'Het lijkt wel of de prime minister naar hier komt, hè', zegt Samuel Vekeman (23), binnenkort beter bekend als Sam Renascent. De University of West London, waar de Congolese Antwerpenaar sinds anderhalf jaar school loopt, wandel je inderdaad niet onopgemerkt binnen. Voor onze komst moesten we een 'general risk assessment' invullen, ter plekke wordt beslag gelegd op enkele persoonlijke gegevens.
...

'Het lijkt wel of de prime minister naar hier komt, hè', zegt Samuel Vekeman (23), binnenkort beter bekend als Sam Renascent. De University of West London, waar de Congolese Antwerpenaar sinds anderhalf jaar school loopt, wandel je inderdaad niet onopgemerkt binnen. Voor onze komst moesten we een 'general risk assessment' invullen, ter plekke wordt beslag gelegd op enkele persoonlijke gegevens. Deze school heeft dan ook een fameuze legacy, zo leert een wandeling door de gangen van het gebouwencomplex in Ealing, West-Londen. Op een wall of fame pronken foto's van enkele van de beroemdste alumni: Ronnie Wood van de Stones, Pete Townshend van The Who en wijlen Freddie Mercury, naar wie hier zelfs een universiteitscafé genoemd is. 'Lover of life, singer of songs', luidt het bijschrift bij een ingelijste foto van hem in de gangen. En dan moet u weten dat Mercury hier destijds, toen de universiteit nog het Ealing Art College was, geeneens muziek studeerde, maar grafische kunst. Sam Vekeman geniet wél een muziekopleiding. Hij volgt popular music performance - vocals and music production. 'Alles heeft hier heel veel titels', lacht hij. 'Ook weer typisch Londen.' *** Veel is er op het internet niet te vinden over Vekeman, die als Sam Renascent urban elektropop maakt, maar dan met een Afrikaans tintje. Dat heeft alles te maken met de marketingstrategie die zijn label V2 Records Belgium heeft opgezet. In de aanloop naar zijn net geloste eerste single Kobotama was er een teasercampagne, bestaande uit een filmpje van nauwelijks twintig seconden en een reeks posters, waarmee cultuurhuizen en cafés over het hele land beplakt werden. 'This is Sam', veel meer staat er niet op. Het doet wat denken aan de 'who the hell is Stromae?'-affiches die in 2015 de straten van de VS sierden, om de Amerikanen warm te maken voor Stromaes shows op South by Southwest en Coachella. Maar who the hell is die Sam Renascent eigenlijk?Samuel Vekeman: Een jaar of vier vijf geleden was ik nog MC bij een Antwerps funkbandje genaamd Three Guys and a Horsehead - vergis je niet: we waren met een man of zes, zeven (lacht) - en bij de Belgische dj's Brownz en Requake. Met hen heb ik op grote festivals als Tomorrowland, Laundry Day en Best Kept Secret gespeeld, en in de nachtclub Razzmatazz in Barcelona. Geweldige tijden, maar ondertussen was ik ook veel eigen muziek aan het schrijven. De beslissing om daar vol voor te gaan heb ik gemaakt toen ik op mijn achttiende naar Congo reisde, het land van mijn biologische ouders. Daar ben je geboren? Vekeman: Ja. In Matete, een buitenwijk van Kinshasa. Tot ik als peuter, op mijn tweede, bij een adoptiegezin in Antwerpen terechtkwam, heb ik daar geleefd. Ik herinner me amper iets van die tijd. Er is me wel één beeld bijgebleven: dat van een oud, gevangenisachtig gebouw met veel ramen en een koer met een boom in het midden. Mijn biologische ouders hadden geen geld, en ik was als baby vaak ziek, dus heb ik een tijdje in een kinderopvangcentrum verbleven. Misschien is het dat centrum dat ik voor me zie. Al kan het ook zijn dat ik dat beeld gewoon in mijn hoofd gevormd heb. Was het confronterend om op je achttiende terug te gaan naar je geboorteland, en naar de ouders die je nooit gekend hebt? Vekeman: Dat was wel een slap in the face, ja. Ik beschouw mijn Antwerpse ouders en mijn twee Antwerpse broers als mijn echte familie, maar ik heb altijd wel willen weten waar ik nu werkelijk van afkomstig ben. Ik zat met veel vragen. Het is mijn adoptiepapa die zei: 'Pas als je achttien bent, gaan we naar Congo.' En dat hebben we dus gedaan, weliswaar zonder hem: hij is in 2009 overleden aan een slepende ziekte. Heb je antwoorden gekregen op je vragen? Vekeman: Goh. Ik kwam plots in de derde wereld terecht. Dat, en het besef dat ik daar zélf vandaan kom en er nog steeds veel familie heb, was toch wel speciaal, om niet te zeggen emotioneel. Gelukkig was ik goed omringd. Mijn Belgische moeder, mijn meter en peter, mijn broer, mijn beste vriend: ze zijn allemaal meegegaan. Gelukkig maar. Ik weet niet of ik het zonder hen had aangekund. Hoewel je op je achttiende volwassen heet te zijn, besefte ik toen vooral hoe klein ik eigenlijk nog was. Waarom heb je daar en dan besloten om alles op je muziek te zetten? Vekeman: Omdat ik me ginder pas echt realiseerde dat ik als enige van mijn Congolese familie alle kansen heb gekregen, omdat ik de enige geadopteerde ben. Die kansen wil ik grijpen. 'Let's go for it', dacht ik, ik voelde me herboren. Vandaar de artiestennaam Sam Renascent, van renascentium, het Latijnse woord voor wedergeboorte. Toen ik van die trip terugkwam, heb ik Kobotama geschreven, mijn eerste single. Ook dat Lingala-woord staat voor 'herboren zijn'. De song gaat over mijn twee papa's. Mijn Belgische vader droeg altijd een gouden horloge, dat ik na zijn overlijden doorgegeven heb aan mijn biologische vader. Alsof ik wilde zeggen: 'Zijn tijd is voorbij, nu is het aan u.' Dat ik in de eerste zin van het nummer 'what is the value of time?' zing, is dus niet toevallig. Kobotama klinkt misschien heel joyful, voor mij is het een zwaar nummer. Elektropop, urban, wereldmuziek: Kobotama is een melange van veel stijlen. Wie zijn je grote voorbeelden? Vekeman: Mijn muzikale interesse werd gewekt door Pink Floyd, Led Zeppelin, Deep Purple en andere oude rockbands uit mijn vaders platenkast. En momenteel gaan mijn invloeden van Mount Kimbie, Bonobo en Lorde over de afrobeat van Fela en Femi Kuti tot de hele hiphophorde, met Kanye, Kendrick, Jay Z, NWA, GZA. In februari deel je het podium van Trix met onder meer Blackwave en Dvtch Norris, kroonprinsen van de Antwerpse hiphopscene. Vekeman: Ook vóór hen was er al een urbanscene in Antwerpen, hoor. Maar het is wel zo dat die nieuwe generatie plots bij majorlabels is gaan tekenen, en dus uit de underground is getreden. Dat is een wereldwijd fenomeen, overál is hiphop de nieuwe pop aan het worden. Je merkt het niet alleen aan het succes van Kendrick Lamar, maar evengoed aan de laatste plaat van Taylor Swift, die bulkt van de urban beats. Ik vind ze geweldig, echt waar. Waarom ben jij eigenlijk naar Londen verkast? Vekeman: Het was niet de eerste keer dat ik zei: 'Ik ben weg, bye.' Al tijdens mijn opleiding aan de kunsthumaniora in Antwerpen heb ik een semester afro-latin jazz gevolgd in New Jersey. Nadien ging het naar het Conservatorium van Amsterdam, waar Tamino ook gezeten heeft. En nu zit ik dus in Londen. Er is altijd méér te ontdekken, hè. Buiten mijn comfortzone treden, daar ben ik nooit vies van geweest. En hier heb ik twee Britse producers gevonden met wie ik een goeie klik heb (Pete Hutchings, die met Adele en Florence and the Machine heeft gewerkt, en Steve Osborne, knoppendraaier bij New Order, Elbow en KT Tunstall, nvdr.) en betrek ik een prachtig bommahuis in Wembley. (lacht)Londen is heel multicultureel en open-minded. Als een banker naast een Punjabi op de metro zit, zal niemand daar vreemd van opkijken. Met racisme heb ik hier dan ook nog niet te maken gehad. Dat is in België of Nederland wel even anders. Daar is me weleens de toegang tot een club ontzegd, of heb ik in een discotheek waar ik moest spelen weleens van de plaatselijke geluidsman, die vond dat de soundcheck sneller mocht, te horen gekregen dat 'het hier Afrika niet is, hè, neger'. Maar begrijp me niet verkeerd, ik kom nog iedere maand met plezier op bezoek in België, voor mijn familie en mijn label. Ik ga mezelf ook heus niet als een internationale artiest profileren, enkel en alleen omdat ik in Londen woon. Ja, ik wil hier blijven zo lang als ik kan, maar ik ben en blijf een Belgische gast. En dus ligt mijn focus eerst op het zachtjes veroveren van de Benelux. (lacht)*** Zo meteen wacht hem een examen zang en productie. Voor het zover is, gaat hij al even de stembanden smeren bij zangcoach David Laudat, die ooit nog de Spice Girls, All Saints en zelfs Tahliah Barnett begeleidde - die laatste voor én terwijl ze onder de nom de plume FKA Twigs de it-girl van de alternatieve r&b werd. 'He's got fire in his ass', zegt Laudat over Vekeman. 'Sam kwam hier toe met een gedrevenheid die groter is dan die van de gemiddelde student. Hij heeft een eigen stijl, hij heeft smaak, hij heeft attitude en er zit een zekere frisheid in zijn producties. Tegelijkertijd is hij nog volop aan het bijleren, zijn stem aan het zoeken. Want die eigen single is niet het eindpunt voor hem, het is nog maar het begin.' In een zaaltje ter grootte van de AB Club, waar de examens plaatsvinden, zingt een meisje een lauwe versie van Katy Perry's Hot N Cold en vecht een zichtbaar nerveuze gitaarstudent zich door Comfortably Numb van Pink Floyd en Hey Joe van Jimi Hendrix, die op tape meelopen. En dan komt Sam Renascent, met zijn geheel eigen repertoire, waarbij hij zichzelf begeleidt op toetsen, drumt en rapt à la Anderson Paak en het podiumbeest uithangt tijdens een knallend Kobotama. Eén ding is zeker: hoger zal het energiepeil die dag niet meer raken. Is een nieuwe ster geboren - of liever: herboren?