Kent u Johan Dehollander nog? Neen? Niet erg. Wij waren hem ook bijna vergeten. De man is een ervaren theaterrot die vooral de voorbije decennia furore maakte (onder meer als compagnon van Luk Perceval, Jan Lauwers en Arne Sierens) maar zich dezer dagen vooral in het RITCS verschanst als docent. Tot het Mechelse theater Arsenaal/Lazarus hem uit zijn schuilplaats lokte met een heus well-made play. Meer bepaald: Race van David Mamet, een stuk uit 2009.

Dehollander hapte toe, legde (samen met coregisseur Aurelie di Marino en scenograaf Stef Stessel) een witte balletvloer op de scène en pootte daar vier geweldige acteurs op: Aminata Demba, Gorges Ocloo, Jeroen Van der Ven en Dirk Van Dijck. Samen vertolken zij het verhaal van de blanke man Charles Strickland die voor zijn zaak - hij heeft een zwart meisje aangerand - beroep doet op een advocatenduo waarvan een advocaat zwart is. That's it. Maar het overdenken van de zaak zorgt voor danig wat animo onder advocaten Jack Lawson en Henry Brown (die zwart is) en de beginnende advocate Susan (die eveneens zwart is). Er wordt een verbale strijd gevoerd waarin racistische en seksistische vooroordelen over en weer vliegen.

'Dat Demba en Ocloo zelf zwart zijn, maakt dat ze met een extra urgentie op de scène staan. Elke repliek uit hun mond vonkt.'

Hoe houd je zo een verbaal steekspel - bijna een rechtbankdrama - spannend op de vloer zonder camera die overal op inzoomt? Door alsnog een camera te gebruiken, misschien? Dat zou een logische stap zijn, maar aan logica doen Dehollander en Di Marino niet. Zij laten de acteurs zo 'naakt' (figuurlijk) mogelijk acteren en laten de personages constant clashen met elkaar. Dat Demba en Ocloo zelf zwart zijn, maakt dat ze met een extra urgentie op de scène staan. Elke repliek uit hun mond vonkt. Al spelen Van der Ven en Van Dijck evengoed de pannen van het dak. Bovendien weten de vier - door schalkse blikken, guitige pasjes en droge terzijdes met een elektrische gitaar - luchtigheid in hun spel te brengen zónder de ernst van de inhoud te ondergraven.

IJzersterk, vermakelijk én confronterend toneel dat het publiek (eindelijk nog eens) verwend met een vrij getrouwe maar rockende opvoering van een stevig repertoirestuk

Het maakt Race tot ijzersterk, vermakelijk én confronterend toneel dat het publiek (eindelijk nog eens) verwend met een vrij getrouwe maar zinderende opvoering van een stevig repertoirestuk dat na zijn wereldpremière in 2009 helaas niets aan actualiteit heeft ingeboet. Bovendien is het ook spannend theater dat zonder poeha én met gevoel voor fijne (spel)humor geregisseerd is door iemand die het klappen van de zweep na al die jaren allerminst verleerd is.

Race is nog tot 14 december door Vlaanderen. Alle info: www.arsenaallazarus.be

Kent u Johan Dehollander nog? Neen? Niet erg. Wij waren hem ook bijna vergeten. De man is een ervaren theaterrot die vooral de voorbije decennia furore maakte (onder meer als compagnon van Luk Perceval, Jan Lauwers en Arne Sierens) maar zich dezer dagen vooral in het RITCS verschanst als docent. Tot het Mechelse theater Arsenaal/Lazarus hem uit zijn schuilplaats lokte met een heus well-made play. Meer bepaald: Race van David Mamet, een stuk uit 2009.Dehollander hapte toe, legde (samen met coregisseur Aurelie di Marino en scenograaf Stef Stessel) een witte balletvloer op de scène en pootte daar vier geweldige acteurs op: Aminata Demba, Gorges Ocloo, Jeroen Van der Ven en Dirk Van Dijck. Samen vertolken zij het verhaal van de blanke man Charles Strickland die voor zijn zaak - hij heeft een zwart meisje aangerand - beroep doet op een advocatenduo waarvan een advocaat zwart is. That's it. Maar het overdenken van de zaak zorgt voor danig wat animo onder advocaten Jack Lawson en Henry Brown (die zwart is) en de beginnende advocate Susan (die eveneens zwart is). Er wordt een verbale strijd gevoerd waarin racistische en seksistische vooroordelen over en weer vliegen.Hoe houd je zo een verbaal steekspel - bijna een rechtbankdrama - spannend op de vloer zonder camera die overal op inzoomt? Door alsnog een camera te gebruiken, misschien? Dat zou een logische stap zijn, maar aan logica doen Dehollander en Di Marino niet. Zij laten de acteurs zo 'naakt' (figuurlijk) mogelijk acteren en laten de personages constant clashen met elkaar. Dat Demba en Ocloo zelf zwart zijn, maakt dat ze met een extra urgentie op de scène staan. Elke repliek uit hun mond vonkt. Al spelen Van der Ven en Van Dijck evengoed de pannen van het dak. Bovendien weten de vier - door schalkse blikken, guitige pasjes en droge terzijdes met een elektrische gitaar - luchtigheid in hun spel te brengen zónder de ernst van de inhoud te ondergraven. Het maakt Race tot ijzersterk, vermakelijk én confronterend toneel dat het publiek (eindelijk nog eens) verwend met een vrij getrouwe maar zinderende opvoering van een stevig repertoirestuk dat na zijn wereldpremière in 2009 helaas niets aan actualiteit heeft ingeboet. Bovendien is het ook spannend theater dat zonder poeha én met gevoel voor fijne (spel)humor geregisseerd is door iemand die het klappen van de zweep na al die jaren allerminst verleerd is.