt. Achter de vijf performers liggen enkele grijze heuvels. Het lijken heuvels van steenkool of as. Als je dichterbij komt, merk je dat het heuvels van grijze piepschuimbolletjes zijn. Die bolletjes worden vanuit een gigantische oplegger (geparkeerd aan de achterzijde van het theater) de scène opgeblazen. Tijdens de eerste scènes is alles rustig en stil. De heuvels liggen er, de vier acteurs vertellen elkaar de meest absurde verhalen. Leysen zet volop in op de zinderingen van zijn zachte, warme stem. Steen en Van der Ven gaan voorzichtig de slapsticktoer op, Kuijpers beweegt zich daar tussenin. Ze vertellen, bijvoorbeeld, over een onbestaande man die een onbestaande fles geestrijke drank drinkt en over een wanhopige moeder die haar ene dochter voedert met plakjes van haar ander kind. Die vreemde, korte verhaaltjes worden afgewisseld met pittige (of net heel zachte) pianomuziek, live gebracht door Formenti. En voorts zijn er stiltes. Veel stiltes. Want wat doet een mens die wacht op het einde? Eerst raaskallen (al zitten er parels van zinnen tussen dat geraaskal, zoals 'ik voel op dit moment de tijd gaan'), vervolgens wachten in stilte. Eerst is dat gewoon een stilte waarin de acteurs voor zich uit staren. Later wordt het een 'ruisende stilte' want dan regent het piepschuimbolletjes. Dat levert een prachtig scènebeeld op. De vier acteurs en de pianist worden langzaam opgeslokt door het piepschuimen landschap. Dat de performers net voor ze opgeslokt worden grote, vilten maskers dragen (een soort zwarte, ronde eivormige maskers waarop met witte details een gezicht wordt gesuggereerd) maakt alles nog absurder en tijdlozer. Zo slaagt Verdonck erin een machtig mooi, fantasierijk, geestig scènebeeld te creëren dat tevens onze grootste en steeds concreter wordende angst verbeeldt: het einde van de wereld meemaken, overstroomd worden door troep.Ontroeren doet dit stuk pas buiten de theaterzaal. Dan kan je de adembenemende scènebeelden - beeldende kunst op de planken, is het - aan de werkelijkheid toetsen. De voorstelling ging in (Belgische) première in het Kaaitheater in Brussel. Dat theater ligt vlak naast de Citroëngarage die de komende tijd een make-over tot museum voor moderne kunst krijgt. De achterkant van het gebouw, uitkijkend op de Akenkaai, heeft enkele hoge ramen met brede vensterbanken. Op een van die vensterbanken lag zaterdagavond een dakloze man. Toen hij me zag, dook hij weg in zijn bed van karton. En ook ik keek snel de andere kant op. Wegduiken van de ellende lost nochtans niets op. Ook dat maakt Verdonck met Conversations (at the end of the world) fijntjes duidelijk op een zeldzaam schone, uitgepuurde en gek grappige manier.Smaakmaker: