De avond waarop in Hasselt enkele hulpverleners bont en blauw werden geslagen door een dronken patiënt, werd in Oostende een ode gebracht aan deze hulpverleners. Die ode werd neergepend door Arne Sierens, zich inspirerend op de urenlange gesprekken die hij voerde met Gentse brandweerlieden.
...

De avond waarop in Hasselt enkele hulpverleners bont en blauw werden geslagen door een dronken patiënt, werd in Oostende een ode gebracht aan deze hulpverleners. Die ode werd neergepend door Arne Sierens, zich inspirerend op de urenlange gesprekken die hij voerde met Gentse brandweerlieden. Op de speelvloer - tegenover een 'skyline' uit gebrand metaal, een mooi decorbeeld van Guido Vrolix - staan Veerle Malschaert als ambulancier Isabelle, Mareille Labohm als de stagiaire-ambulancier Randy, Willy Herremans als de afscheidnemende en gepensioneerde brandweerman Willy en de potige brandweerman Jeremi. Die laatste wordt met schwung en ijzersterk vertolkt door Stefaan De Winter die zich ontpopt tot de motor van deze voorstelling. De Winter ijsbeert, zingt, grapt, tuurt in het publiek, vertelt, huilt, roept en gebruikt handen en voeten om zijn personage een ziel te geven. Dat lukt fantastisch goed. Ook Malschaert slaagt daar sterk in. Malschaert is ook stand-upcomedian en die ervaring schakelt ze hier feilloos in om ad rem in te spelen op publieksreacties. Het werkt voortreffelijk. Helaas werkt niet alles aan de voorstelling even vlot. De vier personages, samengekomen om het 112-jarige bestaan van hun brandweerkazerne te vieren én de grote groep nieuwe vrijwilligers - het publiek - te verwelkomen en op te leiden, vormen geen hechte groep die met liefde en leed gesmeed is. Hoe hecht ze hun band als collega's ook in de verf zetten, hoe sterk ze elkaar ook steunen wanneer een van hen een ontluisterend verhaal over een interventie vertelt.'Vertel eens', wordt iets te vaak als brug naar een volgende scène ingezet. Dat toont dat de verweving van de verhalen van de personages intenser had gekund. De voorstelling is absoluut onderhoudend, deels ook dankzij de muzikale intermezzi. De acteurs staan met vuur op de scène. Dat vuur flakkert te veel omdat de verhalen van de vier personages nooit tot een woeste brand uitbreken. Maar, met deze ploeg - en dan vooral Malschaert en De Winter - lijkt Sierens terug enkele straffe acteurs rond zich te verzamelen die zijn teksten kunnen laten opvlammen. Uitkijken naar meer en beter werk van deze bende!